Banner

Mannheim

Super-Empowered

7.0
Guy Peters - 06 december 2013

In Nederland lopen ze de laatste tijd naar verluidt nogal hoog op met de Vlaamse rock-‘n-roll (los daarvan ziet het er ook naar uit dat we een prima rockjaar achter de rug hebben, niet?). Geen idee of dat heeft te maken met lokale bloedarmoede, zo intensief volgen wij de Noorderburen nu ook weer niet. Als deze monoliet van het Nijmeegse Mannheim echter wordt meegerekend, dan is het er helemaal niet zo slecht mee gesteld. Het kwartet laat immers een behoorlijk straffe indruk na, als in: een muilpeer gekregen waar we nog niet helemaal van bekomen zijn.

Maar dan komt de volgende vraag: welk label ga je er in godsnaam op kleven? Nu ja: we horen u al afkomen: moet dat wel, zo’n label? Is dat nodig? En moet je nu echt constant gaan vergelijken? Nee, natuurlijk niet, maar een referentiepunt hebben maakt het natuurlijk wel wat makkelijker om over te praten. We hebben deze band leren kennen via saxofonist Otto Kokke, 50% van Dead Neanderthals, een duo dat vanuit de avant-garde opdook en in z’n transformatieronde momenteel in de fase van de freejazz zit. Bij Mannheim vervult Kokke echter een heel andere rol dan die van toeterende improvisator.

Hier is z’n spel op de baritonsax immers zo vakkundig verwerkt in het groepsgeluid, en vaak bedolven onder zo’n lading zwaar vervormende effecten, dat hij haast fungeert als een extra (bas)gitaar. De eigenheid van die sax loop je soms wat mis, maar wat je ervoor in de plaats krijgt - een bonuskracht die het totaalgeluid nog massiever maakt dan het al is -, is al even indrukwekkend. Je hoeft niet verder te loeren dan opener “Beast” (van een gepaste songtitel gesproken!) om een idee te krijgen van de vermorzelende power van dit kwartet.

Er zijn al vergelijkingen opgedoken met postrock, jazzmetal, mathrock en freejazz, en allemaal lijken we ze wel te begrijpen (alhoewel, dat van die freejazz is toch wel bij de haren getrokken), maar ze zullen voorlopig niet helemaal volstaan. Mannheim doet denken aan Zu (maar is iets minder neurotisch) en Mombu (iets minder tribaal), gecombineerd met de ultrastrakke waanzin van Shining, maar dan niet zo hysterisch en volledig instrumentaal. Woest, maar gestroomlijnd. Ultraheavy, maar tegelijkertijd ook verrassend aanstekelijk.

Het is dan ook behoorlijk straf dat ze er in slagen om gedurende die veertig minuten de aandacht vast te houden met een aanpak die in de handen van mindere bands al snel zou vervelen. Zo’n “The Filth”, dat is gewoon onweerstaanbaar catchy, krachtvoer met knallende hooks en een sound die stijf staat van de slechte bedoelingen. Of “Watcher”, een song die verraadt dat er minstens eentje in die band iets heeft met The Melvins en hun fascinatie voor verpletterende riffs en haakse ritmes. De dynamiek en het dramatische gewicht van “Predator” doen dan weer vaagweg (en dat kan best een zeer persoonlijke analogie zijn) denken aan het zware mid-70s werk van King Crimson.

De band beukt en hakt er een eindje op los, vaak met een lompe oerkracht, maar nu en dan ook met een insteek uit meer verfijnde werelden. Zo bewandelen “Hometown” en “Invisibility” wat conventioneler terrein. Ofwel heeft dat te maken met het feit dat ze respectievelijk gevolgd worden door het soundscape-achtige “Trojan” en de beenharde afsluiter “Zugzwang”. Hoe dan ook: Super-Empowered laat een fris geluid horen, waarin de saxofoon niet voortdurend in de spots staat, maar wel een centrale rol te spelen heeft en nu en dan lekker gierend en pompend van zich laat horen. En die riffs, die strakke wendingen, de dynamiek en de totaalsound: een en al machtsvertoon. Geen idee hoe lang ze hier nog mee aan de slag kunnen, maar qua debuut kan dit tellen. Rest er nog één vraag: wie haalt ze eens naar België?

EDIT: de band speelt op 25/2 in Rock Café (Leuven)! Het album kan beluisterd en gekocht worden via Bandcamp.

E-mailadres Afdrukken