Banner

Galatasaray + Bigband Bigbandski @ Happy New Ears

Tom Deburghgraeve - 01 oktober 2005

Happy New Ears, het zelfverklaarde Kortrijkse festival voor nieuwe muziek, is dit jaar aan zijn tiende verjaardag toe. Feest dus, en daarom doet de organisatie nog net iets meer haar best om voor deze verjaardagseditie het onderste uit de kan te halen. Tussen 24 september en 9 oktober passeren ronkende namen als Peter Vermeersch of Kim 'Sonic Youth' Gordon herself de revue. Maar zoals elk jaar zijn vooral de minder of niet bekende namen de rode draad voor Happy New Ears, dat vooral een forum wil bieden aan (gedurfd) experiment en avant-garde. Deze editie programmeert dan ook "een explosieve cocktail met grensverleggende componisten en rockers, glasorgel, laptop, boomcarorkest, bigbangopera én geluidsinstallaties".

Zenuwcentrum van het festival is het fabriekcomplex Heilig Hart. Wie daarbij denkt aan een koude, ongezellige setting, onderschat de organisatie. Die deed er alles aan om een heuse 'muziekfabriek' tot stand te brengen. Met succes: geluidsinstallaties, videoprojecties, sfeervolle gloeilampjes en een ingerichte bar moesten de bezoeker in de juiste stemming brengen. Voorproeven was mogelijk aan de verschillende ingebouwde tv-kasten waar je met hoofdtelefoon een eigen keuzeparcours van geluidsinstallaties, concertfragmenten of interviews kon doorlopen.

Een eigenzinnige programmatie riskeert vaak enkel een select publiek te appelleren. Dat er deze avond geen tickets aan de kassa bleven liggen, had alles te maken met Galatasaray, een rockorkest dat zich in Kortrijk en brede omgeving wereldberoemd mag noemen. Voor de aftrap tekende Bigband Bigbandski, een gelegenheidsorkest rond het Kapotski-trio met muzikale assistentie van onder meer Tomas De Smet (Think of One, ex-Zita Swoon), TC Matic-gitarist Jean-Marie Aerts, jazzdrumster en percussioniste Isolde Lasoen en actrice Leen Roels (Tg Ceremonia). Tot onze niet geringe spijt had de aangekondigde laptopartiest Johann Johannsson zijn kat gestuurd. We waren nochtans razend benieuwd naar de inbreng van de meest allitererende IJslander en de confrontatie van zijn neoklassieke aanpak met de chaotische sound van Kapotski en co.

Dat Bigbandski geen band als een andere is, was in een oogopslag duidelijk. In een kleinere zaal op het tweede verdiep van de fabriek - een excellente locatie voor de industriële sound van de groep - lagen enkele tapijten bezaaid met instrumenten. Denk daarbij niet in de eerste plaats aan gangbare snaar-, blaas- of slaginstrumenten. Naast een batterij ouderwetse synthesizers vooral veel aftands speelgoed, huishoudapparaten en voorwerpen waar op het eerste gezicht weinig muziek in zit. Een winkelkarretje waar een cimbaal in ligt, wordt in de wereld van Bigbandski een drumstel. Geinig en tegelijk een goede vondst.

De geluidsbrij die het Bigbandski-collectief uitbraakte, knipoogde naar het werk van het New Yorkse Black Dice maar viel enigszins tussen twee stoelen. Op hun best klonk de gekkenhuisfanfare intrigerend en op zoek naar een eigen geluid. Keerzijde waren de passages waar vooral aan muzikale masturbatie werd gedaan en het groepsgeluid niet meer was dan de som van individuele lawaaimakerij. Boeiend waren vooral de momenten waarop ijzingwekkende soundscapes weerklonken voor horrorfilms waar je liever niet naar gaat kijken. Of ratelende en rammelende groepspercussie alsof Slagerij van Kampen losgelaten werd in de Gamma. Op goed getimede momenten scheurde de gitaar van Jean-Marie Aerts door de kakofonie. Isolde Lasoen ging timmerend en zingend tekeer als een dolle Mina en gaf de wat steriele vertoning een scheut charmante zotheid.

Terug op de gelijkvloerse verdieping kregen we een heel ongewone set van Galatasaray te horen. Alleen al de hellende tribune met zitjes wees erop dat de band dit keer eerder op een aandachtig dan op een uitbundig publiek mikte. De opener klonk veelbelovend: één spot tekende een silhouet op de muur van een enkele blazer. Je hoorde de luchtverplaatsing in de saxofoon, maar nauwelijks noten. Langzaam ontwikkelde zich een ambientwolk van digitaal gemanipuleerde saxofoonaccenten en elektronische bleeps. Een spannend begin dat gevolgd werd door verschillende kleine bezettingen: blazers in dialoog met elektronica, een briesend duet tussen gitaar en sax of de naakte essentie van pompende bas en drum. Galatasaray puurde het maximum uit het muzikaal talent dat de twaalfkoppige band verenigt. Het succes wisselde: het improviserend gestoei van elektronica, percussie en akoestische gitaar kon niet lang boeien en was beter binnen de vier muren van het repetitielokaal gebleven.

De experimentele aanpak was duidelijk niet wat een deel van het publiek had verwacht. Tussen de bezettingswissels door zagen sommigen hun kans schoon om zich uit de voeten te maken. Jammer voor hen, want tijdens de finale van het concert, twee stroomstoten Galatasaray pur sang, ging het dak er af: de voltallige blazerskapel toeterde zich de longen uit het lijf, de gitaren blaften gevaarlijk en de dubbele drums donderden door de fabriekshal. Opeens bleken de stoeltjes erg ongemakkelijk en overbodig.

Tekenend voor de experimentele aanpak van beide concerten was het ontbreken van bisnummers. Of beter: het wegblijven van een joelend publiek dat meer wil. Wie samentroept onder de banier van Happy New Ears is van geen kleintje vervaard, maar zelfs taaie festivalgangers kregen het soms moeilijk. En dat is tegelijk de achilleshiel en de sterkte van het festival: hier krijgen artiesten de ruimte om mogelijkheden af te tasten en zichzelf te verkennen met vallen en opstaan. Daar staat hun publiek grotendeels voor open.
E-mailadres Afdrukken
 
Galatasaray + Bigband Bigbandski @ Happy New Ears

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST