Banner

Curtis Salgado & Alan Hagar

Rough Cut

8.5
Kathy Van Peteghem - 18 januari 2018

Een album vol akoestische bluesnummers, bij elkaar geschreven en gezongen door John Belushi's Blues Brothers-inspiratie. Curtis Salgado is goed op dreef de laatste jaren: anderhalf jaar na een soul-bluesalbum keert hij terug naar zijn bluesroots met Rough Cut.

The Blues Brothers? Was dat niet die gekke film met Dan Aykroyd en Belushi? Inderdaad, de acteurs plukten de inspiratie voor hun alter ego's niet zomaar uit de lucht. Nee, er ging een tijdje van onderdompeling in de wereld van rhythm & blues aan vooraf. Een van de gekendste performers in de scene eind jaren zeventig was de jonge Curtis Salgado, en Belushi zat uren met hem samen. Belushi is long gone, maar Curtis Salgado bleef de muziek altijd trouw en ging met Robert Cray de hort op. Toch bleef hij jarenlang een musician's musician, alleen maar gekend en geliefd door een inner circle.

Het leven liep ook niet altijd van een leien dakje voor Salgado. Jarenlang alcohol- en druggebruik keerden zich tegen hem in het begin van de twintigste eeuw: hij werd geconfronteerd met lever- en longkanker, en moest vorig jaar nog een hartoperatie ondergaan. “I'm too young to die” zou je zijn levensmotto kunnen noemen, want hij is niet van plan om vlug het loodje te leggen: tussen al de gezondheidsperikelen door bleef hij optreden en albums maken. In 2016 was er nog The Beautiful Lowdown, en nu dus Rough Cut, een album dat hij samen met gitarist Alan Hagar opnam.

Naast eigen nummers staan er ook een aantal covers op van Elmore James en Muddy Waters. Rough Cut werd een aanstekelijk en emotioneel album: de muziek mag dan eenvoudig klinken, ze is dodelijk efficiënt in het ondersteunen van Salgado's zang en mondharmonicaspel. De teksten -- van grappig tot romantisch en bijtend kritisch, en terug -- zijn een absolute meerwaarde. Salgado is bovendien bijzonder goed bij stem: hij fluistert, croont, gromt en zingt alsof zijn leven ervan afhangt.

Het begint al bij “I Will Not Surrender” waarin hij die wil tot leven duidelijk maakt in de tekst: “I want to hear a song, By a soul that sings in key, From a place so deep within that the pain just covers me, and feel every cut I can, and take it like a man, I will not surrender”. Gezongen met de stem van een geschonden, maar nog niet gebroken man. Wat hij ook zingt, hij klinkt altijd geloofwaardig en weet de juiste emotie in de juiste woorden te leggen. Het is Salgado ten voeten uit: een man met opinies en uitgesproken gedachten.

In “So Near To Nowhere” zitten echo's van Eric Bibb en Guy Davis: subtiel mondharmonicaspel in de zuiverste Sonny Terry-traditie. En in “I Want My Dog To Live Longer” zit de echte bluesgedachte: wat als je hond, je enige trouwe compagnon, voor jou sterft? Wie is er dan het ergst aan toe?

Gitarist Hagar is altijd subtiel aanwezig en op “The Gift Of Robert Charles” mag hij zich volledig uitleven, wat resulteert in een intiem en integer gespeeld stuk gitaar-schoonheid. En ook “Depot Blues” en “Morning Train” zouden zonder hem een stuk vlakker en ongeïnspireerder klinken. Dat laatste nummer is trouwens geweldige gospel.

Nog een staaltje van tongue in cheek tekstschrijverij vind je in “Hell In A Handbasket”. Als zelfs Sint-Pieter je niet in zijn boek terugvindt, zit er maar één ding op: “You're going to hell in a handbasket”. En met een welgemeende “Bye” zwaait de goedheilig man je uit. Al maakt Salgado zich wel druk over onze maatschappij: “Up every morning, with the same old routine, A strong cup of coffee, I've got the news on TV: There's a war going on, It's another revolution, Everyone's got opinions, No one's got solutions.”

Met Rough Cut is 2018 swingend ingezet. Het album is bijwijlen ook ingetogen, en ruw als het moet. Maar altijd goudeerlijk. Een akoestisch bluespareltje om te koesteren in deze donkere tijden.

E-mailadres Afdrukken