Banner

John Zorn

The Dreamers

Guy Peters - 18 april 2008

… en New Yorks productiefste slaat toe met een zoveelste toevoeging aan zijn immense oeuvre. The Dreamers werd op hetzelfde moment uitgebracht als het tiende deel uit de nog steeds uitdijnende Book Of Angels-reeks en is opnieuw een uitlaapklep voor de toegankelijke Zorn.

Als geen ander belichaamt Zorn de rol van de muzikale spons. Wat hij hoort, wat hem bevalt en inspireert gebruikt hij in zijn muziek, een tussenvorm die zelden in eenduidige categoriën als "avant-garde", "jazz" of "crossover" onder te brengen valt. Met The Dreamers breit hij een vervolg aan wat voor velen de ultieme Zorn-plaat was: The Gift. Dat dat album zo hooggewaardeerd werd, heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat het ondanks z’n excentriciteit erg toegankelijk bleef. Het was mooi (net als de latere Filmworks-albums), experimenteel (net als de oudere soundtracks) en kleurrijk door onwaarschijnlijke combinaties (net als de Naked City-platen, maar dan verteerbaar). The Dreamers haalt moeiteloos hetzelfde niveau.

Veel heeft te maken met het rijtje oudgedienden dat hier met achteloos gemak virtuoos staat te wezen: Marc Ribot (gitaar), Jamie Saft (keyboards), Kenny Wollesen (vibes), Joey Baron (drums), Cyro Baptista (percussie) en Trevor Dunn (bas), samen Electric Masada minus Ikue Mori, voeren elf composities van de componist uit met een verstandhouding die enkel het gevolg kan zijn van jarenlang intens samenwerken. Elke schakel in deze band excelleert binnen zijn hoekje, maar weet net zo goed wanneer ruimte te laten, aan te moedigen of het rempedaal in te drukken. Wat van veel jazz- en experimentele albums wordt beweerd, dat ze navelstaarderig en opschepperig zijn, klopt hier niet. Integendeel.

De twee songs die het album openen lijken zelfs een gebrek aan ambitie te suggeren door hun extreem minimalistische aanpak. Hier is geen sprake van uitzinnig eclecticisme en provocatie. "Mow Mow" is een opgesmukte surfinstrumental die net zo goed geschreven had kunnen zijn in 1965. Ribot knutselt met retro-twang terwijl de collega’s, en Baron en Wollesen in het bijzonder, uitblinken door subtiliteit. "Uluwati" ligt in het sensuele verlengde ervan en verwijst naar Zorns liefde voor Schifrin-soundtracks met hun broeierige toetsen, sleazy lounge-sfeertje en nazoemende vibrafoonstrelingen. Tot zover is het easy listening, maar dan mét soul.

Ook in deze democratie zijn er echter glansrollen weggelegd. Ribot steelt de show in het uitgerekte "Anulikwutsayl", de meest experimentele track op het album, eentje die een eindeloos herhaald gitaarpatroontje koppelt aan vreemde effecten, spaarzame kreten en plotse drumroffels, zoals op Zorns eerbetoon aan Ennio Morricone, The Big Gundown. Ribot zwalpt op adembenemende wijze tussen blues en abstractie, zalven en scheuren en doet daarbij denken aan de epische krachttoeren van de oude Wishbone Ash en de expressieve Santana van begin jaren zeventig. Die vergelijking gaat ook op voor de andere door gitaar gedomineerde songs als "Exodus" en "Raksasa", dat richting fusion verschuift.

Elders zijn het de toetsenlui die van zich doen spreken. In het korte "Toys", waarin Zorns altsax ook van zich laat horen, wordt vrijspel gegeven aan de vingervlugge Saft en Wollesen, die een oefening houden in toonladders erdoor jagen. Het is speels en virtuoos, complex én lichtvoetig en een zoveelste bewijs van humor in Zorns muziek. Andere bescheiden hoogtepunten zijn Safts frisse funk in "A Ride On Cottonfair" en Wollesens bedwelmende spel in het naar het Masada-songbook neigende "Nekashim", dat visioenen oproept van zwoele Arabische nachten.

Wie een zwak heeft voor de radicale experimentalist in Zorn, die is bij The Dreamers aan het verkeerde adres. In plaats daarvan biedt de meester echter een met indrukwekkende zorg en inleving uitgevoerde verzameling songs die zich afspeelt als een film waarbij de talenten van topregisseurs op harmonieuze wijze gecombineerd worden. Het is een evocatieve, warme en speelse plaat, aanstekelijk én mysterieus, slim, maar nergens arrogant. Net als het recente verschenen negentiende volume in de Filmworks-reeks is The Dreamers daardoor niet enkel een ideale introductie tot het werk van Zorn, maar ook een prachtige uitbeelding van zijn filosofie, herleid tot een bloedmooie eenvoud die blijft intrigeren.

Op 21 juni staat John Zorn met Mike Patton in de Antwerpse Luchtbal. De dag erna is het aan Masada, uitgebreid met pianist Uri Caine (uitverkocht).

E-mailadres Afdrukken
 
John Zorn

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST