Banner

De Filmfabriek

S*CKMYP (d'Haeseleer, Verhelst & Köhn)

Matthieu Van Steenkiste - 15 maart 2005

Drie kunstenaars, elk actief op een ander gebied, gaan de samenwerking aan. De één brengt een tekst in, de ander voorziet in de beelden daarbij, een derde levert een soundtrack. Het resultaat is een "experimentele film" en een video-installatie, beide met de naam S*CKMYP. De dvd van de film is een ronduit indrukwekkende en bezwerende trip van tachtig minuten.

"Heel even leek het iets voor te stellen: het materialiseren van lucht in een herkenbare gedaante, veroorzaakt door de fladderende handen van een jongentje bij de trage ochtendgymnastiek op een schoolplein. Ergens een vlek die zich tussen die vingers zwermgewijs voortplant. Uit verveling. Of uit overtuiging. Of gehoorzamend aan een troebele uit de hand gelopen formule. Of gewoon als het zoveelste bewijs van falen. Van een gebrek aan diepgang. Of een teveel aan mogelijkheden."

Verwacht geen toegankelijk, rechtlijnig verhaal. Stel je zelfs geen samenhang tussen beeld en tekst voor. Wat auteur Peter Verhelst, filmer Kurt d’Haeseleer en muzikant Köhn (o.a. lid van de portables) hier presenteren is eerder een ervaring die je gewoon over je heen moet laten komen. Hoe je S*CKMYP ook benoemt, het is vooral iets compulsiefs dat je mee zijn eigen wereld in dwingt.

Zoals je van iets waar Verhelst bij betrokken is kunt verwachten is zintuiglijkheid dus het grote sleutelwoord. Op basis van zijn dichtbundel Verhemelte leverde Verhelst een tekst af die al zijn kenmerkende obsessie verenigt: lichamelijkheid, SM, … De beelden proberen daar niet aan te beantwoorden (het is maar de vraag of een visuele explicitering van Verhelst’s woorden eenzelfde graad van poëzie zou halen) maar d’Haeseleer plaatst daar net vaak onschuldige landschapsbeelden tegenover: een hoogtechnologisch zakenkwartier in de stad, beelden van straten, een voorstadswijk.

Kerntechniek is het morphen waarbij beelden voortdurend gemanipuleerd worden tot het herkenbare verdwijnt en enkel vlekken alles nog aan de verbeelding overlaten. Dat procédé is ook herkenbaar in de begeleidende muziek van Köhn: we krijgen aan Fennesz verwante bijna-ruis die elk moment een vorm van melodie lijkt aan te nemen, maar dan weer wegdeemstert in iets anders.

Als drie zo’n sterke impulsen om de aandacht vechten, kan het natuurlijk niet anders dan dat één wel eens het onderspit moet delven. Evenwicht wordt maar zelden bereikt. Een beetje vervelend voor een film misschien, maar de beelden weten maar zelden de aandacht naar zich toe te trekken. Muziek en tekst haken zo naadloos in elkaar dat S*CKMYP vooral een luisterervaring wordt, net als bij een videoclip (niet toevallig het medium waar d’Haeseleer zijn inspiratie haalt) is het visuele niet meer dan een aanvulling.

De hypnotiserende stem van Verhelst in combinatie met de klankband zuigt je onbedwingbaar mee. Het is een lange trip die niet loslaat als een mantra die toch constant evolueert. Langzamerhand laat je alle betekenis los en pik je nog slechts fragmenten op die iets betekenen. Verhelsts tekst is zelf al zo visueel en roept op zich al beelden op die niets te maken hebben met wat d’Haeseleer op het scherm brengt. Een desoriënterende kijk- en luisterervaring.

E-mailadres Afdrukken