Banner

Best Of: Tori Amos

Tom De Moor, Erwin Knieper en Matthieu Van Steenkiste - 23 mei 2019

Geef toe: meestal zijn ze uw geld niet waard, de verzamelaars van uw favoriete groep die u in de winkel vindt. De platenfirma denkt dat enkel singles in aanmerking komen en een artiest zelf is ook al zelden goed geplaatst om eigen werk te beoordelen. Tijd dus dat het eens aan professionals wordt overgelaten, en wie beter dan een team kenners van enola om maandelijks de vijftien beste tracks van een artiest te selecteren. Deze maand: het beste van Tori Amos.

alt1. Crucify

"Why do we crucify ourselves?" Dat is de vraag, en Tori Amos heeft er zelf ook geen antwoord op. "Nothing I do is good enough for you", zingt ze, en die you, dat is altijd wijzelf. Wij, die nooit tevreden zijn met wat we bereiken, die onszelf geen break gunnen, die onszelf nog liever in de put duwen dan eens inzien dat we iets goed hebben gedaan. "Just what God needs, one more victim" Amos zou Amos niet zijn als ze dat psychologisch gevecht niet ook voor de deur van het geloof zou leggen. Want als één instituut al dat menselijk geworstel heeft misbruikt en omgevormd tot terneerdrukkend schuldgevoel, dan wel elke mogelijke kerk. "Got enough guilt to start my own religion", het sarcasme ligt er dik op.
Hoogtepunt: 3'25''. "I've been raising up my hands, drive another nail in / Where are those angels when you need them?" En haar stem gaat helemaal de hoogte in.

alt2. Wildwood

Het grotendeels vergeetbare Native Invader wordt hier en daar door popgoud dooraderd. In het sprookjesachtige "Wildwood" lijkt Scarlet opnieuw te verschijnen, ditmaal voor een wandeling door een betoverd bos. In aanhoudend heldere kopstem zingt ze een van haar meest dromerige, zoetste ballades. Als we de vergelijking tussen Tori en Kate Bush blijven doortrekken, dan is "Wildwood" onmiskenbaar haar 50 Words For Snow-moment.
Hoogtepunt: 03' 02''. De achtergrondgitaar staakt voor een verstild derde refrein.

alt3. A Sorta Fairytale

Misschien wel het sterkste nummer op Scarlet's Walk, een eerder meanderend album uit 2002. Op die plaat bezingt Amos de avonturen van een jongedame die op haar volkomen unieke manier de wereld ontdekt. Wat het nummer vooral de moeite waard maakt: de manier waarop Amos tekstueel heel de tijd verwijst naar het mannelijke personage in Scarlets trip. Een naam krijgt hij niet, maar vijf minuten lang besef je dat hij het is die bepaalt welke route er wordt gevolgd. Daarnaast ook mooi meegenomen: "A Sorta Fairytale" is een van die weinige songs in het oeuvre van Amos waarbij toegankelijkheid voorop staat.
Hoogtepunt 0'42''. Een kleine dertig seconden lang werkt Amos zich naar het refrein toe. Ze neemt als het ware een aanloop om de kernboodschap van het nummer een eerste keer te laten doorschemeren: "Like a good book, I can't put this day back / A sorta fairytale with you" Hoe vaker het refrein passeert, hoe heviger je de melancholie kan proeven.

alt4. Cornflake Girl

Het begon met een discussie over vrouwelijke genitale verminking. "Hoe kan het dat een familielid zo wreed kan zijn om je dat aan te doen?", vroeg Amos zich af, en ze ontdekte de term ‘cornflake girl’; het soort meisjes dat hun beste vriendinnen pijn wil doen als het hen uitkomt. De rest van de tekst is vaag -- zoals gewoonlijk -- maar wat maakt dat uit als het zo fijn wiegt als hier?
Hoogtepunt: 00'45''. Eerst de ontkenning “This is not really happening” die alles stil legt, dan de bijna euforische bevestiging: “You bet your life it is”

alt5. Give

Na een reeks conceptalbums gooit Amos voor Abnormally Attracted To Sin het overkoepelende thema overboord, wat resulteert in een tergend lang album dat met wisselend succes -tig genrekanten uitstuitert. Met de trip-goth van "Give" steekt de plaat nochtans veelbelovend van wal. De duistere ballade blikt terug naar haar oeuvre uit de late nineties en gooit er een wavy synth over. In dit ondergeëxploreerde schemerduister beleeft het album zijn weinige toppunten.
Hoogtepunt: 01' 48''. Een stemsliding trekt het voorts ijl gezongen refrein terug de rauwe diepte in.

alt6. Sweet The Sting

Amos als soulvolle diva die je haast bezwerend in bed probeert te lokken. Het nummer staat bol van de al dan niet subtiele verwijzingen naar geslachtsdelen in volle glorie en de manier waarop een dergelijke ervaring je kan redden of verdoemen. Muzikaal is het een aangename verrassing: geen piano -- wel een orgel -- en een duidelijk sausje dat gemaakt is met Caraïbische mosterd. Ook hier is het meer dan de moeite waard om liveversies van het nummer te zoeken: Amos aan de piano die de micro zo bespeelt dat het seksuele van het scherm spat. Niet voor gevoelige zielen, of jonge kijkers.
Hoogtepunt: 1'16''. Samen met het koor glijdt Amos het refrein binnen; de bongo's op de achtergrond geven het ritme van de beweging aan en samen banen ze zich een weg naar een onvermijdelijk hoogtepunt, of zoals Amos het verwoordt: "Inching ever closer to the tip of this scorpion's tail"

alt7. Pretty Good Year

"Greg, he writes letters", daar begon het mee. Greg was een fan, vertelde Tori hoe hij op zijn drieëntwintigste al het gevoel had dat hij alles had gemist. De zangeres begrijpt het, grijpt de brief aan om toch een randje van hoop te tonen. Of om toch te laten zien hoe iedereen altijd ergens een droom net buiten handbereik houdt, opdat er nog iets is, opdat het ooit, misschien, beter kan worden.
Hoogtepunt: 00'00''. Dat heerlijk delicate pianolijntje.

alt8. Raspberry Swirl

Na drie soloplaten schuift Amos de piano wat naar de achtergrond om op From The Choirgirl Hotel meer richting rock te laveren. Dit is geen knieval richting commerce, want het mag er bij momenten lekker groezelig aan toegaan. Zo ook op de tweede single, het venijnige "Raspberry Swirl". De theatraal groteske mosterd haalde ze bij Kate Bush, van wier artrock ze een punkier interpretatie maakt. De clip, waarin ze een Magritte-lift tot bij een Lynchiaans feest neemt, complementeert het bevreemdend broeierige sfeertje perfect en vormde een van de hoogtepunten van de alternatieve nachtprogrammatie van een pre-reality MTV.
Hoogtepunt: 01'01''. "Things Are Getting Desperate": Amos kruipt door de liftkoker richting waanzin terwijl ze de meest meezingbare zin van de koortsdroom lanceert.

alt9. Playboy Mommy

Een moeder in gesprek met haar gestorven dochter; een andere interpretatie kan je moeilijk op het nummer plakken. Wanneer je beseft dat mama ongeveer vier minuten vertelt over alles dat ze beter had kunnen doen, wordt het geheel net dat tikkeltje tragischer. Simpelweg een van die ijzersterke songs waarin Amos in de huid kruipt van een anonieme vrouw om zo af te rekenen met de demonen uit haar verleden. Online vind je dan ook vage theorieën die aangeven dat de playboy mommy Amos zelf is. De dochter? Het kind dat Amos verloor in 1996.
Hoogtepunt: 2'47''. Alles gaat net dat tikkeltje trager terwijl Amos het beeld schetst van een moeder die het graf van haar kind niet meer vindt. Naarmate het nummer vordert, hoor je die extra emotionele laag in de zang vrij brutaal doorkomen.

alt10. Teenage Hustling

Met American Doll Posse dreef Tori haar liefde voor conceptalbums tot het uiterste. Het idee om vijf alter ego's gebaseerd op Griekse godinnen afwisselend doorheen de tracklist te laten opdraven leek de blauwdruk voor een plaat die in pretentie zou verdrinken. Niets bleek minder waar, want slechts zelden hoorden we haar zo veel tongue in cheek-plezier beleven. De single "Big Wheel" is hier het bekendste voorbeeld van, maar muzikaal staat "Teenage Hustling" steviger in de schoenen. Laat de eerste pianonoten je niet misleiden, want ze openen de deuren tot een kolkende saloonrevue die tot het stevigste rockwerk uit Amos' oeuvre behoort.
Hoogtepunt: 03' 23''. "Now I don't mind a dirty girl": drie minuten ver in de scheurende gitaren hebben wij daar ook absoluut geen problemen mee.

alt11. Me And A Gun

Het is dat derde stuk -- dat niet in de titel mocht -- dat de essentie vat: "and a man on her back" Tori Amos was eenentwintig toen ze na een optreden in Californië een man een lift gaf en verkracht werd. Drie minuten en drieënveertig seconden lang brengt Amos het relaas met detail. Haar a capella hakt er bruut in, terwijl ze vertelt hoe ze religieuze hymnes moest zingen en wat voor bizarre gedachten door haar hoofd schoten. Een man die het hier niet koud van krijgt is geen mens.
Hoogtepunt: Dat terugkerende “I haven't seen Barbados, so I must get out of this”, telkens opnieuw. De wil tot overleven, al was het maar voor een reis.

alt12. Enjoy The Silence

Een volledig album met covers, van The Beatles tot Eminem. Hoeveel platenbonzen zouden van de daken hebben geschreeuwd dat Strange Little Girls niets anders was dan je reinste commerciële zelfmoord? Amos neemt afstand van haar traditionele vrouwelijke perspectief en stript elk nummer hier tot op het bot. Dit keer voel je niets anders dan een opkomende dreiging die langzaamaan sterker wordt, tot het einde van het nummer je net dat tikkeltje onvoldaan achterlaat. De climax ontbreekt, en het is net dat gegeven dat je op repeat doet blijven drukken.
Hoogtepunt: 0'01''. Letterlijk vanaf de eerste seconde zet Amos de toon van het nummer; traag -- noem het hier en daar gerust slepend -- en gedisciplineerd. Let op de manier waarop ze sommige woorden net iets extra benadrukt, zoals die eerste lettergreep in violence.

alt13. Muhammed My Friend

Een vreemd nummer uit een nog vreemdere langspeler (Boys For Pele), maar daarom niet minder betoverend. Alsof ze niet wil ontwaken uit een koortsdroom mijmert Amos over het echte geslacht van Jezus, de kleren van de paus en een of andere talkshow waarin ze graag een zitje wil reserveren. Bekijk je de componenten los, dan slaat het op niets; voeg je alles samen, dan krijg je een Amos grand cru waarin ze subtiel haar kijk geeft op het absurde van de gewichtigheid die maar al te vaak aan religie wordt opgehangen. Leuk om te weten: op YouTube vindt je schitterende liveversies van het nummer waarin Amos wordt bijgestaan door Maynard James Keenan van Tool. Welke versie nu effectief beter is, laten we in het midden.
Hoogtepunt: 3'05''. Vanuit het niets, een saxofoon. Het instrument is maar enkele seconden te horen, maar het belang is onschatbaar. Even wordt je aandacht afgeleid van Amos die net iets te drammerig wordt en word je opnieuw met je neus op de feiten gedrukt: neem de boodschap van het nummer niet te serieus en zorg vooral voor je eigen interpretatie. Al dan niet met Shiseido Red.

alt14. Bliss

De opener van de nieuwe helft van To Venus And Back is een klasbak die oud -- de dreunende piano -- naar nieuw -- een zwaardere laag elektronica -- overbrugt. De eerste twintig seconden waan je je zowaar in een Portishead-album. Vanaf de eerste zanglijn ben je ongetwijfeld in Tori-land, maar het nummer blijft verrassen met een digitale grondlaag die op gepaste momenten de spotlight aan de pianotoetsen laat en een episch refrein waar met een elektrische gitaar toch weer een nieuw ingrediënt doorscheurt.
Hoogtepunt: 03' 19''. Amos rondt het nummer af door de titel nog een paar keer dramatisch af te dreunen.

alt15. Winter

Opgroeien doet pijn, en Tori Amos heeft haar part opgroeien gedaan. "Winter" is deels preek van haar vader, deels worsteling met de ontnuchtering die het leven met zich meebrengt: "So many dreams on the shelf" Muzikaal mag het episch, met eerst een klein pianootje en een Kate Bush-achtige vertelzang, gevolgd door een gigantisch orkestrale finale. Waarna alles opnieuw in elkaar plooit tot het weer in dat kleine muziekdoosje past.
Hoogtepunt: 3'36''. De strijkers zwellen aan, en ergens opent een deurtje waarachter een volledig orkest klaarstaat. Exact een minuut later grijpt Amos opnieuw de macht met een subtiel gezongen "When you're gonna make up your mind?"

E-mailadres Afdrukken