Banner

Happy Mondays + Buzzcocks

Marc Goossens - 02 september 2007

Bescheidenheid siert niet alleen de mens, maar ook het festival. In plaats van elk jaar te streven naar méér bezoekers op een zo groot mogelijke, saaie grasweide, opteren de organisatoren van Feest in het Park voor een zo aantrekkelijk mogelijke affiche in een leuk kader: de Donkvijvers, net buiten het centrum van de stad Oudenaarde. Dat Feest in het Park wel eens het kleinste van de grote festivals wordt genoemd, heeft dan ook niks te maken met de line-up, want die was ook dit jaar weer meer dan aanlokkelijk. Tijdens de driedaagse maakte dit weekend niet alleen het kruim van de binnenlandse popscene haar opwachting, het festival strikte met !!!, Coldcut en Mercury Rev ook enkele namen die recentelijk nog op de grote festivals speelden. De reden waarom wij extra geïnteresseerd waren in de tweede dag van het festival, had echter te maken met de komst van twee bands uit het Engelse Manchester: poppunkspeerpunten Buzzcocks en de legendarische Madchester-band Happy Mondays.

Vorig jaar bestonden Buzzcocks dertig jaar en dat werd gevierd met een nieuwe langspeler, Flat-Pack Philosophy, en een verjaardagstoer. Die voerde de band ondermeer naar Hof ter Lo in Borgerhout. In 2007 duurt die toer nog altijd voort, want na een reeks concerten in de Verenigde Staten tekende het opvallend montere viertal ook nog voor een erg geslaagde passage op Feest in het Park. Over het ontstaan van de groep hadden we het eerder al: geïnspireerd door een paar optredens van de Sex Pistols besluiten de studenten Howard Devoto en Pete Shelley zelf een punkband op te starten. Na een eerste ep verlaat Devoto de band om Magazine op te richten en bestaat het centrale songschrijversduo voortaan uit zangers-gitaristen Shelley en Steve Diggle, die in de oerbezetting bas speelde.
Vijf jaar en drie langspelers later gaat de groep uit elkaar, om eind jaren '80 weer uit haar as te herrijzen. Aanvankelijk spelen de herenigde Buzzcocks nog met hun vertrouwde ritmesectie (Steve Garvey op bas en John Maher op drums), maar zij worden in 1993 afgelost door Tony Barber en Phil Barker. Barber is er anno 2007 nog altijd bij, maar Barker hield het na de opnames van Flat-Pack Philosophy voor bekeken. Zijn plaats wordt al meer dan een jaar ingenomen door de een pak jongere drummer Danny Farrant.

Het concert van Buzzcocks in Le Grand Mix duurde net als vorig jaar in Hof ter Lo ongeveer een uur, maar deze keer leek de tijd nóg sneller voorbij te gaan. De setlist was ook helemaal anders dan in Borgerhout: de nieuwe plaat was toen nog niet zo lang uit, zodat de band een stevige graai deed in het nieuwe materiaal om die te promoten. Het optreden van zaterdag stond daarentegen volledig in het teken van het rijke verleden van de groep. Buzzcocks speelden negentien nummers en op 'Sick City Sometimes' (uit 2004) na dateerden die allemaal uit de succesperiode '77-'80.
Negentien songs in één uur tijd, de groep moest er dus stevig de vaart inhouden om dat te kunnen bolwerken. De vier namen tussen de songs dan ook nauwelijks de tijd om naar adem te happen en joegen er van meet af aan de ene classic na de andere door. Ook al is Pete Shelley als medeoprichter en voornaamste songleverancier nog steeds de frontman van de groep (en kwam hij meer relaxed en minder timide over dan vorig jaar), het was als vanouds de molenwiekende Steve Diggle die het meest in het oog sprong en de show stal met zijn grimassen en zijn aanstekelijke enthousiasme.
Na zeventien songs - met als hoogtepunten op dat moment opener 'Boredom', 'I Don't Mind', 'Autonomy', 'Whatever Happened To?', 'Breakdown', 'Love You More' en 'Harmony In My Head' - wilde de groep haar finale inzetten, maar net op dat moment viel de stroom uit. Terwijl een paar technici probeerden de installatie weer aan te zwengelen, hielden Diggle en Farrant de boel draaiende door met zijn tweeën het drumstel te lijf te gaan, tot groot jolijt van het publiek. Gelukkig duurde de onderbreking niet al te lang, zodat de band nog net binnen de tijd met 'Ever Fallen In Love (With Someone You Shouldn't 've) en 'Orgasm Addict' de kers op de taart konden zetten.

Als ons geheugen ons niet in de steek laat was dit de setlist van zaterdag:
Boredom - Fast Cars - I Don't Mind - Autonomy - Get On Our Own - Whatever Happened to? - Sick City Sometimes - Why Can't I Touch It? - You Say You Don't Love Me - Noise Annoys - Breakdown - Love You More - Promises - What Do I Get? - Why She's a Girl From the Chainstore - Oh Shit - Harmony In My Head - Ever Fallen In Love (With Someone You Shouldn't 've) - Orgasm Addict


Nadat Admiral Freebee als eerste en enige de tent had laten vollopen, waren er blijkbaar heel wat Feestvierders die hun tweede festivaldag als afgesloten beschouwden, of liever de wijk namen naar één van de andere tenten. De organisatoren hadden met Happy Mondays nochtans een erg opvallende, exclusieve headliner geprogrammeerd. De groep was één van de boegbeelden van de roemruchte Madchester-scene en beleefde haar (creatieve en commerciële) hoogtepunten dan ook in het begin van de jaren '90. Toch was de doortocht van de Mondays geen van die duffe nostalgieacts, zoals die wel eens worden geserveerd op festivals als Marktrock. De groep bracht eerder deze zomer Uncle Dysfunktional uit en die cd is nog steeds op zoek naar kopers. Dat de oude hits daarbij van pas kwamen als 'glijmiddel' is natuurlijk mooi meegenomen.

De bezetting van de band onderging in de loop van dat anderhalve decennium wel tal van wijzigingen. De eerste Mondays-reünie (eind '99) moest het al zonder gitarist Mark Day en toetsenman Paul Davis doen, toen Ryder zijn band drie jaar geleden bijeen floot voor een tweede comeback bleken ook zijn bassende broer Paul en zangeres Rowetta er geen zin meer in te hebben. Anno 2007 bestaat Happy Mondays dus nog uit Shaun Ryder zelf, freaky dancer Bez en drummer Gary Whelan, aangevuld met zangeres Julie Gordon, gitarist John Dunn, toetsenman Dan Broad en bassist Mikey Shine.
De groep verscheen dit weekend overigens gehandicapt aan de aftrap van haar enige Belgische concert. Een paar dagen eerder had gitarist Kav Sandhu bekend gemaakt zich voortaan alleen nog te willen concentreren op zijn solocarrière, en meteen de daad bij het woord gevoegd. Maar aangezien de band - zelfs tijdens haar meest turbulente periodes - in het verleden zelden of nooit een concert afzegde, hield ook deze tegenslag de band niet van het podium en nam toetsenist Broad ook enkele gitaarpartijen voor zijn rekening.

Met een tiental minuten vertraging begon de groep haar set met 'Jellybean', het nummer dat ook op 'Uncle Dysfunktional' de dans mag openen. Terwijl de sambaballenzwaaiende Bez al aan zijn eerste danspassen was begonnen, was het nog even wachten tot ook Ryder - hoedje op zijn geschoren knikker, sigaret en drankje (pils?) in de hand - het podium opslenterde om de eerste strofe in te zetten. Na 'Jellybean' kwam 'Kinky Afro' aan de beurt, een van de hitsingles uit succesplaat 'Pills 'n' Thrills 'n' Bellyaches'. Meteen was de toon gezet van het concert, waarbij nieuw en oud werk elkaar aldoor netjes zouden afwisselen.
De kwaliteit van de hits staat natuurlijk buiten kijf, zij konden dan ook telkens rekenen op een enthousiast onthaal. Verderop in de set zaten ook nog 'Loose Fit' (al wordt de 'geremixte' versie die werd gebracht ook wel eens 'Louise Faith' genoemd), 'Hallelujah', 'Step On' en helemaal op het einde '24 Hour Party People'. Wat de nieuwe songs betreft, had de groep gelukkig de 'missers' van 'Uncle Dysfunctional' thuisgelaten. We kregen dan ook best sappige versies te horen van 'Angels and Whores', 'In the Blood', 'Cuntry Disco', 'Rats With Wings' (opgedragen aan Tony Wilson, de onlangs overleden bezieler van muzikaal Manchester) en 'Dysfunktional Uncle'.

Het hele uur door danste Bez zich in het zweet en deed ook zangeres Julie Gordon haar uiterste best om Rowetta te doen vergeten (vaak met succes), Shaun Ryder zelve gaf lange tijd een eerder futloze indruk. Dat hij tegenwoordig spiekbriefjes gebruikt omdat hij zijn teksten met moeite onthoudt is geen geheim, maar naar verluidt schijnt hij sinds hij officieel clean is ook nogal aan de mensenschuwe kant te zijn. Lag het daar aan of werd hij ter plekke overvallen door zijn al even legendarische lazyitis? Feit is alleszins dat hij bij het begin van de set meer tijd zittend vóór Whelans drumkit doorbracht dan vooraan op het podium.
Naarmate het optreden vorderde zat er gelukkig wel wat meer leven in de ex-schoonzoon van troubadour Donovan, leek zelfs zijn stem er beter door te komen, ondernam hij enkele (niet altijd even goed gelukte) pogingen om in Gordons bips te knijpen en mompelde hij tussen de songs iets dat ongetwijfeld grappig bedoeld was in zijn microfoon.

Een groots optreden, dat het publiek sprakeloos achterliet, werd het zeker niet. Naar Mondays-normen was dit echter méér dan behoorlijk. Shaun Ryder weet zelf ook goed genoeg dat het hoogtepunt van zijn groep achter hem ligt, en dat Happy Mondays wellicht nooit nog een plaat zullen maken met dezelfde impact als 'Pills 'n' Thrills 'n' Bellyaches'. Of de band zaterdag veel nieuwe zieltjes gewonnen heeft, is zeer de vraag. De tent was lang niet gevuld bij het begin van het optreden, een uur later leek de helft van de aanwezigen al andere oorden te hebben opgezocht.
Maar Ryder is de eerste om zichzelf en zijn groep te relativeren. 'Van deze rommel proberen wij nu al een jaar of twintig te leven', klonk het half gemeend, half ironisch. Of nog: 'We zijn eigenlijk een studiogroep, we zijn het niet gewoon van veel live te spelen,' toen ook hij er natuurlijk niet naast kijken dat zijn publiek steeds minder talrijk werd. Speelden de Mondays dan zo'n belabberde set? Tja, dat ligt eraan met welke verwachtingen je naar het optreden toeleefde. We zagen de groep in '91 aan het werk op Werchter, en in vergelijking daarmee was hun doortocht in Oudenaarde zeker geen sof. Net als de fans die wel tot het einde zijn gebleven hebben ook wij ons een uur lang kostelijk geamuseerd.

E-mailadres Afdrukken