Banner

“My name is El-P, I produce and I rap too”

El-P voor Run The Jewels

Gowaart Van Den Bossche - 01 november 2017

Het monstersucces van Run The Jewels kwam als een behoorlijke verrassing voor wie de carrière van El-P al een tijd volgde. Flirtte rijmpartner Killer Mike al eerder met de mainstream, dan had El-P tot op dat punt een resoluut eigenzinnige carrière uitgebouwd binnen veel minder toegankelijke regionen van de hiphop.

Jaime Meline, oftewel El-P (een afkorting van El-Producto), werd geboren in 1975 en groeide op in Brooklyn, New York. Die datum en plaats zijn al veelzeggend: in Meline’s peuterjaren ontstond hiphop zowat in zijn achtertuin en als tiener zag hij het genre tot wasdom komen. De harde klanken die veel hiphop aan het einde van de jaren tachtig kenmerkte zouden een duidelijke invloed blijven in de muziek die hij later in groep, als producer, en zeker als soloartiest zou creëren. In 1993 ontmoette hij dj Mr. Len, met wie hij de groep Company Flow oprichtte. Een eerste single “Juvenile Techniques” volgde nog datzelfde jaar. Het was het begin van een bijzonder veelzijdige, consequent boeiende carrière, waarvan zijn recente succes met Run The Jewels slechts een tamelijk nieuw facet vormt. Enola selecteert vijf sleutelreleases uit El-P’s voorgeschiedenis.

1. Company Flow :: Funcrusher Plus (1997)

De enige echte langspeler van Company Flow, dat op dit punt uitgegroeid was tot een trio met rapper-producer Bigg Juss. Funcrusher Plus was meteen een uitschieter van formaat waarmee experimentele hiphop op de kaart werd gezet, alsook de eerste grote release op het toen nog kleine label Rawkus Records. El-P was duidelijk voortrekker in de groep en nam zowel het gros van de productie als de helft van de raps voor zijn rekening. In die productie zijn enkele herkenbare kenmerken van El-P’s stijl al prominent aanwezig: evenzeer beïnvloed door Public Enemy als door Nine Inch Nails, hoor je hier een nadruk op sferische geluidstapijten, snoeiharde drums en een fetisj voor bizarre scifi blieps. Neem bijvoorbeeld “Collude/Intrude” dat aangedreven wordt door een minimaal baslijntje, droge drums, onbestemde geluiden en een gemutileerde gitaarriedel. Een eerder bizar geheel, maar wel een headnodder van formaat. Ook tekstueel is El-P hier al herkenbaar: een ietwat nasaal, agressief stemgeluid uit zich in complexe metaforiek en talloze referenties naar alle uithoeken van de populaire cultuur.

Funcrusher Plus werd enthousiast ontvangen en was zowel voor de groep als voor Rawkus een eerste doorbraak, maar een groot commerciëel succes was het niet. De leden van de groep botsten dan ook al snel met de nogal amateuristische leiding bij Rawkus. Teleurgesteld in het beperkte commerciële succes hield de groep het twee jaar later voor bekeken en een volwaardige opvolger kwam er nooit. Net nadat de groep stopte kwam er wel nog de instrumentale plaat Little Johnny From The Hospitul waarop El-P’s eigenzinnige productie volledig op het voorplan kwam te staan, een voorbode voor wat nog komen moest.

2. Cannibal Ox :: The Cold Vein (2001)

De ontevredenheid met Rawkus zette El-P ertoe aan om in 1999 zijn eigen independent label Definitive Jux uit de grond te stampen, waarop hij zowel eigen werk als dat van acts waar hij in geloofde kon uitbrengen. Daarbij ging Meline veel verder dan de doorsnee labelbaas, want op verschillende releases had El-P een stevige vinger in de pap te brokken als producer. The Cold Vein, de eerste langspeler die het label uitbracht, is daarvan een goede illustratie, en meteen een van de allerbeste platen op Def Jux. Cannibal Ox bestaat uit rappers Vordul Mega en Vast Aire, maar eigenlijk kan je op dit debuut El-P bijna als een volwaardig derde lid zien aangezien hij de productie volledig in handen had.

Wat dat oplevert? Een grauwe dystopie van grijstinten waarin El-P’s postindustriële productie de perfecte fond legt waarboven de flamboyante Vast Aire en de rustig observerende Vordul Mega de ruwe realiteit van het New Yorkse straatleven konden herinterpreteren als een space age gebeuren. Hard, maar ook meesterlijk verwoord, getuige daarvan enkele citaten van Vast Aire uit opener “Iron Galaxy”: “Boy meets world, of course his pops is gone, what you figure / that chalky outline on the floor is a father figure?” en “So I guess life is mean / and death is the median / And purgatory is the mode that we settle in.” Al is het niet allemaal duisternis en verval, in het intelligente “The F Word” wordt Vast Aire’s cynische wereldbeeld bijvoorbeeld doorbroken door de liefde.

Het duurde veertien jaar voor Vordul Mega en Vast Aire dit debuut opvolgden met Blade Of The Ronin. Tegen dan was zowel Def Jux als hun partnerschap met El-P verleden tijd en hadden beide leden eerder grillige solocarrières achter de rug. Dezelfde hoogtes werden dan ook niet meer bereikt, maar dat doet gelukkig niets af aan de torenhoge kwaliteit van The Cold Vein zelf.

3. El-P :: Fantastic Damage (2002)

Met het succes van The Cold Vein achter de kiezen was de tijd rijp voor El-P om zelf volledig op het voorplan te treden met zijn eerste soloplaat Fantastic Damage. Er valt wat voor te zeggen dat opvolgers I’ll Sleep When You’re Dead (2007) en Cancer 4 Cure (2012) betere, of in elk geval gepolijstere, platen zijn, maar deze eersteling is wel een bijzonder coherent statement in al zijn ruwheid. Nog meer dan bij Company Flow en Cannibal Ox hertekende El-P hier de grenzen van wat binnen het hiphopidioom kon gedaan worden: de productie werd alsmaar meer amorf, soms ronduit visceraal en lawaaierig (“Accidents Don’t Happen”), en ook El-P’s teksten blonken uit in abstractie en veelgelaagde metaforiek. Nee, iets als “Close You Eyes (And Count To Fuck)” ga je hier niet vinden.

Fantastic Damage vraagt een inspanning van de luisteraar, maar het is niet alsof El-P hier een ondoordringbare waas van dubbelzinnigheid optrekt, zoals dat soms wel bij labelmaat Aesop Rock het geval is. “Stepfather Factory” is bijvoorbeeld een intelligente, en op een wrange manier zelfs grappige aanklacht van huiselijk geweld, en “T.O.J.” is een ontroerend terugkijken naar een vergane liefde met een krachtige finale die El-P met deze woorden inzet: “And everything you said, I took it all to heart / And you sparked a change in me / before I could become a new sun I had to fall apart.” Opnieuw, de stoerdoenerij van Run The Jewels staat hier mijlenver van. Bovendien is de productie experimenteel, maar wel bijzonder rijkgelaagd en fascinerend, wat dit tot een van de boeiendste hiphopplaten van net na de eeuwwisseling maakt.

4. Mr. Lif :: I Phantom (2002)

De vroege jaren van het nieuwe millennium waren boerenjaren voor Def Jux: The Cold Vein en Fantastic Damage werden door critici uitstekend onthaald, net als Aesop Rock’s doorbraakplaat “Labor Days” (2001) en RJD2’s “Deadringer” (2002). Had hij bij die twee laatste platen niet veel inbreng, dan zou een ander gevierd debuut opnieuw een belangrijke rol voor El-P wegleggen: Mr. Lif’s “I Phantom”, dat vooral op narratief vlak de grenzen van het mogelijke binnen hiphop aftastte. Of hebt u al eens gehoord van een conceptalbum dat “Elckerlyc”, een scifi atoomapocalyps en boombap hiphopthematiek verenigt? Om dat ambitieuze concept uit te werken schakelde Mr. Lif El-P in als executive producer, en de beats van zes nummers werden ook door hem aangeleverd.

Onder die producties zitten enkele sleuteltracks: in “A Glimpse At The Struggle” vat Mr. Lif zijn rappende vertelling van het concept aan met de dood van het hoofdpersonage. Meteen daarna komt de protagonist terug tot leven in het bijzonder rijk geproducete “Return Of The B-Boy”, dat laveert tussen vuile synthsequences en soulvolle sample-breakdowns. Vervolgens doorloopt de protagonist verscheidene episodes om uiteindelijk bij het nucleaire einde van de wereld uit te komen met “Earthcrusher” en het opnieuw door El-P geproducete “Post Mortem”, waarin El-P zelf, Jean Grae en Akrobatik poëtische beschrijvingen van het aanzicht van de paddenstoelwolk die de aarde verzwelgt, laten horen. Geschift concept? Jawel, maar de sterkte ligt er hem misschien vooral in dat het nergens te zwaar aanvoelt en dat doorheen de plaat uitstekende beats en strakke raps doordrongen van hiphopcultuur tot een meeslepende geheel worden gevormd.

5. Killer Mike :: R.A.P. Music (2012)

In de jaren volgend op dat Def Jux openingssalvo nam El-P alsmaar meer de rol van manager op zich en zou hij zich minder op artistiek vlak moeien met de releases, tot hij in 2010 de stekker uit het label trok. Tegelijkertijd werkte hij gestaag verder aan zijn solocarrière. Niets had echter kunnen voorspellen dat El-P plots een volledige plaat van Killer Mike, een rapper uit “the Dirty South” die voortkwam uit de kringen rond OutKast (hij debuteerde met een vers op succesplaat Stankonia) en Dungeon Family. En toch gebeurde dat plots met R.A.P. Music. Het is niet alleen een opmerkelijke koppeling, El-P liet er ook een duidelijk andere productienadruk op horen: de grauwe texturen waren dan wel niet plots verdwenen, ze dreven nu wel op moderne trapritmes en waren veel meer rechttoe rechtaan dan de soms labyrintische, veelgelaagde structuren uit eerder werk.

Een verrassing dan ook, maar geen onaangename: de koppeling leek bizar, maar werkte verdomd lekker op R.AP. Music waarop Killer Mike’s harde, sterk politiek getinte raps perfect samengaan met de beukende productie. Het is misschien niet de weergaloze sfeerschepping en diepgang van Cannibal Ox, maar het is minstens even effectief in zijn opruiendheid. Beide heren vonden duidelijk dat er meer zat in de samenwerking, want al snel na R.A.P. Music volgde Run The Jewels. Wat aanvankelijk een gelegenheidsproject leek, bleek uiteindelijk unstoppable.

Run The Jewels speelt op 6 november een uitverkocht concert in de AB.

E-mailadres Afdrukken
Tags: El-P