Banner

Column

Slijpschijf #23

Dirk Steenhaut  - foto's: Kim Duchateau  - 21 mei 2010

Journalist DIRK STEENHAUT snijdt zich wekelijks aan de scherpste kantjes van de rockmuziek.

Het is ronduit fascinerend hoeveel uitstekende muziek ons de jongste jaren uit Canada tegemoet is gewaaid. De echte centra van de esdoornpop zijn uiteraard Montréal, Toronto en Vancouver, maar ook elders vallen ten noorden van de Niagara Falls talloze haarden van creativiteit waar te nemen. Ottawa is bijvoorbeeld de thuishaven van The Acorn, een vijfkoppige folkrockband die wordt aangevoerd door zanger-gitarist en songschrijver Rolf Klausner. Het gezelschap bracht twee jaar geleden het meesterlijke Glory Hope Mountain uit, een conceptplaat waarop Klausner vertelt hoe zijn moeder, Gloria Esperanza Montaya, van Honduras naar Canada emigreerde: een bewogen reis waar nogal wat rampspoed en ontbering mee gepaard gingen.

Sinds de release van die cd heeft The Acorn vrijwel onafgebroken getoerd en het vele spelen heeft duidelijk een invloed gehad op de sound van het dra te verschijnen No Ghost. De nummers klinken grootser, gespierder en luider en krijgen dit keer minder emotioneel gewicht te torsen. Van een rode draad is niet meteen sprake: Rolf Klausner concentreert zich niet langer op één thema, maar raakt verscheidene onderwerpen aan, al mag je daar zeker niet uit concluderen dat het materiaal geen samenhang vertoont. Als we de geruchten mogen geloven, vormt No Ghost zelfs het sluitstuk van een trilogie die in 2004 begon met debuut-cd The Pink Ghost en later werd voortgezet met de EP’s Blankets en Tin Fists.

Een band die bij een bepaalde routine zweert, wordt doorgaans geremd in zijn ontwikkeling. Daarom besloten de heren van The Acorn een nieuwe werkmethode uit te proberen. Drie weken lang sloten ze zich op in een hut in Noord-Québec, zonder televisie, telefoon of internet, en in dat isolement schreven ze het materiaal dat nu te horen is op hun derde langspeler. De resulterende muziek doet directer en spontaner aan dan ooit tevoren en helt af en toe zelfs over richting rock-’n-roll. Luister maar eens naar de kregelige Crazy Horsegitaren in "I Made the Law", het schrapende snarenwerk in opener "Cobbled From Dust" of het decibelvertoon op de als single vooruitgestuurde titeltrack.

Hier en daar gaat The Acorn aan de slag met elektronica, stevige grooves en psychedelische klankkleuren, maar No Ghost is vooral een plaat van contrasten: de songs drijven nu eens op de polsslag van de stad, dan weer op die van het platteland. Het ene moment krijg je doordravende boogie en gierende feedback op je bord, het andere serveert het kwintet bucolische liedjes waarin akoestische instrumenten de hoofdtoon voeren. Onze absolute favoriet is het pakkende "Slippery When Wet", waarin een mijmerende viool de opgeroepen sfeer van vergankelijkheid extra in de verf zet. Ook het sobere "Misplaced", "Almanac" en het meerstemmig gezongen "On the Line" zijn folky juweeltjes waarin subtiliteit en nuance centraal staan.

Nu een groep als Wilco stilaan tot het grote publiek is doorgedrongen, mag ook voor The Acorn de verdiende erkenning niet langer uitblijven. Op zaterdag 5 juni zijn Rolf Klausner en zijn maten te zien in de Brusselse Botanique: een concert dat we u bij deze warm aanbevelen. En nu we het toch over Canada hebben: check binnenkort zeker Expo 86, de nieuwe van Wolf Parade. We zijn namelijk nog steeds niet helemaal bekomen van het verschroeiende concert dat dit viertal vorige week uit de luidsprekers liet knallen tijdens Les Nuits.

Op dit eigenste moment loopt in de Deense stad Aarhus het jaarlijkse Spotfestival. Kitty Wu, een gitaarband uit Kopenhagen, staat dit jaar helaas níet op het programma, maar was wel verantwoordelijk voor een van de meest intense optredens die we er ooit mochten meemaken. Intussen is het vijf jaar stil geweest rond het gezelschap dat ons middels cd’s als The Rules of Transportation (2003) en Knives and Daggers (’05) tot fans voor het leven maakten. Die stilte kwam er omdat de Zweedse bassist Samuel Helles om familiale redenen naar zijn land terug moest en de overblijvers het niet zagen zitten met een buitenstaander in zee te gaan. Dus besloot Kitty Wu zijn weg te vervolgen als trio. De interne rolverdeling werd herbekeken: leadgitarist Allen Schøneberg schakelde over op bas en zanger Robert Lund, die ook de zes snaren beroerde, werd verplicht zich een andere manier van spelen eigen te maken. Al die veranderingen hebben impact gehad op het geluid van Kitty Wu, maar de passie en gedrevenheid van vroeger zijn op het nieuwe Someone Was Here zeker niet weggeëbd.

Het grootste verschil met vroeger zit hem in de meticuleus op elkaar gestapelde zangpartijen. Lund, die enkele jaren geleden in de ban raakte van Bookends van Simon & Garfunkel, zingt nu vaker met zichzelf in harmonie en met het hypnotische "Act Surprised" levert dat meteen een hoogtepunt op. Die aanpak laat echter ook sporen na in "Gold Chain" en "There is a Red Light". "Love Letters" is een nogal expliciete hommage aan Joy Division, maar met songs als "Threetwentyone" en het overrompelende "Dobbelgänger" bewijst de groep gelukkig over genoeg eigenheid te beschikken om iedere vorm van epigonisme te overstijgen.

Naar goede gewoonte zitten de teksten van Robert Lund, over verlies en vervreemding, vol verrassende beelden en metaforen. De zanger slaagt erin veel te suggereren door weinig te zeggen, waardoor de nummers van Kitty Wu ook in het hoofd van de luisteraar voortdurend evolueren. Someone Was Here werd gemixt door Guy Fixen, een Brit die eerder al werd ingehuurd door The Breeders en My Bloody Valentine, en heeft alles om liefhebbers van, pakweg, Editors bij het nekvel te grijpen. Hoog tijd dus dat iemand Kitty Wu nog eens naar een Belgisch podium haalt.

Thomas Devos kennen we nog als frontman van het Brusselse Rumplestitchkin, een groep die dezer dagen blijkbaar een sluimerend bestaan leidt. De jongste jaren maakte Devos vooral muziek voor theater en documentaires, maar dat zag hij zelf veeleer als een bezigheidstherapie dan als een artistiek statement. Dus ging hij op zoek naar een nieuwe uitdaging en die vond hij in San Diego, met de hulp van Pall Jenkins. De spil van Black Heart Procession was onlangs al te horen op de jongste van My Little Cheap Dictaphone en fungeerde hier als medeplichtige en producer.

De eerste worp van Tommigun, zoals dit nieuwe project heet, is nu een feit en op het mooi uitgebalanceerde Come Watch Me Disappear treffen we zowaar oudgedienden aan van Thou en Kawada. Dat levert muziek op zonder uitroeptekens. Thomas Devos is niet het type dat met de vuist op tafel slaat, maar je met zijn songs liever geleidelijk overweldigt. Dat lukt probleemloos met de door piano aangedreven opener "Spotlight": smaakvol verpakte, doorvoelde popmuziek die gelukkig nooit overgepolijst aanvoelt. Meneer Tommigun is namelijk zo slim de liedjes niet nodeloos vol te proppen met allerlei lagen en details. In "Café aux Ours", het intrigerende "Square des Blindés" en vooral, het misfitverhaal "Donkeyboy" durft hij voor een sobere aanpak te kiezen. Het komt de trefzekerheid alleen maar ten goede.

Occasioneel, in het gruizige "Blame Me" of het nijdig aan de ketting rukkende, vaag aan Sparklehorse herinnerende "What Happens Next", wordt de ingetogen teneur doorbroken en mogen de gitaren van stal. Wat de cd extra kleur geeft, is voorts de stem van Kaat Arnaert (jongere zus van Geike en enigszins bekend van Sutrastore). De zangeres zingt hier en daar backings, maar mag twee keer haar stempel drukken op een volledig nummer en ’out’ zich in "Midnight Spoon" en "Nightwalk" als een jazzdiva in wording. Elders legt ook een dromerige trompet sfeervolle accenten. De titel Come Watch me Disappear verwijst naar het moment waarop de passie in iemands leven wordt overwoekerd door routine, iets wat Thomas Devos zo te horen niet snel zal overkomen. Zijn heartbreakhangoverstories mogen in het Belgische muzieklandschap alvast zonder schroom een aanwinst worden genoemd.

Een ander prachtdebuut is From the Ground van Heather Woods Broderick, een dame uit Portland, Oregon die deel uitmaakt van Horse Feathers en een belangrijke rol speelde op de jongste cd van Efterklang, de groep waarmee ze momenteel door Europa toert. Heather is de oudere zus van de gerenommeerde Peter Broderick en net als hij beheerst ze een imposante reeks instrumenten. Op haar soloplaat speelt ze bijvoorbeeld piano, gitaar, cello, celeste, fluit, zither, glockenspiel en percussie. Broerlief, die de cd producete, voegt op zijn beurt (alt)viool, bas, mandoline, elektrische gitaar en drums toe. Hoeft het nog gezegd dat de Brodericks afkomstig zijn uit een muzikale familie en tijdens hun jeugd op het platteland in Maine vooral klassieke muziek en folk te horen kregen? Geen wonder dus dat die twee genres de hoekstenen vormen van From the Ground.

Heather Broderick heeft een warme, troostende stem, die aanleunt bij die van Hope Sandoval, en schrijft intimistische, spaarzaam aangeklede liedjes als "Cottonwood Bay", het verstilde "Wounded Bird" of het op een walsritme deinende "Turned": allemaal auditieve bloemen die zich langzaam openvouwen om het zonlicht op te vangen. De chanteuse mijmert en droomt zacht voor zich uit, zonder haar toevlucht te zoeken tot al te beproefde formules. Haar referentiekader omvat ook experimentele muziek en ambient, wat blijkt uit knappe experimentele composities zoals het negen minuten durende "For Misty" of "Old Son". Voorlopig moet Heather Broderick het qua bekendheid nog afleggen tegen Peter, maar gezien haar vele talenten maken we ons sterk dat dat niet meer zo heel lang zal duren.

  • The Acorn:: No Ghost, Bella Union. http://www.myspace.com/theacorn
  • Kitty Wu:: Someone Was Here, Fast Getaway. http://www.myspace.com/kittywumusic
  • Tommigun:: Come Watch Me Disappear, Excelsior. http://www.myspace.com/tommigunmusic
  • Heather Woods Broderick:: From the Ground, Preservation. http://www.myspace.com/woodsmusical

E-mailadres Afdrukken
 
Column

Columns:
COLUMN :: Slijpschijf #63
COLUMN :: Slijpschijf #62
COLUMN :: Slijpschijf #61
COLUMN :: Slijpschijf #60
COLUMN :: Slijpschijf #59
COLUMN :: Slijpschijf #58
COLUMN :: Slijpschijf #57
COLUMN :: Slijpschijf #56
COLUMN :: Slijpschijf #55
COLUMN :: Slijpschijf #54
COLUMN :: Slijpschijf #53
COLUMN :: Slijpschijf #52
COLUMN :: Slijpschijf #51
COLUMN :: Slijpschijf #50
COLUMN :: Slijpschijf #49
COLUMN :: Slijpschijf #48
COLUMN :: Slijpschijf #47
COLUMN :: Slijpschijf #46
COLUMN :: Slijpschijf #45
COLUMN :: Slijpschijf #44
COLUMN :: Slijpschijf #43
COLUMN :: Slijpschijf #42
COLUMN :: Slijpschijf #41
COLUMN :: Slijpschijf #40
COLUMN :: Slijpschijf #39
COLUMN :: Slijpschijf #38
COLUMN :: Slijpschijf #37
COLUMN :: Slijpschijf #36
COLUMN :: Slijpschijf #35
COLUMN :: Slijpschijf #34
COLUMN :: Slijpschijf #33
COLUMN :: Slijpschijf #32
COLUMN :: Slijpschijf #31
COLUMN :: Slijpschijf #30
COLUMN :: Slijpschijf #29
COLUMN :: Slijpschijf #28
COLUMN :: Slijpschijf #27
COLUMN :: Slijpschijf #26
COLUMN :: Slijpschijf #25
COLUMN :: Slijpschijf #24
Column :: Slijpschijf #22
Column :: Slijpschijf #21
COLUMN :: Slijpschijf #20
COLUMN :: Slijpschijf #19
COLUMN :: Slijpschijf # 18
COLUMN :: Slijpschijf #17
COLUMN :: Slijpschijf #16
COLUMN :: Slijpschijf #15
COLUMN :: Slijpschijf #14
COLUMN :: Slijpschijf #13
COLUMN :: Slijpschijf #12
COLUMN :: Slijpschijf #11
COLUMN :: Slijpschijf #10
COLUMN :: Slijpschijf #9
COLUMN :: Slijpschijf #8
COLUMN :: Slijpschijf #7
COLUMN :: Slijpschijf #6
COLUMN :: Slijpschijf #5
COLUMN:Slijpschijf #4
COLUMN :: Slijpschijf #3
COLUMN :: Slijpschijf #2
COLUMN :: Slijpschijf #1

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST