Banner

Goldfrapp

Tom De Moor - 24 november 2010


Als dat geen sterke timing is: net wanneer de eerste bijtende kou zich rond de botten wringt, komt Goldfrapp ons bezoeken! Al iets meer dan een decennium slaagt dit duo er wonderwel in lijf en lenden op te warmen, hetzij met pompende electropop, hetzij met knusse cabaretfolk. En laten we natuurlijk ook Allison Goldfrapp niet vergeten, op haar vierenveertigste (!) nog steeds sex-on-legs met een hoge notering in onze ultratop der favoriete opwarmers van oren, lijf en lenden. Zij had vanavond bovenaan in haar koffer 'Head First' liggen, de vijfde langspeler die na een festivaltour nu ook in de zalen gepromoot mag worden.

Ondanks de diepgaande liefde voor deze band, moet het er even uit: binnen hun oeuvre is 'Head First' een gemiste kans, een plaat die ons - om maar even in het thema verder te gaan - warm nog koud maakt. Een amusante eightiesrevival, maar eveneens een te veilig spel na de voorafgaande moderne klassiekers. De eerste helft van het concert putte gretig hieruit, wat tot een vlakke show leidde. Allison kan con brio de rol van disco diva neerzetten, dat weten we al sinds 'Supernature', maar enkele exacte kopieën van albumtracks in generische uitvoering later leek ze gedegradeerd van artieste tot showgirl. De vierkoppige band voegde niets toe aan de studiovruchten en de gemakkelijke popstructuren belemmerden Allison om haar vocale capaciteiten ten volle te tonen. Het was dan ook wachten tot het singletje 'Rocket' om voor het eerst het bloed te voelen stromen.

Net wanneer je Goldfrapp aan de Night of the Proms-affiche zou willen toevoegen, keerde het tij op de tonen van de doorbraaksingle 'Train' en kregen we waarvoor we kwamen: kinky electro met een verleidelijke disco-dominatrix die in luttele seconden tijd het publiek uit de bol liet gaan. De tweede helft van de set was een wilde rit doorheen de backcatalogue: uitgesponnen, extra heftige versies van 'Ride a White Horse' en 'Ooh la la' dreven ons naar een hoogtepunt alvorens in het begin van de bisronde het tweede gelaat van Goldfrapp getoond werd. Een met subtiele beats aangestipt 'Black Cherry' herinnerde je eraan waarom je ooit halsoverkop verliefd werd op deze dame. Even later bewees ze in een indrukwekkend 'Lovely Head' nog eens geen katje om zonder handschoenen aan te pakken te zijn: met zwart omrande katogen scande ze het publiek alvorens uit te barsten in een amalgaam van gekrijs en gespin doorheen de vocoder. Als een meesteres die haar gewillige slaven nog een beloning toewerpt, kreeg een uitgelaten AB nog een hitsig 'Strict Machine' als afsluiter mee.

Ze kan het nog steeds, laat daar geen twijfel over bestaan. Laat dit echter ook een les zijn om na de geplande compilatieplaat met een nieuwe 'Black Cherry' op de proppen te komen: het schaamteloos flirten met retropop is een hippe trend in de popindustrie, maar Goldfrapp staat daar nog steeds torenhoog boven. Wie heeft zin in wat onschuldige geflirt als je weet dat het ultieme genot bereikbaar is?
E-mailadres Afdrukken