Banner

Pauzefestival

29 november – 1 december 2007, Vooruit

Jurgen Boel - 03 december 2007

Voor het derde jaar op rij organiseert het Gentse label (K-RAA-K)³ in samenwerking met de Vooruit en Odradek een driedaags festival dat de multimediale grenzen verkent. Workshops, films en optredens van groepen uit de marge gaan opnieuw hand in hand.

Dit jaar staat de eerste dag van het festival in het teken van improvisatie en performance. Vanuit muzikaal oogpunt diverser dan dag twee, maar ook een pak interessanter en boeiender, zoals later nog zal blijken. Vrijdagavond was dé avond van het concertluik. Nochtans werd er voorzichtig gestart met Climax Golden Twins. De groep, die goed bevriend is met het legendarische Sun City Girls, timmert al sinds medio jaren negentig aan de weg en heeft -- zoals wel vaker in deze kringen -- meer releases op zijn naam staan dan men menselijk mogelijk acht.

Climax Golden Twins weet deze avond echter geen set lang te boeien maar mixt op zijn hoogtepunten wel psychedelische stoner met stokoude blues en intrigerende improvisatie-uitspattingen. Het laatste kwartier is zelfs zonder meer indrukwekkend te noemen en laat horen hoe zin voor experiment gekoppeld kan worden aan min of meer reguliere songstructuren zonder dat één van beiden overheersend wordt.

Na de rockuitspattingen van Climax Golden Girls is het de beurt aan het Noah Howard Quartet. De alt- en tenorsaxofonist Howard, geboren in New Orleans in 1943, woont tegenwoordig in Brussel en wordt beschouwd als een van de iconen uit de freejazz. Deze avond treedt hij op met Bobby Few (piano), Harry Swift (contrabas) en Calyer Duncan (drums). De warme saxpartijen van Howard vormen de rode draad doorheen het optreden, dat meer solo’s dan nummers kent.

Meer dan eens geeft Howard immers aan een van zijn muzikanten het teken om te soleren, dan wel samen met een ander een hele nieuwe weg in te slaan. Hoewel de onderlinge communicatie soms stroef loopt -- vooral Few lijkt niet te weten wanneer hij moet stoppen -- zijn de vier een goed geoliede machine. Het Noah Howard Quartet is op geen enkel moment minder dan groots.

Van een volledig andere orde maar even indrukwekkend is het Britse Volcano The Bear. De groep bracht onlangs Amidst The Noise And Twigs uit, maar laat zich live nog steeds leiden door het moment. De set start met lallend gezang en neergegooide schalen, waarna steeds meer klanken toegevoegd worden en een eerste indruk duidelijk wordt. De drum en de piano vormen de twee herkenbare ankerpunten binnen een zee van klanken maar ook deze reguliere instrumenten worden vaker misbruikt dan echt bespeeld.

De groep koppelt het spelelement aan een performance; zo tuimelen drummer/trompettist/… Aaron Moore en pianist/klarinettist/… Daniel Padden (zie ook The One Ensemble) op een bepaald moment over elkaar heen en springt Moore haast razend van het podium om daar de eerder gebruikte schalen neer te gooien. De mantrische opbouw breit de nummers aan elkaar en zorgt voor een maalstroom aan ideeën, klanken en melodieën die niet anders dan tot een zinderend einde kunnen leiden, waarna het publiek uit de droom wakker schrikt.

Drie klasse-acts die elk op hun manier het gegeven “improvisatie” invullen, zorgen voor een sublieme start van het Pauzefestival. De enige vraag die nog geen antwoord gekregen heeft, is of de bands van de tweede avond erin zullen slagen eenzelfde onvergetelijke prestatie neer te zetten. Jammer genoeg zal het antwoord daarop “neen” zijn.

Het begint nochtans niet slecht met Soft Circle, de eenmansgroep van Hisham Bharoocha. In een vorig leven geselde Bharoocha nog de ezelsvellen bij Black Dice en Lightning Bolt maar heden ten dage gebruikt hij zijn drumstel liever als een element waarmee hij zijn elektronisch gestuurde drones en vervormde stem vorm geeft. Het overtuigt geen set lang maar wanneer hij als vanouds wild tekeergaat op zijn drumstel weet Bharoocha wel te charmeren. Soft Circle overtuigt, maar niet volledig.

Het psychedelische duo Sic Alps kan daarentegen zijn belofte totaal niet waar maken. De smerige psychedelische garagerock van debuut Pleasures And Treasures komt nergens tot zijn recht. De beruchte livereputatie die de groep met zich meedraagt, wordt zelfs nergens bevestigd. Dit klinkt als een gemiste kans, vooral omdat er wel degelijk goede ideeën te horen zijn, maar een povere mix (te stille drums, in reverb gedrenkte zang die niet overtuigt, …) wringt alles vakkundig de nek om.

Ook het op southern rock en seventies protohardrock geschoeide Howlin Rain kan niet op onze goedkeuring rekenen. De nieuwe groep van Comets On Fire-frontman Ethan Miller speelt vakkundig en voor de liefhebbers ongetwijfeld geïnspireerd, maar tenzij u een fixatie voor CCR en aanverwanten hebt, valt hier echt niets interessants te rapen.

Er is uiteindelijk maar één groep waarvoor we allemaal naar deze tweede festivaldag afgezakt zijn: Acid Mothers Temple. De Japanse psychrockers hebben meer releases en bandformaties dan iedereen die geen encyclopedische kennisopslagvermogens bezit kan onthouden. Een slordig jaar geleden blies de groep als Acid Mothers Temple & The Cosmic Inferno het dak van het Brusselse Magasin 4. Deze avond wil de band hetzelfde doen in een bescheidener opstelling.

Met vier bandleden is Acid Mothers Temple & The Melting Paraiso U.F.O. de tot zijn essentie herleide incarnatie van de groep: alleen de vier kernleden geven deze avond paraat. Dat verandert echter niets aan de slopende, in feedback en psychedelische gitaarpartijen verzuipende set waarin kenners uit de drie nummers moeiteloos “La Novia” en livefavoriet “Pink Lady Lemonade (Can I Drink You?)” kunnen halen.

“Pink Lady Lemonade” (origineel veertig minuten lang) krijgt opnieuw een zinderende invulling die uitmondt in feedback en zinloos gitaargeweld. Gitarist Kawabata Makoto maakt finaal een einde aan het nummer en het optreden door zijn gitaar in een explosie van geweld aan gruzelementen te slaan. Niet geheel verwonderlijk besluit de groep om als bisnummer dan maar a capella een Japans/boeddhistische hymne te brengen.

De tweede Pauzefestivaldag met psychedelica als uitgangspunt, overtuigt vreemd genoeg niet. De stroming herbergt nochtans genoeg onbekende parels om er een geslaagde avond van te maken. Maar uiteindelijk is dat evenzeer een kwestie van smaak, want afgaande op de publiekreacties kan bij Howlin Rain bijvoorbeeld van een succes gesproken worden. En tenslotte was er ook nog Acid Mothers Temple, de groep die elke concertavond geslaagd maakt.

E-mailadres Afdrukken