Banner

Deutsche Ashram, Il Sogno del Marinaio & King Champion Sounds

1 oktober 2016, N9

Guy Peters - foto's: Mario Pollé - 02 oktober 2016

Verzamelen geblazen in een van de fijnste clubs van Vlaanderen, waar het Nederlands-Britse King Champion Sounds z’n derde album kwam voorstellen in het gezelschap van nog ander goed volk. Er daagde een bescheiden publiek op voor muzikanten van dit kaliber, maar die werden wel getrakteerd op een potje weldadige rock-‘n-roll.

Eerst stelde King Champion Sounds-voorman Ajay Saggar zijn nieuwe duo met zangeres Merinde Verbeek voor. Deutsche Ashram, het is een naam die meteen associaties richting trance en kosmische verheffing oproept, en zoiets werd het dan ook (zoals te beluisteren valt op Bandcamp). Voorzien van een laptop en een uitgebreide resem gitaareffecten zorgde Saggar voor een dikke deken van klanken die doorgaans bestond uit shoegaze-golven, maar waarin soms ook prominente beats opdoken. Verbeek bewees dan weer te beschikken over een elastische stem, waarmee ze nu eens bijdroeg aan het etherische totaal, maar ging net zo vaak omslaan in het donkere snerende van Siouxsie Sioux. Wat op cd best wel rijk en broeierig klinkt, bleef live wat statischer, al komen liefhebbers van de zone tussen Slowdive, Cocteau Twins en Lush uitgebreid aan hun trekken.

Daarna heel wat anders. A Love Supreme vloeit uit de speakers en dan weet je dat Brother Watt in aantocht is. Il Sogno del Marinaio is zijn trio met Italianen Andrea Belfi (drums) en Stefano Pilia (gitaar). Samen kwamen ze hun tweede album Canto Secondo (eigenlijk wel al twee jaar uit) voorstellen en het eerste wat je denkt, is Minutemen. De band had, natuurlijk ook door die herkenbare stijl van Watt, het speelse, onvoorspelbare en hoekige van dat legendarische trio, die combinatie van energie en finesse, met een fijne combinatie van jazzy souplesse en snedige punk. En een opvallende strakheid.

Hier en daar klonk het ook behoorlijk poppy, waardoor het vanzelf ook richting fIREHOSE opschoof, maar door de soms gierende solo’s van Pilia en uitstapjes richting boogie- en jamrock ging het ook meer klinken als Meat Puppets dan Minutemen. Het was alleszins een puur plezier om deze drie strak en enthousiast door hun album te zien razen, met abrupte fills, merkwaardige solo’s (o.m. door Pilia’s duimplectrum) en de elastische baslijnen van Watt (zonder plectrum en zo spontaan als een echte jazzman). De gemiddelde band zou hierna de handdoek in de ring gooien, maar King Champion Sounds zat aan de laatste avond van zijn tour (16 concerten op 16 dagen) en spurtte vervolgens naar de eindmeet met een genereus concert.

Onderweg waren ze wel tweede gitariste Danielle Johnson kwijtgespeeld, maar de band ging in deze zeskoppige bezetting kunnen imponeren. To Awake In That Heaven Of Freedom is eigenlijk een heel ander beestje dan de voorgangers. De nieuwe plaat is langer, eclectischer en meer geproduceerd. Door de afwezigheid van de gasten en de live context was dit niet zozeer een albumvoorstelling met vooral reproducties van die nieuwe songs, als een dolle rit doorheen drie albums, waarbij de band nog altijd teert op een potige no nonsense-aanpak met repetitief wentelende ritmes, catchy blazerslijnen, voorturend transformerende gitaarpartijen en de geagiteerde voordracht van G.w. Sok, met de blik gericht in de verte gericht, en de betrokkenheid op het tipje van de tong.

Opnieuw viel nog maar eens op dat de band beschikt over een bijzonder sterke ritmesectie, met de jonge Mees Siderius die z’n krachtige patronen opsmukt met Afrikaanse toetsen en knappe versnellingen, en bassist Oli Heffernan, die niet enkel beschikt over een knoert van een bassound (soms had het iets van Lemmy, maar dan in een postpunkband), maar ook het doorzettingsvermogen om die repetitieve lijnen minutenlang aan te houden. Het effect is er een van dansbaarheid én hypnose, waarbij het er soms wat lichter aan toegaat (“Here We Go Again”, “World Of Confusion”), maar soms ook meer dreigend (“Ghetto Of Eden” was zo de perfecte opener), opzwepend ("Spy Soup") of hoekig (“Point Blank”). Je hoorde er regelmatig de helden van The Fall in, maar King Campion Sounds beschikt met al die persoonlijkheden over meer dan voldoende potentieel om een geheel eigen sound op poten te zetten, en die is het ene moment goed voor pure trance en even later voor een uitbundig feest.

Aan hoogtepunten geen gebrek. De bovenstaande nummers waren stuk voor stuk uitschieters, al werden ze misschien nog overtroffen door een briesende, hamerende versie van “The Year 500” en een ziedende van “Mice, Rats Roaches” die nog urgenter klonk dan de albumversie. Met een stevige set van een klein anderhalf uur zette King Champion Sounds alleszins een prachtig punt achter zijn tour. Beetje jammer dat daarvoor niet meer volk was afgekomen (of gebleven). Hopelijk brengen de lovende recensies die To Awake In That Heaven Of Freedom momenteel oogst daar wat verandering in. Ze zijn het waard.

E-mailadres Afdrukken