Banner

John Zorn

In Search Of The Miraculous

Guy Peters - 17 maart 2010

Met zijn eerste releases van het jaar trekt Zorn duidelijk de kaart van de slinkse vervoering. De vrouwen van Mycale haalden uit het tweede Masada-Boek een facet naar boven dat we niet eerder hoorden. Het volgende volume, uitgevoerd door The Dreamers, zal ongetwijfeld weer een streling voor het oor zijn, wat ook het geval is met het daartussen uitgebrachte In Search Of The Miraculous. Deze keer is het echter wel met een kanttekening.

2010, #2. Een snelle zoekopdracht leverde op dat In Search Of The Miraculous ook de titel is van een boek van de hand van de Russische filosoof P.D. Ouspensky. Dat boek handelt over de Grieks-Armeense filosoof, schrijver en mysticus George Ivanovitsj Gurdjieff. Die Gurdjieff was bovendien een componist van liederen die sterk geïnspireerd waren door Aziatische en Afrikaanse culturen. Een belangrijk album met uitvoeringen van zijn werk heet Chants, Hymns And Dances — spiritualiteit en dans gingen voor de vaak verguisde goeroe steeds hand in hand. Zorns album draagt als ondertitel Hymns, Prayers And Sacred Dances. Toeval? In geen geval.

We weten nu dan wel waar Zorn z’n voornaamste invloed haalde — de esoterische mystiek en de leer van de Vierde Weg zijn gefundenes fressen voor de New Yorkse componist (die sinds jaar en dag geobsedeerd is door het occulte en mystieke) — , maar helaas kunnen we dit nieuwe album niet toetsen aan de muziek van Gurdjieff. We kunnen er enkel vanuit gaan dat er op z’n minst vage overeenkomsten zijn in sferen, aanpak en structuren. Wat we wel kunnen meegeven is dat de kernbezetting voor deze release dezelfde is als bij Alhambra Love Songs (2009): Rob Burger op piano en orgel, oude getrouwe Greg Cohen op contrabas en Ben Perowksy op drums, bijgestaan door Kenny Wollesen (vibrafoon) en Shamir Ezra Blumenkranz (basgitaar).

Alhambra Love Songs was een prettig toegankelijk album waarmee Zorn een hommage wilde brengen aan enkele koningen van de easy listening, zoals Vince Guaraldi, Henry Mancini en Ramsey Lewis. Niet bepaald een opwindende of vernieuwende plaat, maar wel een mooie. Dat geldt eigenlijk ook voor deze In Search Of The Miraculous: het is een zeer toegankelijk, makkelijk in het oor liggende plaat, met een iets lagere cocktail & jazz-factor en een hogere coherentie. De sfeer is dromeriger, mysterieuzer, de muziek is ondanks haar variatie duidelijk gecomponeerd als een geheel.

Door die homogeniteit en de aanwezigheid van Wollesens vibrafoon valt eigenlijk meteen op dat het album ook erg aansluit bij de meer romantisch gerichte Filmworks-albums, zoals The Treatment of ook wel de albums van The Dreamers, zij het iets minder exotisch. Haast elke song is gebaseerd op schijnbaar eenvoudige thema’s waar op gevarieerd wordt. Geen haakse wendingen, geen verrassende erupties, maar logisch vloeiende composities tussen jazz, lichte klassiek, lounge en imaginaire breedbeeldcinema die zich voortbewegen met een vanzelfsprekende elegantie. De "Prelude" en "Postlude" van de plaat zouden perfect geschikt zijn om een ingetogen documentaire over een etherisch onderwerp in te luiden en af te sluiten.

Hier en daar gaat het er iets levendiger aan toe. Zo pakt "Sacred Dances" uit met een straffe vibrafoon- en een funky pianosolo, waarbij het moeilijk is om niet in beweging te schieten. Wel valt hier op dat de drumsound wat vreemd aanvoelt, met vooral prominente cymbalen en (helaas) weggemoffelde toms. Ook gedreven door zo’n gezwind ritme: "Journey Of The Magicians". Sleutelsong "The Magus" pakt uit met zalvende én gedreven passages, die met eenzelfde souplesse gespeeld worden. Hier zijn overduidelijk muzikanten aan het werk die met zorg gekozen zijn en nonchalant een wereldniveau halen.

En toch zit er iets niet helemaal juist. Toch blijf je ergens achter met het knagende gevoel dat je deze plaat nog veel beter zou moeten vinden dan je ’m eigenlijk vind. "The Book Of Shadows" is niet minder dan bloedmooi, werkelijk muziek om bij weg te smelten. "Hymn For A New Millennium" klinkt dan weer alsof Zorn een ode aan Satie brengt: ingetogen, gevoelig, bijna kinderlijk eenvoudig. En toch worden we niet overrompeld. Het is moeilijk om precies te achterhalen wat het probleem is. Het klinkt gewoonweg te makkelijk. Niet dat Zorn geen toegankelijke muziek mag maken, maar het is vooral veel mooie schijn die niet écht weet te raken. Op z’n best weet de componist uit te pakken met stukken die voelen alsof er iemand op je hart gaat staan en heel hard doorduwt. Hier heb je zelden of nooit dat gevoel.

In Search Of The Miraculous is een charmante plaat, en zeker eentje om aan de newbies te laten horen, maar het is een album dat diepgang mist en daadwerkelijk aanvoelt als een plaat zoals Zorn er een dozijn op een jaar kan schrijven. De man is ongetwijfeld niet meer gehaast dan anders te werk gegaan (dat verschroeiend hoge tempo is nu eenmaal ingebakken), maar het mist wel de frisheid die Mycale of O’o (van The Dreamers) recent wel hadden. Van de legendarisch productieve muzikant-componisten is Zorn ongetwijfeld een van de meest boeiende en consistente, daar blijven we bij. We zijn echter ook niet beroerd om toe te geven dat niet elke release een schot in de roos is. In Search Of The Miraculous wil dat de luisteraar graag wijsmaken, zonder succes. Zorn kan beter. Dat zullen de volgende tien releases ongetwijfeld bewijzen.

E-mailadres Afdrukken
 
John Zorn

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST