Banner

Beck

6 juni 2018, AB

Lennert Hoedaert - foto's: Nick De Baerdemaeker - 08 juni 2018

Becks laatste langspeler Colors is allesbehalve zijn sterkste. Dat die nieuwe, verschrikkelijk poppy nummers volledig tot hun recht kwamen in de AB, zegt veel over de spectaculaire show die het 47-jarige enigma anno 2018 met zijn zevenkoppige begeleidingsband brengt. Die was dus om duimen en vingers bij af te likken -- net als de setlist trouwens.

Hoeven we de gevarieerde muzikale wirwar die de Californiër op zijn dertien platen presenteerde nog uit te leggen? Dat Beck zich niet in een hokje laat steken, is een understatement. Country blues, alternatieve hiphop, pastorale folk, platte pop, verschroeiende noisy rock, swingende funk: de man kan alle stijlen aan. Hem op hetzelfde niveau als David Bowie plaatsen, zou overdreven zijn, maar tegelijk is die vergelijking niet uit de lucht gegrepen. Ook zijn tweede uitverkochte show in de AB zou net als de eerste een mooie doorsnede geven van zijn fascinerende discografie. Maar Beck zou Beck niet zijn als hij de volgorde van de nummers niet helemaal zou omgooien.

Terwijl de überklassieker de avond voordien vrij laat aan bod kwam, steekt Beck op woensdag meteen van wal met “Loser”. Wie kan er met zo’n kanjer van een nummer zijn set aanvangen en heeft er nog het lef voor? Juist ja, Beck! Lang geleden dat we van bij het eerste nummer van een concert nog zo’n uitzinnig publiek in de AB meegemaakt hebben.

Dan is het meteen de beurt aan “Up All Night”, een van die extreem dansbare singles van zijn recentste, wisselvallig ontvangen plaat. En hoewel dat nummer mijlenver afstaat van zijn beste en meest eigenzinnige werk, kan het publiek de pure pop wel smaken, net als de hiphopdeuntjes in “Wow”. Becks muzikanten voegen er nog een flinke dosis energie aan toe en ook het decor past perfect in het kitscherige plaatje. De toon is gezet. Of heeft het ook te maken met de tapkranen die continu lijken te stromen?

Met “Think I’m In Love” krijgen we the best of both worlds. Een Beck die ook vocaal in bloedvorm verkeert, een heerlijke baslijn van Dwayne Moore en teksten die temperatuur in de AB nog hoger doen oplopen. Na een heerlijk “Beercan”, dito “Paper Tiger” en de elektronische beats van “Wow” volgen “Lost Cause” (een geweldige combinatie van tristesse en schoonheid) en nog meer schitterende akoestische soloversies, van “Gamma Ray” en “Debra” -- wat een heerlijk duo is dit. En zo brengt Beck in een twintigtal minuten het beste van zes (!) verschillende albums. Dit optreden is niet alleen feest voor de ogen, maar ook voor de oren. Welke ninetiesartiest zou iets soortgelijks kunnen evenaren?

Ook de cover van Princes “Raspberry Beret” -- Beck wou de man per se een eerbetoon geven -- klinkt heerlijk pastoraal en is (uiteraard) een gigantische crowd-pleaser. Sta ons toe om te zeggen dat die trucjes ietwat overbodig zijn voor een muzikant als Beck -- een “The New Pollution” of “Don’t Let It Go” hadden we ook wel willen horen. De lang uitgesponnen funkjam van afsluiter “Where It’s At” wekt hetzelfde gevoel op. Erg leuk dat Dwayne Moore zeer kort een covertje mag brengen van “Good Times” van Chic en Jason Falkner met “Miss You” van The Rolling Stones het publiek mag opjutten. Keyboardist Roger Manning doet het met een stukje Gary Numan en de achtergrondzanger(essen) tot slot met Talking Heads. Allemaal erg groovy -- het zijn dan ook wereldnummers -- maar tegelijk is het een uitgemolken concept, niet?

Gelukkig zijn er nog de prachtige versies van "Blackbird Chain” en “Blue Moon” (allebei van het Grammy-winnende Morning Phase) om ons muzikaal omver te blazen. En dan volgen er nog de ninetiesklassiekers “Devil’s Haircut” (een feest van hiphop, rock én riffs dat zijn gelijke niet kent) en “Sexx Laws” (nog zo’n scheurend hoogtepunt). Ook de beats, riffs en na na na’s in “E-Pro”, de afsluiter van de reguliere set, doen de AB zinderen van nostalgie. Ze doen de pop van “Dreams” en “Colors” verbleken, ook al is de lichtshow tijdens die nieuwe nummers spectaculair te noemen.

“MTV Makes Me Want To Smoke Crack”, zong Beck in 1993. Dat is inmiddels 25 jaar geleden. Het is duidelijk dat een goedgeluimde Beck en zijn band zich niets meer aantrekken van dat statement tegen de commerciële popcultuur, want de set die ze op woensdag in de AB brachten, zat verdacht goed -- wat zeggen we: te perfect! – in elkaar. Zo liet Beck ons achter met een tegelijk voldaan en vreemd gevoel, want het entertainmentgehalte overschaduwde soms de muzikale eigenzinnigheid en eerlijkheid. Meneer Hansen, wat denkt u ervan om de volgende keer eens volledig solo te touren? Het zou de oprechtheid van uw beste nummers alleen maar ten goede komen.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Beck