Banner

(K-RAA-K)³ Label Night

Didier Vanoverbeke - 19 april 2007

Hoe legt iemand uit aan zijn of haar moeder dat zoon/dochterlief naar een potje (K-RAA-K)³ gaat kijken? Of ook: hoe kun je de zin 'het slagwerk wordt geleverd door pollepels en potten chocopasta' een positieve connotatie geven in een gesprek met de discogeneratie? Gelukkig bleven de oudjes gezellig thuis, en konden we ons voorbereiden op een gezapig avondje ondergrondse 'brol'. Zowel Belgische als internationale namen kwamen ons vier uur lang plezieren met een diverse schotel klanken en instrumenten.

R.O.T. mocht de spits afbijten met een klein halfuur gedempte drone. Terwijl we onze veel te dure blonde Leffe degusteerden, beluisterden we een set die eigenlijk nergens heen leek te gaan, waarbij er een laag ruis (à la Tim Hecker) de zaal in werd gestuurd, gecombineerd met spaarzaam slagwerk en wat gitaarflarden. Een zeer ontspannende boel was het zeker, maar R.O.T. wist ons nooit echt bij de keel te grijpen, wat ook geenszins de bedoeling leek te zijn. Geen slechte zet, zo bleek achteraf, want de avond was nog erg jong en wij konden al onze krachten best gebruiken.

Dat (K-RAA-K)³ behoorlijk kan polariseren, bewees Larkin Grimm, die na een korte pauze het podium opkwam en meteen vroeg om alle cynische blikken in de achterzak te proppen. De zigeunerdochter uit Georgia (denken we) begon meteen aan een heus relaas over zichzelf, haar fantasieën, eenzaamheid en hoe deze zorgden voor het openingsnummer. Grimm is een begenadigd muzikante; ze gebruikt zowel haar gekke gitaar als haar stem op indrukwekkende wijze, zonder zich echt buiten eigen territorium te begeven. Haar muziek kan bij momenten diep raken en is over het algemeen erg sterk, en stiekem hadden we het veel leuker gevonden mocht Grimm het in de toekomst ook bij musiceren houden. De hypocrisie en kinderlijke fantasietjes die er tussen de nummers uitfloepten, lagen erg zwaar op de maag. Erger nog, ze slaagde er zowaar in haar eigen numers op die manier schade toe te brengen. De mystiek van je eigen muziek ontsluieren is meestal een slecht idee, en dat werd deze avond nog maar eens bewezen.

Bij haar laatste nummer kwam een delegatie van Silvester Anfang reeds het podium op om wat extra percussie en backing vocals te leveren. Daarna mochten zij zelf de club veroveren, ditmaal met Grimm als vocale assistentie. Silvester Anfang speelde een snoeiharde, erg overtuigend stukje improvisatie, met hevige ladingen noise, een sterke opbouw en alles verbrijzelende percussie. Het oosters gekrijs van Grimm werd gecombineerd met Siberische 'evil as fuck' vocals, terwijl er lustig gedroned werd. Deze spontane uitbarsting bezorgde de labelavond zonder enige twijfel haar eerste hoogtepunt.

De rustpauze was relatief kort maar broodnodig, en toen Bram Devens het podium besteeg, sloegen de vlammen alweer over. Jammer genoeg kon dhr. Ignatz de verwachtingen niet echt inlossen, mede door wat technische problemen (men kreeg duidelijk de microfoons niet goed afgesteld). Devens' vocals waren amper hoorbaar, maar de noise-salvo's kwamen als een tsunami op ons af. Daar moest Devens het die avond dan ook van hebben: een geniale combinatie van verschroeiende noise, gestrumde snaarinstrumenten die op zich weinig geluid leken te contribueren, en verdronken, oosters klinkende geluidsflarden. Geen subtiliteiten vanavond, maar Ignatz was zo'n vijftal minuten koning in de AB.

Gelukkig kregen we even de tijd om al dat opwaaiend stof weg te spoelen met een frisse (en iets goedkopere) pint, waarna James Blackshaw voor extra verluchting zorgde. Blackshaw is een gitaarwonder uit Londen met een zelfverklaarde liefde voor Robbie Basho. Hij bewees zijn talenten in de AB Club voor een ietwat cynisch publiek met drie ijzersterke nummers. De Engelsman liet zijn 12-snarige gitaar verschillende paden bewandelen. Zijn op-en-neer-wippende songs getuigden van goed gitaarspel en een meer dan adequaaat staaltje compositie, iets wat het publiek eindelijk min of meer stil kreeg tijdens 'Transient Life in Twilight'. Blackshaw brengt in juni ook een nieuwe plaat uit.

En dan was er die soundcheck from hell, en die afsluitende band waar onze benen eigenlijk helemaal geen zin in hadden. Veel gezeur en gemekker, te veel vuile boekjes die door de club circuleerden, etcetera. Kiss the Anus of a Black Cat stond al snel op het podium onze oren te bekogelen met nu-metal drumwerk en dergelijke meer, ten einde 'alles goed af te stellen'. Nou moe. Dan vlogen ze er maar eens in met 'You Will Reap a Whirlwind', en een stomend slotconcert was begonnen. Er presenteerde zich wel een miniscuul probleem: hoewel Kiss the Anus blaakt van energie en voetenstamperij eens ze een podium beklimmen, schieten ze jammerlijk te kort op inhoudelijk vlak. De band gaat als een stoomtrein door je trommelvliezen, maar een man als Stef Heeren die blijkbaar een iets minder theatrale James Hetfield probeert te presenteren, doet weinig aan die cynische blik waar Grimm het eerder al over had. Misschien moeten de mensen van (K-RAA-K)³ ook eens aan hun sequentie beginnen werken, want dit was niet bepaald de gedroomde afsluiter, net als de week ervoor in de Vooruit.

Natuurlijk verdienen diezelfde mensen net zoveel felicitaties voor een avond die heel wat straffe muziek bevatte. (K-RAA-K)³ staat terecht garant voor een heuse brok kwaliteit en originaliteit, en dat bewezen ze op Domino's slotdag nog maar eens. Het concept van de labelavond is natuurlijk altijd ietwat problematisch, en ook hier zorgde de saturatie nu en dan voor vermoeidheid

E-mailadres Afdrukken