Banner

Scatter The Atoms That Remain

23 april 2019, Hnita Jazz Bar (Heist-op-den-Berg)

Guy Peters - foto's: Geert Vandepoele - 25 april 2019

Het blijft een beetje vermakelijk dat het landelijke en niet zo heel opvallende Heist-op-den-Berg zo’n prominente rol speelt in de geschiedenis van de jazz in België. Of toch als je het hebt over het concertleven. Na 60 jaar (!) activiteit komt er nog altijd volk uit binnen- en buitenland over de vloer, al gebeurt dat momenteel in de Jazz Bar een paar kilometer verderop. Daar trakteerde het Amerikaanse kwartet Scatter The Atoms That Remain op twee gulle sets expansieve jazz die je even alle besef van plaats deden vergeten.

Echt vernieuwend kan je de stijl van het kwartet rond drummer Franklin Kiermyer misschien niet noemen, maar het voordeel is wel dat hij een actieradius hanteert die dezer dagen een stuk frisser klinkt dan heel wat andere stijlen die in nog altijd in ere gehouden worden. Deels heeft dat zeker te maken met de grote mate van vrijheid die het kwartet zich permitteert. De muziek draagt weinig overtollige ballast mee in de vorm van voorspelbare structuren en tics, moet het niet hebben van een blauwboek dat letter per letter gevolgd worden. Daar komt nog eens bij dat vooral inspiratie gezocht wordt bij een artiest die er als geen ander in geslaagd was om plaats en tijd te overstijgen met een persoonlijke queeste.

John Coltrane was de naam, en het was zijn missie om steeds meer los te komen van de traditie, van aardse beslommeringen en, vooral, zichzelf. Coltrane was niet de eerste om aan de slag te gaan met vrije(re) jazz, maar hij deed het wel met een ambitie die in het midden van de jaren zestig ongehoord was. Door heil te zoeken bij niet-westerse tradities, bewegingen van de lange adem en een filosofisch en spiritueel gewicht dat in het DNA van de muziek genesteld zat, kreeg de latere muziek van het Coltrane Quartet en zijn laatste levensjaren een combinatie van een ontvankelijke openheid en een granieten vastberadenheid. En ook al had die muziek haar oorsprong in een even specifiek als tumultueus tijdsgewricht, ze blijft ook nu tijdloos klinken.

Met tenorsaxofonist Jovan Alexandre, pianist Davis Whitfield en bassist Otto Gardner probeert Kiermyer verder te bouwen op die fundamenten, of er op z’n minst een eigen draai aan te geven. Op het onlangs verschenen Exultation leidde dat tot een ijzersterk resultaat, met een groepssound die het totaalbeeld van dat klassieke Coltrane Quartet benaderde, en ook individueel de vergelijking kon doorstaan, het meest opvallend wel bij Kiermyer en Alexandre. “My name is Franklin Kiermyer and I play the drums,” gaf de leider gortdroog mee na het optreden. Dat leidde meteen tot gegniffel in de zaal, want de man had zopas twee uur onophoudelijk zitten roffelen en razen met een aangehouden flow, intensiteit en volume die meer dan eens deden denken aan de bevlogen ondersteuning van wervelwind Elvin Jones. Zijn performance herinnerde je er ook aan hoe overdonderend zo’n drumkit kan klinken en gaf je een idee van hoe meeslepend die performances in de jaren zestig geklonken moeten hebben.

Alexandre beschikt op de tenor over een sound die minstens even sterk doet denken aan zijn illustere voorganger. De harde toon, de manier waarop hij de noten verbuigt en in het hogere register laat overgaan in overblowing, en vooral de bezwerende, soms extatische teneur van de melodieën leken verwant aan het werk van de spirituele roerganger. Zeker wanneer de intensiteit toenam en de boomlange muzikant vooroverboog om de volledige ruimte te vullen met geluid, belandde je in een statige intensiteit. Een verschil was wel dat Alexandre een meer gedisciplineerde solist is, met kortere solo’s die bovendien eerder aanvoelden als een reeks van beknopte(re) expressies dan één lange stream-of-consciousness. Hij vormde regelmatig het speerpunt van het kwartet zonder echt te domineren of de aandacht te sterk naar zich toe te trekken. Kiermyer was trouwens de enige echte leider en speelde met autoriteit en aanzienlijke energie.

alt

We zaten niet ideaal om het spel van Whitfield en Gardner altijd goed te kunnen horen, al leken ook zij moeiteloos hun plaats te vinden in de doorgaans middellange uitvoeringen van composities die duidelijk hun scharniermomenten hadden, maar de interactie niet belemmerden. De twee sets voelden vooral aan als lange suites, waarvan de onderdelen zo goed als naadloos aan elkaar gekoppeld werden, met hier en daar een kort solomoment of passages waarbij de hele band in de weer was met percussie om een collectief trance-effect te bereiken. Dat zou bij fout gebruik kunnen leiden tot een wat knullige insteek. Hier bleef het beperkt tot inkleuring die bij de rest van de performance paste. Die zat verankerd in gecomponeerd materiaal dat duidelijk beschouwd werd als een platform om te gaan verkennen, en tegelijkertijd te veel focus had om uit te monden in een chaotische free-for-all. Bladmuziek of een setlist waren nergens te bespeuren. Toch was het duidelijk dat deze band heel goed wist waar hij mee bezig was.

En was het goed? Zeker, heel goed. Het referentiekader was duidelijk en het kwartet speelde zelfs op laag volume met een bevlogenheid die ervoor zorgde dat de samenhang en focus nooit in het gedrang kwamen. De leden konden stuk voor stuk hun sterktes uitspelen, en speelden toch ten dienste van het geheel. En dat geheel klonk robuust, geïnspireerd en zorgde regelmatig voor een gevoel van extase dat je enkel kan bereiken als je in een zone geraakt waar de ratio en berekening plaats ruimen voor iets dat moeilijker te omschrijven valt. Noem het inspiratie, bedwelming of vervoering. Je voelt het als het er is en het gevoel was onmiskenbaar aanwezig, daar in dat niet zo heel opvallende Heist-op-den-Berg.

E-mailadres Afdrukken
 
Scatter The Atoms That Remain
Dot Time Records / 2019
scattertheatoms.com

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST