Banner

DIT WAS 2014: Yevgueni

"Een zuiver artistiek leven is dus ook niet alles"

Maarten van Meer - 24 december 2014

De hele maand december blikt enola.be terug op het afgelopen jaar met de interviewreeks DIT WAS 2014. Daarin laten we artiesten aan het woord die het jaar maakten of wiens plaat onterecht onopgemerkt de vergetelheid in dook.

Jazeker, Klaas Delrue kleurde ons muzikale jaar. In februari solo als Delrue, met het bij momenten betoverend mooie Risquons-Tout, in oktober met day job Yevgueni, wiens vijfde album Van hierboven verraste in al zijn ongedwongen avontuurlijkheid die toch onmiskenbaar van de band komt die we al bijna tien jaar koesteren. Veel goeds, maar dat het dus een druk jaar moet zijn geweest voor de frontman.

Delrue: (lacht) "Ont-zet-tend druk. Twee albums gemaakt hè. Risquons Tout was klaar in 2013, maar de promo viel dit jaar, toen we ook weer met Yevgueni begonnen waren, samen met die repetities. Tot mei was het de meest waanzinnig drukke periode die ik al had. Qua tijdsbesteding, maar ook mentaal omdat ik zoveel verschillende dingen in mijn hoofd moest combineren. In die zin was 2014 heel dubbel. Ik denk dat ik volgend jaar de vruchten ga plukken van het harde werken van 2014. 2015 wordt hopelijk een jaar van genieten."

enola: Je hoopte dat er iets in Frankrijk zou gaan bewegen met Risquons Tout. Conflicteerde die ambitie niet met de release van Van Hierboven?
Delrue: "We hebben afgesproken dat als er op zo’n korte termijn een doorbraak in Frankrijk in zat, we de gevolgen voor Yevgueni er bij zouden nemen. Maar we waren ook wel nuchter genoeg om te beseffen dat die kans behoorlijk klein was en zeker te klein om al op voorhand echt rekening mee te houden. Nu het drukste van Yevgueni ook weer voorbij is, hoop ik wel de ruimte vinden om met de platenfirma na te denken over de mogelijkheden. Zelfs als ze Delrue niet moeten als zanger of artiest, kunnen de liedjes zelf misschien nog wat worden. Ik hoop op lange termijn wel dat een of twee van die liedjes de weg naar Frankrijk vinden. Het zou wel handig zijn als ik ze vanuit mijn luie zetel door iemand anders kan laten zingen. Dan zal ik het wel zien op mijn Sabam-afrekening. (lacht) Maar het zou natuurlijk nog mooier zijn als ik zelf op een dag naar Frankrijk kan om mijn eigen liedjes te spelen. Die jongensdroom is zeker nog niet opgeborgen. De plaat is ook tijdloos genoeg opgevat om daar de komende jaren nog mee aan te slag te gaan. Misschien in Canada. Daar kunnen ze beter overweg met rare accenten dan de Fransen zelf. Ik verwacht er nog iets van alleszins."

enola: Kies je nu bij een nieuwe song- of tekstidee of het solo- of Yevgueni materiaal is?
Delrue: "Dat is heel snel duidelijk, ook door de nieuwe manier van werken bij Yevgueni. Na twee akkoorden of twee zinnen weet ik of het een Frans liedje of een idee voor Yevgueni is. In het eerste geval weet ik dan ook vrij snel hoe het zou kunnen klinken op plaat, maar in het tweede geval heb ik geen idee wat het zal worden, want de groep wordt er eerst nog op losgelaten. Artistiek is dat een enorm comfortabele situatie. Ook Geert en Maarten staan dankzij hun zijprojecten (Walrus en Slow Pilot, MvM) een stuk sterker. Dat zorgt ervoor dat Yevgueni nog complexlozer werkt dan vroeger."
"We hadden met Stef Kamil Carlens al een heel grote stap vooruit gezet, maar het was nog vaak een bridge of een intro of outro toevoegen aan een song die er al was. In bijna alle nieuwe nummers zit de spanning tussen groep en zanger nu andersom: ik vond soms mijn draai niet qua melodie of had niet genoeg plaats om zes strofes in het nummer te krijgen. Dan is het nu een kwestie van me aan te passen en er vier van te maken. Vroeger kwam ik met mijn tekst of songidee, waardoor er soms heel weinig plaats overbleef voor een bridge of muzikaal idee. We zijn al drie albums lang aan het zeggen dat het nieuwe album meer dan ooit een groepsplaat is. Het was elke keer waar, maar het was nog altijd growing up in public. Nu zijn we er ook echt."

alt

enola: Hoe kijk je nu terug op de vorige albums?
Delrue: "In de bio van Van hierboven staat dat het een greatest hits met nieuwe nummers is. Daarmee bedoelen we dat we al het beste van onze vorige platen hebben gebruikt om nieuwe songs mee te schrijven. Dat kan je als groep die zo lang samen blijft. Je leert met elke nieuwe plaat en elke producer bij. David Poltrock was nu de perfecte keuze: net genoeg buitenstaander om het wel te zien als wij het even niet zagen, maar ook genoeg vriend om soms neen te durven zeggen. Stef Kamil was een beetje de grote broer waar we zeker in het begin zeer zwaar naar opkeken en daardoor te veel afwachtten waar hij mee zou afkomen. Wouter Van Belle was aanvankelijk dan weer het ultieme voorbeeld van een producer die een band meer kneedt naar zijn idee dan omgekeerd. We hebben ook van hem veel geleerd, dus je ziet zeker de producers in onze evolutie. "
"Elke plaat verdient voor ons dus nog de vier sterren die ze toen gekregen heeft. Op elk concert verkopen we nog exemplaren van Kannibaal omdat bijvoorbeeld "Sara" en "Als ze lacht" daarop staan en we die nummers ook nog bijna elk concert spelen, al gaan we er nu muzikaal anders mee aan de slag. Er zijn ook teksten die ik zou aanpassen. "Oud en versleten", "Mama, ik wil papa" of "Manzijn" en de meer cabaretachtige, humoristische songs zou ik nu misschien nog wel schrijven, maar niet meer voor Yevgueni. Een jonger iemand kan daar vanuit zijn context misschien wel meer mee doen dan het huidige Yevgueni."

enola: Denk je dat het trio van tien jaar geleden deze plaat had kunnen maken?
Delrue: "Ik denk dat we zeker al het talent hadden, maar nog niet de maturiteit. Geert en Maarten hadden in Leuven een rockgroep waar we allemaal fan van waren: Bitter Moon. Ze hadden toen dus al de bagage om dat te doen. Ik was ook echt wel een heel vreemde eend in de bijt, waar zij gelukkig mee wilden samenwerken. Ik was de man met de gitaar: heel basic en chanson-gericht. Je kan dat met Eels vergelijken, maar ik had niet de experimentele bagage om daar een draai aan te geven. Dat was eigenlijk het alternatieve van Yevgueni: dat er duidelijk kleinkunst inzat, maar dat de groepsleden ook in een andere richting trokken. Dat zat zeker al in de demo’s van Kannibaal en Wouter heeft dat dan iets meer in de klassieke kleinkunstrichting gekneed. Ik denk dat het unieke van die plaat toen al in de spreidstand tussen rock en kleinkunst zat. Dat is blijven evolueren tot waar we nu zijn."

enola: Ik zag Maarten en Geert jaren geleden op een concert van Pavement. Er zijn weinig mensen die geloven dat jullie ook naar Pavement luisteren.
Delrue: "Die fout maken veel mensen, zeker journalisten (lacht). In de muziek die je maakt, zit nooit alles wat je graag hoort. Die twee zijn inderdaad grote Pavementfans en ik heb het dankzij hen leren kennen. Nu staat het ook op mijn iPod, zeker als ik op reis trek met de auto. Ik ben naar Stephen Malkmus gaan kijken op Pukkelpop en dan zie ik ook de blikken: '"Wat staat gij hier in godsnaam te doen, man?'". Maar dEUS hebben zij me niet moeten leren kennen en ik heb hen Tom Waits leren kennen. Maar: met mijn stem moet je niet proberen om Tom Waits in je muziek te brengen en met Patrick Steenaerts als gitarist, moet je niet proberen om Pavement in je muziek te krijgen. Vraag hem om een Wilco-solo te spelen en veel mensen zullen met hun ogen dicht het verschil met het origineel niet horen (lacht). Vroeger durfden we Wilco zelfs niet te vernoemen op een repetitie. Dat was heiligschennis of misschien zelfs een jinx. Nu hebben we een soort jargon ontwikkeld. Dat mag iets meer Raymond klinken en dat iets meer Gorki, maar daar zit even goed Eels of Elbow of The National bij. Ik las dat dan terug, nota bene bij jullie. Dat zijn de zaligste momenten als groep: als je referenties, die je nauwelijks durft vernoemen op de repetitie, in een recensie leest."

enola: De Grizzly Bear-referentie was nochtans niet zo subtiel verstopt.
Delrue: "(lacht) Dat was dan ook geen compliment natuurlijk. Dat was meer ons betrappen dan ons complimenteren. Maar goed: We hebben het inderdaad over "Two Weeks" gehad op de repetitie (lacht). We zijn stout genoeg om zoiets erin te houden, omdat toch niemand dat bij ons gaat herkennen."

enola: Het is opvallend dat het meest pakkende nummer op jullie nieuwe plaat net zeer minimalistisch is en in trio gespeeld wordt: "Naar huis". Dat had ook op Kannibaal kunnen staan.
Delrue: "Klopt, de demo van "Naar huis" zat zeker niet zo ver van die allereerste demo’s voor Kannibaal. Bij "Sneeuwman" op Welkenraedt is er ook geopperd om dat erg klein te doen, maar is dan toch met volledige band opgenomen. Dat is ook wel een teken van maturiteit: dat Poltrock maar een keer heeft moeten voorstellen om dat bij hem thuis in de living op te nemen. Iedereen was direct akkoord. We overwegen nu zelfs om er een single van te maken. Het is alvast mijn lievelingsnummer. Niet omdat we het zo klein gehouden hebben, maar omdat het zo spontaan geschreven en opgenomen is, dat ik het bijna als een nummer van iemand anders kan beluisteren."

enola: Je leeft zowat je hele professionele leven al van muziek maken. Dat is niet iedereen gegeven. Is dat comfortabel of word je soms badend in het zweet wakker?
Delrue: "Goh. In aanloop naar de sabbatical heb ik dat gevoel even gehad. Ik had toen vier jaar van Yevgueni geleefd, maar zag dat het op lange termijn niet houdbaar was. Mentaal en fysiek geef je veel en krijg je ook veel terug: de dagen na zo’n concert in de AB, loop je een week goed gezind. Maar financieel krijg je net te weinig terug om gelukzalig wakker te worden en je geen zorgen over de toekomst te maken. Het is nu voor iedereen hard zoeken naar een evenwicht tussen een normaal bestaan dat brood op de plank brengt en een artiestenbestaan. Maar goed: een job die je niet graag doet en waarvan je elke dag voelt dat je hem minder graag doet, is een veel groter probleem dan als je probeert om je grote droom te combineren met een gewone job."
"Het ergste dat je kan meemaken, is dat je grote droom je beroep wordt en je het tegen je goesting doet. Dan ben je alles kwijt. Ik ben een hele grote Blurfan en Graham Coxon heeft dat zo mooi verwoord in "You’re So Great". Dat heeft hij op zijn hotelbed geschreven omdat hij het allemaal zo kut vond. En hij was met de grootste band ter wereld op tournee! Dan is hij helemaal loos gegaan en uit de band gegooid. Als je hem nu ziet, is het nog altijd een beetje alsof het vuur weg is uit zijn ogen. Het vuur dat er voordien zat was ook veel te groot en allesverwoestend. Je merkt dus zelfs aan die heel grote mannen dat je die vaste grond nodig hebt, dat je ergens een gulden middenweg moet vinden om niet bedrogen uit te komen. Het is door ouder te worden dat je daar meer en meer achter komt."
"Een zuiver artistiek leven is dus ook niet alles. Ook los van het financiële plaatje moet je op zoek naar een goede combinatie van vaste grond en losse grond, mentale rust en creativiteit. Je wil zeker niet vastroesten in het burgerleven waar ze vooral in de jaren zeventig nogal op neerkeken. Ik kan genieten van twee avondjes gewoon in de zetel liggen met mijn vrouw, zelfs als het is om naar een slechte film te kijken. Het gaat mij dus zeker niet om vooral niet burgerlijk te zijn, maar je moet een gulden middenweg vinden. Genoeg uit je kot komen, ook al ben je geen artiest. En als je niet uit je kot komt, je daar ook goed voelen."

enola: Dat doet me aan Robbie denken. Hij staat niet op de plaat, maar ik wil hem hier toch even bij sleuren.
Delrue: (lacht hard)

enola: Dat lijkt me een personage dat exact daarmee worstelde. Hij zat in het brave burgerleven, maar wilde er niet inzitten. Iemand die tegen zijn zin vastgeroest is.
Delrue: "Ja, maar daarom dat we hem ook weggeschreven hebben. Omdat we ergens tussen plaat twee en plaat drie beseften dat het meer een kwestie van evenwicht dan van een tegenstelling is. Dat is het mooie aan zo’n personage: je kan er ook iets uit leren. Je maakt het personage iets erger dan jezelf, waardoor je met je eigen schrijfsels ontdekt dat het toch ook niet helemaal is waar je naartoe wil en dat het ook wel wat te pessimistisch gedacht is van hem. Terwijl je hem zelf uitgevonden hebt. Robbie is een heel boeiende en (lacht), zeg maar, behulpzame figuur geweest tijdens die eerste jaren van ons muzikale parcours. Voor de vierde Robbie wist ik dan ook niet meer wat te schrijven zonder dat het potsierlijk zou worden of ik er helemaal niet meer zou achterstaan. Ik moest dat een beetje op een theatrale manier afronden, wat een beetje een afrekening was, ja. We hadden nu ook "De niet geheel onverwachte terugkeer van Robbie" als instrumental op de plaat kunnen zetten of zo, maar ik vond dat die afrekening wel geslaagd was en dat die minstens een paar albums moet duren. Binnen vier albums kunnen we dan afkomen met "Het was toch een lastig jaar" of "de middenweg is toch niet zo plezant" of zo. (lacht)"

E-mailadres Afdrukken
 
DIT WAS 2014: Yevgueni

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST