Banner

Into The End Of The Road

Wordt de festivalganger een beetje bekakt?

Matthieu Van Steenkiste - foto's: Tom van Baarle - 27 augustus 2013

Slapen in bungalows, deftig eten, pinten in glazen, ... Welkom op het nieuwe festival anno 2013. Wat scheelt er met de festivalganger? Is hij of zij verwend aan het worden? Of is het meer een geval van opgroeien? Feit is dat een heel nest muziekliefhebbers zich niet langer tevreden stelt met Rock Werchter en Pukkelpop. Straks trekt enola richting het Britse End Of The Road, terwijl het Nederlandse Vlieland zich opmaakt voor Into The Great Wide Open. Waar gaat dit om?

Publiek staat in het gras te tafelvoetballen. Patti Smith leest voor uit eigen werk, in een gezellige huiskamersetting voor een rustige schare toehoorders. Beelden van spelende kinderen in een opvangtent. Veel groen. Een bos. Lichtjes tussen de bomen. Een massa ontploft dan toch even voor een hoofdpodium.

Het zijn maar enkele beelden uit een sfeerfilmpje van het End Of The Roadfestival dat vorig jaar voor de zevende keer werd georganiseerd in het Engelse Dorset. Het is één van de sterkhouders van een nieuwe generatie festivals die zich de afgelopen jaren in de markt zetten met als codewoorden "kleinschaligheid", "niet te veel topacts maar eerder namen om te ontdekken", en vooral "gezelligheid".

Ook in onze contreien vond het gegeven navolging. Eerst was er Into The Great Wide Open op het Waddeneiland Vlieland, in België volgde twee jaar geleden het erg kleinschalige Deep In The Woods in de Ardennen, en begin deze zomer was er voor het eerst Best Kept Secret in de Nederlandse Beekse Bergen. Zoals een enthousiaste internetter het vooraf alvast samenvatte: "Lowlands zonder dubstepboeren en 3FM-geneuzel. Pinkpop, maar dan met goede bands."

"Na één bezoek wist ik al dat ik hier nog vaak ga terugkeren", zegt Tom, een Belgische muziekliefhebber die End Of The Road vorig jaar bezocht. "Dit is wat de organisatoren -- en steeds meer mensen met hen -- zich voorstellen bij de ideale festivalervaring: een line-up die geen volledigheid beoogt maar evengoed bijzonder relevant is, een muziekminnend en gezapig publiek, verrukkelijk eten en dito drankaanbod en een idyllisch, bijzonder ruim bemeten en tot in de puntjes aangekleed terrein in de Engelse countryside. Geen lallende Britten, Afrekening-alternativo's of pubers die voor het eerst worden losgelaten, zo goed als geen security-gedoe, geen torenhoge prijzen, geen geduw voor een plekje vooraan."

Snobistisch

Klinkt dat niet wat verwend? Popkenner Gert Keunen spreekt dat tegen. "Natuurlijk is het zo dat je tegenover het publiek van de massafestivals, waar men naartoe gaat om er bij te horen, mensen hebt die zich willen onderscheiden. Dat heeft iets snobistisch, maar niet op een negatieve manier. Het is gewoon een uiting van escapisme: door een teveel aan prikkels in deze massamaatschappij voelen ze de behoefte aan iets kleinschalig dat de anderen niet hebben. Er zit een zoeken naar puurheid in; naar iets dat het dagdagelijkse overstijgt. Die nichefestivals zijn er net op gericht om een gevoel van cocooning te creëren; een terugtrekken uit de individualistische maatschappij om gezellig samen te zijn in intieme kring. Vertaald naar festivals komt het er dan op neer dat men elkaar gaat opzoeken in een bos of een natuurpark, met het huiselijke aspect als tegenpool voor de maatschappij waarin je wordt afgerekend op basis van functioneringsgesprekken. Deze festivals hebben iets exclusiefs dat het gemeenschapsgevoel bevordert. Je gaat er naartoe om bij elkaar te zijn. Clangevoel, daar draait het om. Bij Tomorrowland zie je dat trouwens ook. Daar heerst net zo goed een "One Nation Under A Groove" -gevoel."

Ook Niels Aalberts, organisator van Best Kept Secret, ziet zich niet graag afgezet tegen de massafestivals. "Ik ga met plezier naar alle mogelijke soorten festivals. We vonden dat we een festival moesten organiseren waar we graag zelf naartoe zouden willen gaan. We keken eens rond en dachten: laat ons het zelf doen. Onze medewerkers hebben alle festivals die je in Nederland en België kunt opnoemen al bezocht, net als de allergrootste in Europa. En we hebben daar zoveel dingen gezien die we tof vonden, maar nooit in de vorm die wij voor ogen hadden. Dus wilden we het eens allemaal samenbrengen. Het is dus geen kwestie van iets tegen de andere hebben, maar van een festival te organiseren dat helemaal was zoals wij het ons voorstelden."

Pieter, een overtuigd bezoeker van dit soort festivals, wijst nog eens op de essentie. "Hier primeert de muziek tenminste nog. Vergeet het soort Joe Piler-toestanden of andere commerciële intermezzo's, het gaat om de affiche en ook die steekt beter in elkaar. Er wordt per dag thematisch geprogrammeerd, en je hebt minder het gevoel dat er package deals bij zitten waarbij een groep er enkel maar staat omdat je die als organisator moét boeken als je een bepaalde topact wil hebben."

Aalberts treedt hem bij: "Belangrijk is de verhouding tussen aansprekende namen die de dag kunnen afsluiten -- het moment dat je met zijn allen voor het grote podium staat als Arctic Monkeys "When The Sun Goes Down" inzetten -- en de frisse nieuwe namen die naar dat moment toe leiden; het mag niet overhellen naar alleen maar grote namen. We hebben vooraf heel lang en uitgebreid gepraat over welke spannende dingen uit heel veel verschillende genres we overdag wilden zetten die er pasten. Het is altijd jammer als je naar een festival moet voor die ene grote act die je echt live wil zien en er niet meer dan dat is dat je leuk vindt. Het is veel fijner als je drie dagen lang op een festival kunt rondlopen en verrast worden door acts waar je voorheen niet naar luisterde en die geweldige optredens geven."

Gratis water

Wat opvalt is dat het vaak de wat oudere, gerodeerde, festivalganger is die op dit soort festivals is te vinden. "Logisch", zegt Keunen: "Je wilt verandering als je al jaren hetzelfde soort Werchter hebt gedaan. Soms wil men dan ook een festival met een kindvriendelijke omgeving omdat men wat ouder is geworden, en de kinderen mee wil kunnen nemen. En natuurlijk zit je dan met een publiek dat zo'n logement kan betalen, dat er een weekend kan van maken. Voor hen is het een soort vakantie, en daar hoort wat meer luxe bij."

Voor Maité, ook zo'n fervente End Of The Roadbezoekster, liggen na veel jaren Werchter en Pukkelpop de ergernissen voor het oprapen. "Het zijn ook de eenvoudige dingen die op die nichefestivals een evidentie zijn maar die waarlijk nergens op een Belgische wei blijken te kunnen. Neem nu: ik kan er met mijn verstand niet bij waarom bekers überhaupt op de grond moeten terechtkomen en zo binnen een mum van tijd een degoutant tapijt van kapot plastiek en bierrestanten creëert, of dat er alleen maar kan geruimd worden als daar een beloning aan vast hangt. En wat was er vorig jaar, tijdens die hete Pukkelpopeditie, zo moeilijk aan om gratis drinkwater te leveren? Op End Of The Road kan je een waterbidon kopen voor een paar pond -- die bovendien naar het goede doel gaan -- die je de komende dagen gratis kan laten bijvullen. Lijkt me geen onoverkomelijk iets om ook hier in te voeren. Geen sponsoring, geen schreeuwerigheid, er wordt niet op elkaars tent gepist, ... Het maakt het allemaal zó aangenaam, en dat zet tot nadenken over de festivalsfeer en -business zoals we die kennen in België."

Tijd om jullie huiswerk te maken, Herman en Chokri?

E-mailadres Afdrukken
 
Into The End Of The Road

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST