Banner

Tom Waits

Glitter and Doom Live

8.0
Max Dedulle - 15 februari 2010


ANTI, 2009

Bijna twee jaar geleden was het the talk of town onder de fans van Tom Waits: hun held ondernam een nieuwe tournee. Diezelfde fans wisten echter ook meteen wat ze zich hierbij moesten voorstellen: hoewel Waits over genoeg naam en faam beschikt om de Vorst Nationaals van deze wereld te vullen, koos Tomcat opnieuw voor een bescheiden, heel exclusieve aanpak in kleine maar stemmige schouwburgen. Met data op zeven Europese locaties was 'Glitter and Doom' naar zijn normen nog een relatief uitgebreide tournee, maar opnieuw was de vraag naar tickets een veelvoud van het aanbod. Een concert van Tom Waits is een belevenis die voor niet al te veel mensen is weggelegd, zoveel is zeker.

Voor de fans die naast een kaartje grepen (naar schatting 99,9% van het totaal) is er nu echter 'Glitter and Doom Live', een verzameling opnames uit tien verschillende concerten. Zonder trouwe kompaan Marc Ribot dit keer, wél met zonen Casey en Sullivan Waits, respectievelijk op drums en klarinet. Wie echter denkt zonder de grillige Ribot maar een gezapige, oninteressante concertregistratie in huis te hebben, moet weten dat dit buiten de waard gerekend is. Opener 'Lucinda' vergt al meteen wat aanpassing voor wie de plaatversie van op 'Orphans' gewend is. Waits briest, snuift en hijgt zich een weg door het nummer, en zal daar de rest van de plaat maar zelden mee ophouden. Hij gaat naadloos over in 'Ain't Goin' to the Well', ook hier in een versie met nog meer weerhaakjes dan we al gewend zijn.

Meer dan een uur lang blijft de klemtoon op het nieuwere werk liggen, vooral van op 'Bone Machine' en 'Real Gone'. Hits hoeven we hier niet te verwachten, maar dat is ook het punt niet. De songkeuze lag op elk concert van 'Glitter and Doom' anders, maar op deze registratie krijgen we een heel mooi overzicht van alle capaciteiten van 's mans unieke, heel expressieve stem. Dat Waits er naast zijn muziekcarrière ook een respectabel aantal filmrollen op nahoudt, is allerminst toeval. Zeker 'Live Circus' is in dit opzicht een goed voorbeeld. Tom speelt een doortrapte circusdirecteur die een even griezelig als hilarisch overzicht geeft van alle freaks in zijn stal. Ook op 'I'll Shoot The Moon' is stand-up comedy niet veraf.

Op de tweede disk van 'Glitter and Doom' vinden we 'Tom Tales', een 35 minuten durende compilatie van bindteksten. De onderwerpen gaan van de anatomie van gieren over het gerucht dat Buzz Aldrin op de maan urineerde tot gsm's met camera's ('What's wrong with having something that's just what it is and being happy about it?'). Een leuk extraatje, maar enkel de hardnekkigste fans zullen dit meer dan een keer beluisteren. Tussen de andere nummers waren deze intermezzo's misschien beter op hun plaats geweest, want nu lopen ze daar toch maar wat verloren.

Waits mag dan al even veel verteller als zanger zijn, toch slaagt hij er ook op 'Glitter and Doom' bij momenten in om ons te ontroeren zoals maar weinig artiesten dat kunnen. 'In the Neighbourhood' van op 'Swordfishtrombones' blijft onze favoriete tranentrekker, maar ook de nieuwe live-versie van 'Fannin Street' is ronduit geweldig. Van een groot vocaal bereik zal niemand Tom Waits ooit beschuldigen, maar het gaat door merg en been.

Waits begint volgend jaar aan het vijfde decennium van zijn carrière. Zijn grillige carrière lijkt er alleen maar boeiender op te worden. Easy listening is het bij momenten allerminst, en wie 's mans oeuvre enkel kent van 'Martha' zal al snel naar de uitgang hollen. Maar zoals bij Waits' al zijn 'moeilijke' platen loont het absoluut de moeite om mee te gaan in zijn imaginarium. En bij de volgende tournee staan we met z'n allen gewoon nóg vroeger op om aan tickets te raken.

www.tomwaits.com
www.myspace.com/tomwaits
E-mailadres Afdrukken