Banner

A Place To Bury Strangers

28 mei 2008, Botanique

Koen Diddens - foto's: Thomas van der Aa - 29 mei 2008

Over de kleine en grote plas is A Place To Bury Strangers een behoorlijke sterke reputatie aan het opbouwen, maar hier lijkt de hype nog niet echt doorgedrongen. Slechts een vijftigtal toeschouwers zijn aanwezig voor het eerste concert op Belgische bodem van het New Yorkse trio, dat te weinig laat zien om al die buzz te verantwoorden.

A Place To Bury Strangers tekende vorig jaar voor een erg leuke debuutplaat, die herinneringen oproept aan de eighties new wave van onder meer Joy Division en The Cure. Popmelodieën worden abrupt onderbroken door luide uithalen van gitaargeweld vol distortion en feedback, terwijl de donkere teksten van zanger Oliver Ackermann zich een weg door al het muzikaal geweld proberen te galmen. Een gimmick of niet? Deze liveshow moet uitsluitsel brengen.

Het wordt snel duidelijk dat de vergelijking met voornoemde groepen live niet opgaat. Dit is geen new wave meer, maar onversneden noise. Op plaat is gitarist en pedalenfreak Oliver Ackermann de grote bezieler, live steunt de groep op een ijzersterke ritmesectie, met dank aan bassist Jonathan "Jono MOFO" Smith en drummer Jay Space. Die laatste mept zich een hele set lang het melkzuur uit het lijf, waarbij je hem bij het aanzien van zoveel pijnlijke grimassen uit zijn lijden zou willen verlossen. Soms wordt hij nog bijgestaan door een drummachine, wat de intensiteit enkel verhoogt.

De toeschouwers een overdonderende trip bezorgen, dat is al wat de heren van A Place To Bury Strangers voor ogen hebben. De geluidsmuur wordt begeleid door bevreemdende visuals en het laatste kwartier krijgen we zelfs een continu lopende stroboscoop voorgeschoteld, terwijl de interactie met het publiek als onbestaande omschreven kan worden. Nummers zijn dan weer nauwelijks te herkennen: braafjes de debuutplaat te overlopen, is aan deze band niet besteed. We knikten wel goedkeurend bij "Missing You", dat ook live staat als een huis, terwijl het op de plaat naar darkwave neigende "The Falling Sun" quasi onherkenbaar de revue passeert als een snoeiharde brok rock-’n-roll.

"Ocean", net als op de plaat de afsluiter, ontaardt in een geluidsbrij vol distortion en drumgeweld, duidelijk toewerkend naar een climax die het publiek wezenloos achterlaat. Geen bisnummers, zodat we na minder dan drie kwartier alweer buiten staan, nog wat genietend van de ondergaande lentezon, wat dit ongetwijfeld het kortste concert maakt dat we dit jaar zullen zien.

A Place To Bury Strangers was zeker boeiend maar ook niet meer dat, waardoor we toch weer de vraag moeten stellen waar al die drukdoenerij eigenlijk voor nodig is. Qua attitude zit het wel snor, nu nog songs die ook live blijven plakken.

E-mailadres Afdrukken