Banner

BesteBuren: Eric Boeren & Joachim Badenhorst

3 februari 2016, De Singer

Joachim Ceulemans - foto's: Joachim Ceulemans - 05 februari 2016

In het kader van BesteBuren - een soort viering van de Vlaams-Nederlandse culturele samenwerking - presenteert de Amsterdamse Stichting Doek samen met twee Belgische concertpartners in februari enkele veelbelovende en veelal onuitgegeven improvisatieduo's. De Singer in Rijkevorsel fungeert als gastheer voor drie van deze concerten, waarvan er eentje was gereserveerd voor kornettist Eric Boeren en rietblazer Joachim Badenhorst, die beiden een thuismatch speelden. Of toch bijna.

Het is fijn om te zien hoe organisatoren en vrijwilligers van De Singer zich niet laten kisten na het slechte nieuws rond de nieuwe subsidieronde van de Vlaamse Overheid. Haar unieke jazzwerking kan het komende jaar namelijk niet op de verhoopte steun van Vlaanderen rekenen (o.a. SoundinMotion zit in hetzelfde schuitje), waardoor de programmatie in vergelijking met voorgaande jaren gevoelig moet inkrimpen. Hoe ironisch dat net dat nieuwe concertjaar van start gaat met een reeks die Vlaamse musici in de kijker zet, weliswaar samen met enkele Nederlandse collega's. Het is een onwaarschijnlijk zure appel die in Rijkevorsel nog lang niet is verteerd, maar bezoekers worden er daardoor heus niet minder warm ontvangen.

De in 1959 geboren Boeren beschouwden we eigenlijk altijd als een Amsterdammer, maar groeide blijkbaar op in Ulicoten, een piepklein dorpje tegen de Belgische grens op een steenworp van Rijkevorsel. De kornettist speelde naar eigen zeggen nog in de fanfare van Wortel (Hoogstraten) en is dus min of meer een local. Zijn Vlaamse collega is als rasechte Antwerpenaar eveneens een regiogenoot en resideert na enige omzwervingen in New York opnieuw in de Koekenstad. Zowel Boeren als Badenhorst stonden al vaker op het podium van De Singer - de ene met Available Jelly en Boerenbond, de ander onder meer met het trio Baloni - maar hun duoconcert was een primeur. Van aftasten of kennismaken was echter niets te merken, er werd gemusiceerd alsof de twee er al jaren een diepgaande muzikale verstandhouding delen - die indruk hadden we op sommige momenten althans.

Een week eerder, toen drummer Teun Verbruggen en toetsenist Oscar Jan Hoogland het eerste duoconcert van BesteBuren afwerkten, stonden de musici nog gewoon op het podium. Nu werd gekozen voor een intiemere opstelling, midden in de zaal en tussen het publiek. De combinatie met de nogal informele omgang met het publiek (volgens Boeren was het geen probleem om tijdens het concert bij de bar even te gaan bijtanken), zorgde voor een erg ontspannen sfeer, waarbij niet gekeken werd op een (muzikale) grap meer of minder.

Er werden vertrokken van composities, die afwisselend van Boeren of Badenhorst waren. Het moeilijkste stuk kwam naar eigen zeggen eerst. Met een wirwar van motieven en korte lijnen vormde het duo daarin twee aparte sporen, die op een gegeven moment via een ritmisch thema samen werden gebracht in een op hol geslagen mix van polka, klezmer en circusmuziek. In "Comacina Dreaming" (een stuk dat te horen is op de eerste plaat van Badenhorsts Carate Urio Orchestra) verkeerde het duo plots in een andere sfeer. Boeren mocht het stuk uitgebreid inleiden met enkele fysiek veeleisende partijen, waarna zijn Belgische collega zich voorzichtig bij hem voegde.

Badenhorst concentreert zich de afgelopen jaren regelmatig op een soort zenuwachtig arpeggiowerk (in combinatie met circulaire ademhaling), waarbij de snelheid van uitvoering zorgt dat je een akkoordenprogressie te horen krijgt. Dat kwam ook tijdens dit concert regelmatig naar voren, onder meer in een stuk dat Badenhorst blijkbaar de avond voordien pas naar Boeren had gemaild. Op sommige momenten kwam daarin de schaduw van Colin Stetson opzetten, hoewel de Antwerpenaar zijn technische trukendoos op een net iets subtielere manier aanwendt.

De afwisseling tussen de verschillende composities was behoorlijk groot. Er passeerden absurde klanken, vol brommende en knorrende tonen, terwijl er even later werd overgeschakeld op een stuk van zo'n ontwapenende schoonheid, dat er links een rechts een traantje werd weggepinkt. Boeren zorgde bovendien af en toe voor een komisch accent, door in de achtergrond stilletjes allerlei bekende deuntjes en thema's uit de klassieke of populaire muziek toe te voegen - zo klonken ze althans. Badenhorst maakte daarnaast nog eens indruk met samenklanken en harmonieën op basklarinet, die op een keertje werden gecontrasteerd met een soort schelle sinustoon.

Een keertje balanceerde het duo op het randje van het fysiek draaglijke, toen een passage werd ingezet waarin hoge en erg luide tonen de trommelvliezen van de toehoorders letterlijk lieten trillen. Dat was waarschijnlijk het enige nadeel aan zo dicht bij de muzikanten te zitten. Voor het overige was het een uur lang genieten van een hoogst memorabel concert, een muzikale blind date waar de vonken vanaf sprongen en die simpelweg smeekt om een vervolg.

E-mailadres Afdrukken