Banner

James Holden

16 mei 2014, Botanique

Stavros Kelepouris - 16 mei 2014

Als je’m nog maar pas op het podium ziet kruipen, straalt James Holden niks dan rust uit. Daarna gaat het licht uit en speelt hij je zin voor conventie, melodie en structuur een hele set lang tureluurs.

Op half werk zal je Holden zelden betrappen. Na het uitstekende debuut The Idiots Are Winning duurde het zeven jaar – waarin hij remixgoud, straf productiewerk én een onovertroffen DJ-Kicks-mixtape afleverde – vooraleer de intussen 34 jaar oude Brit met zijn tweede plaat The Inheritors zijn naam definitief in de elektronicageschiedenis beitelde. Geringe output, maar kwalitatief niks op af te dingen. Hetzelfde beeld in de Botanique: Holden speelde geen minuut te lang, maar wat hij op een uurtje uit zijn batterij elektronica perste, liet geen spaander heel van de Brusselse Orangerie.

Als Holdens minimale techno- en trancestructuren live veel directer en dwingender klonken, lag dat in de eerste plaats aan de drummer die hij mee het podium op sleurde. ‘Ranoch Dawn’ – ook op plaat een geweldige track, maar beslist geen goedkope floorfiller -- opent strak, met een verschroeiende dronebeat, dreunende drums en een festival aan kletterende loops. Daarna is het de beurt aan ‘Renata’: drums die gelden als metronoom, terwijl Holden sterrenstofbeats en tribaal houtslagwerk uit zijn modulaire synthesizers pompt – de soundtrack bij een passionele nacht die je je achteraf alleen maar in vlagen van euforie kan en wil herinneren. Kolkende IDM en trance waarin tijd en ruimte vervagen, en alleen de gelijktijdigheid en de bezwering van tel zijn.

Terwijl Holden voortdurend staat te foefelen met de gordiaanse knoop aan kabels die uit zijn in elkaar gebokste elektronische apparatuur lopen, serveren ‘Gone Feral’ en ‘The Inheritors’ nog meer minimal op het scherpst van de snee – ingenieuze en bruisende elektronica waarin de lagen zo minutieus met elkaar in de clinch gaan liggen dat dansen ei zo na onmogelijk wordt. In ‘The Illuminations’ lijkt het alsof de Brit even zijn kompas verkeerd gekalibreerd had, maar de flirt met bitpop evolueert net op tijd naar etherische IDM die het pad effent voor twee rondjes spierballengerol: eerst met het aardedonkere, zacht deinende ‘Blackpool Late Eighties’ – alsof Jon Hopkins even acte de présence kwam geven – en daarna het met oosterse volkmuziek geïnfusioneerde The Caterpillar’s Intervention, waarin Holdens drummende kompaan een glansrol vertolkte.

O ja, in de bissen haalde hij nog even monstertrack ‘Triangle Folds’ van onder het stof. Gewoon, omdat hij dat ook nog had zitten. Ogen toe, en genieten.

Straf concert.

E-mailadres Afdrukken
 
James Holden

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST