Banner

Joan As Police Woman

To Survive

Guy Peters - 21 juli 2008

Vreemde mevrouw, die Joan Wasser. Zelden kregen we te maken met zo’n energieke, intense tettertante met een mening over vanalles en nog wat, die wat later met dezelfde openheid, maar dan véél ingetogener, over haar diepste hartsgeheimen zong. Die passie resulteerde eerder in een uitstekend debuut, Real Life, dat met To Survive zijn logische vervolg krijgt.

Kent u dat spelletje Dokter Bibber? Je hebt een afbeelding van een naakte man met een aantal openingen, waar je diens ingewanden dient in te leggen zonder de randjes te raken, want als je dat wél doet gaat er een lampje branden. Naar Joan As Police Woman luisteren is soms vergelijkbaar. Het is alsof zij zich ook blootgeeft, laat zien waar haar hart zit en je dan vraagt goed op te letten wat er allemaal mee gebeurt als je haar weet te raken. Wasser is een gevoelsmens die van introspectie en expressie van verlangens en angsten haar specialisme heeft gemaakt. Dat leidt soms tot wat ongemakkelijke situaties, maar op Real Life vooral ook tot een aantal prachtige songs die uitblinken in puurheid en schoonheid.

Op To Survive wordt vooral dat esthetische verder uitgewerkt. De muzikale diversiteit van het debuut is hier zoek, op een enkele oprisping na. Hier geen “Christobel”, geen spelletjes met gospel of baslijnen met een hoog dubgehalte. De piano en de stem staan centraal en al de rest komt erbij, is een accessoire, een franje, en wordt zo delicaat aangebracht dat je je er achteraf over verbaast dat er ook een trompet, sax, viool of Wurlitzer te horen was. Dat Wasser de aandacht eenvoudigweg opeist is ook een verklaring: net zoals een paar pianoaanslagen al voldoende zijn als basis voor een song, zo ook trekt de stem steeds alle aandacht naar zich toe.

Opener “Honor My Wishes” zegt het perfect: enkele noten en Wassers gedoseerde zang maken het verhaal; niet de ingetogen ritmesectie of de backing vocals van passant David Sylvian. En zelden een vrouw geweten die zonder zo weinig omwegen haar kwetsbaarheid op tafel kwakte: “Would you love me and not my need to be loved?” Liefde, verliefdheid, verlangen: Wassers gevoeligheid is zo sterk ontwikkeld dat haar energie volledig lijkt op te gaan in de nuances van haar zieleleven. Het is fascinerend en hartverwarmend, zeker, al wordt er ook constant gespeeld met de grenzen van het voyeurisme.

Het tweeluik “To Be Loved” en “To Be Lonely” spant de kroon wat dat betreft. Ze mag dan wel stellen dat schoonheid de nieuwe punk rock is en zowel in houding, artwork en songs uitpakken met een zeker engagement, Wasser is bovenal een romantische ziel, een gevoelsmens die knuffelpop voor gevorderden maakt. Gelukkig weet ze in deze songs enige mate in te bouwen en met contrastwerking te zorgen voor een plaatje dat niet te zeer de al te smeuïge richting uitgaat. Voor het haast aandoenlijke gekir in “To Be Loved” krijg je immers ook het met weemoed beladen “To Be Lonely” of de halfverzwegen angstdromen van de titeltrack.

Ondanks de erg homogene sound en aanpak wist Wasser ook enkele momenten in te bouwen die niet zweren bij slaapkamertraagheid: het welbekende “Furious”, het rauwe stuk verontwaardiging dat ze live meermaals wist om te buigen tot een scharniermoment van haar optredens, is prima, maar haalt het niet van die live-uitvoeringen. Afsluiter “To America” beweegt van minimalisme naar een zekere theatraliteit, en het is dan ook geen verrassing dat voormalig broodheer Rufus Wainwright net daar opduikt, maar ze had dit moment wat eerder mogen inbouwen.

Die laatste opmerking komt er ook waarschijnlijk omdat de middenportie op deze plaat de keerzijde van de medaille laat horen. Na onaflatende openhartigheid verlang je immers naar verandering van spijs, iets pittigers, en dan zijn “Magpies” en “Start Of My Heart” echt wel van het melige te veel. Wasser is te intelligent en getalenteerd om over dezelfde kam geschoren te worden als de talloze, anonieme smachters die de radiogolven opvullen, maar ze speelt soms wel vervaarlijk met de grens tussen gevoelig en klef, een grens die wordt overschreden met de stroperige verpakte pop van “Hard White Wall”.

Make no mistake: de “moeilijke tweede” is een geslaagde plaat geworden, een oefening in schoonheid waar het leuk bij wegmijmeren is, maar overdaad schaadt nog steeds, waardoor de homogeniteit van het album ook zijn grootste (misschien zelfs enige) minpunt is. Real Life getuigde misschien niet van zo’n pure en volleerde schrijverskunst, maar bezat wel een variatie en gretigheid die net iets meer te bieden had dan deze To Survive.

E-mailadres Afdrukken
 
Joan As Police Woman

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST