Banner

Ben Goldberg Quartet

Baal

Book Of Angels Volume 15

Guy Peters - 07 juni 2010

Het tweede Masada Songbook, beter bekend als The Book Of Angels, was van meet af aan een prachtige toevoeging aan Zorns even kolossale als diverse oeuvre. Voorlopig blijft die reeks aan belang winnen, want met dit zopas verschenen vijftiende deel (het derde dit jaar!) wordt meteen een hoogtepunt toegevoegd aan de reeks.

2010, #5. Dat de muzikanten er überhaupt in slagen om het hoofdstuk uitdagend te houden, is al een hele prestatie, want de bijdrages van de voorgangers blonken vaak uit in alle aspecten die aan bod komen in Zorns oeuvre. Zo zijn er een paar volumes die het eclecticisme ten top voeren, staan er een aantal in het teken van de esthetische vervoering en sluiten verdere delen nauw aan bij het eerste Masada Songbook. Koby Israelite, Erik Friedlander, Marc Ribot, Secret Chiefs 3, het Bar Kokhba Sextet en de vrouwengroep Mycale haalden al straf uit, iets dat het Ben Goldberg Quartet nu nog eens overdoet. En hoe!

Het was eigenlijk een kwestie van tijd voor klarinettist Goldberg zou opduiken op een van deze platen. Hij hangt immers al geruime tijd rond in de muzikantenkringen van Tzadik (het label dat eerder een paar albums van hem uitbracht) en zou met z’n in de jaren tachtig opgerichte New Klezmer Trio van invloed geweest zijn op de Zorn-composities. Ook daarnaast, met Tin Hat en talloze andere samenwerkingsverbanden, speelde hij zich al geregeld in de kijker. Drummer Kenny Wollesen, ook vaste waarde bij het New Klezmer Trio en Electric Masada, is al meer dan twee decennia lang een muzikale partner van Goldberg, dus zijn aanwezigheid was voor de hand liggend. Voeg daar nog eens bassist Greg Cohen en pianist Jamie Saft aan toe, en je zit met een superkwartet dat meteen hoge verwachtingen oproept.

En die worden ingelost, van de eerste song tot de laatste, want zelden hoorde je een band die zo bevlogen, zo bruisend en overtuigend te werk gaat. Doordat de songs en de arrangementen van Zorn zijn en Goldbergs klarinetspel diep in de klezmer geworteld is, is het voor de hand liggend dat Baal een gepaste toevoeging is aan de reeks, maar er is zo veel meer aan de hand dan dat. Hier wordt immers consequent buiten de lijntjes van de brave kamermuziek gekleurd met samenspel en individuele hoogstandjes die geregeld voor een openvallende mond zorgen.

"Chachmiel" trapt af met die onmiskenbare Masada-groove, met pulserend baswerk van Cohen en een swingend potten- en pannengeluid van Wollesen. Saft trekt aanvankelijk de kaart van de spaarzaamheid, met geïsoleerde aanslagen, en dan maakt Goldberg z’n intrede, haast neuzelend in het lagere register, alsof hij er niet helemaal op z’n plaats is, om vervolgens omhoog te schieten en uit te pakken met bijna delirische notenslierten waarbij je hoofd aan het duizelen gaat. Het gaat hier niet enkel om het braafjes volgen van de Benny Goodman-school of de bekende Masada-schalen. Ondanks het sterke ritmische anker wordt hier geflirt met free jazz zoals je het zelden te horen krijgt in de reeks. Dat resulteert in een uitdagende avontuurlijkheid én warme virtuositeit.

Er zijn songs die een eerder repetitief karakter hebben (het meditatieve "Pharzuph", bijvoorbeeld), maar bovenal regeert hier een sfeer van vrijheid en openheid die soms opzij geschoven wordt in andere delen. Zo is "Lahash" een spetterende uitbarsting vol grillige en explosieve accenten, wisselt "Reqel" gestroomlijnde statigheid af met barokke invullingen (vooral door het gedonder van Saft) en wordt in afsluiter "Poteh" uitgepakt met een aanstekelijke swing die zo terugvoert naar de avontuurlijke Blue Note-platen van midden jaren zestig, met hun evenwicht van toegankelijke groove en individuele bijdrages die buiten de lijntjes kleuren. Daardoor fungeert Goldbergs spel als een bruggetje tussen de meer traditionele klezmer van David Krakauer, de free jazz van John Carter en het experimentele randje van Ned Rothenberg.

Het is een plaat die volledig gedomineerd wordt door Goldberg. Of het nu gaat om machtig mooie melancholie (een ontroerend "Asimor") of hectische bombast (zoals in "Irin", waar z’n spel bijna doet denken aan Rimski-Korsakovs "Dans van de hommel"), hij slaagt er steeds weer in om enorm zuivere ideeën samen te ballen en met enorm veel zwier uit te voeren. Het is een bewijs van zijn fenomenale instrumentbeheersing, individuele stem en het vermogen om die extra factor toe te voegen aan Zorns composities. Met Baal tekent hij alleszins voor een imposante toevoeging aan de reeks en de (voorlopig) sterkste Zorn-gerelateerde release van het jaar. Dat doet uitkijken naar het aanstormende zestiende volume, van het befaamde Masada String Trio!

E-mailadres Afdrukken
 
Ben Goldberg Quartet :: Baal

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST