Banner

Guido Belcanto

Liefde & Devotie

8.0
Jan Van Steenbrugge - 04 januari 2018
Waar start kitsch, waar eindigt kunst? Net die grijze zone bewandelen levert interessante, maar verwarrende resultaten op. Guido Belcanto doet het al dertig jaar. Hij leverde een nieuwe ambigue plaat: Liefde & Devotie.

De term “kitsch” werd anderhalve eeuw geleden voor het eerst neergeschreven door een Duitser die producten van bedenkelijk allooi wou benoemen. Vandaag is de betekenis van het woord verschoven naar inhoudelijk populisme rond zelfverklaarde kunst. Kitsch als de kat in een zak, je door een gewiekste charlatan aangesmeerd. Of kitsch als dat uitgekiende detail om je hipness kracht bij te zetten. De manier waarop Guido Belcanto rond kitsch heen fietst, doet het hele concept wankelen.

Met een geschiedenis in smartlappen en liefdessongs verwachtten we ook op deze nieuwe plaat een hoopje nummers die liefde, liefdesverdriet en zelfkastijding in de verf zetten. Hij is daarvoor berucht, misschien eerder dan beroemd. En wie werkt met dergelijke “lichte” thema's die alleman begrijpt, wordt een charmezanger genoemd. Belcanto is veel meer dan dat. Hij is een crooner, singer-songwriter, dichter en een lichtgewicht rock-'n-roller. Veel liefde dus op deze Liefde & Devotie. Maar ook devotie, en dat vereist een opoffering, onvoorwaardelijk en onderdanig. Dat leidt tot gevoelens van spijt, twijfel, moed en verraad; een waardevolle bron aan inspiratie.

Deze plaat is doorspekt met country-invloeden. "Johnny, vergeet me niet" luistert als een westernfilm. Het nummer is gebouwd op een ritme in galop, trompetjes en een uitgestrekte tremologitaar, met een gastrol voor Naomi Sijmons, alias Reena Riot. Het raast lekker voorbij. Zoals hijzelf zingt eigenlijk; als een storm die waait door de bomen als een koor. Je zou vergeten dat dit een cover is van John Leytons “Johnny Remember Me”. Ook Bob Dylans "Boots Of Spanish Leather" haalt hij door de vervlaamsenaar ("Laarzen Van Spaans Leder").

De viool in "Jodie Foster" verraadt meteen dat dit een eersteklas linedance-nummer is, tot spijt van wie het benijdt. “En nu bid ik elke avond op mijn paternoster/God geef mij een vrouw als Jodie Foster”, zingt hij over een 13-jarige Foster. Als een Humbert Humbert die naar een nymfomane verlangt.

Belcanto zingt voor u en mij. Ook voor uw buurvrouw of voor de bakker om de hoek. Eenvoudige thema's en simpele teksten die niet gefilterd werden of te klinisch opgeboend. Dat maakt dat hij dicht tot bij de luisteraar geraakt. “Op de tafel staat nog steeds haar glas/ze dronk het niet eens leeg toen ze hier was” ("Ik Weet Niet Waar Mijn Meisje Is"), of deze: “Zij had zoveel keus/maar ze was braaf en keek niet verder/dan de lengte van haar neus” ("Al Die Verspilde Schoonheid"). Maar dé topper is "Meneer De Politieman" waarin hij uit de doeken doet dat hij wegens dronkenschap aangehouden wordt. “Meneer de politieman/ik zal eerlijk zijn/ik dronk één aperitief, één pousse-café/en één fles wijn.” Hij is niet alleen de koning van het levenslied, maar ook de koning van de relativering. Miserie, muziek, zichzelf, graag zien; thema's die hij van sérieux ontdoet. Ook tekenend voor zijn nederigheid: een derde van de plaat is voorbehouden voor covers. Uiteindelijk zijn zeven nummers van zijn hand.

De aanhouder wint. In het Nederlands zingen is geen sinecure. Dat Belcanto het al jaren koppig volhoudt, zonder moeilijkdoenerij maar recht voor de raap, is een verdienste van jewelste. En die covers, zijn die niet eerder een statement? Belcanto's nieuwste worp zou mooi staan in je muziekcollectie. Dat stukje kitsch als een kleurrijk detail. Zoals de plastic roos in een boeket, de wenkende Japanse kat op de vensterbank.

E-mailadres Afdrukken