Banner

Björk

Volta

9.0
Tom De Moor - 10 mei 2007


We hebben doorheen de carrière van Björk al enkele wendingen moeten verwerken, die de laatste jaren steeds drastischer werden. Voor 'Vespertine' verliet ze de uptempo popsound die op haar vorige platen steeds eclectischer geworden was. Het resultaat was een licht ontvlambare tot zachtjes smeulende plaat die zich nestelt in de stille schermzones des levens. Op opvolger Medulla werd bijna alle instrumentale inbreng gebannen, om aan te tonen dat de menselijke stem flexibel genoeg is om een boeiend, gevarieerd album mee te boetseren. Drie jaar later zet Björk met 'Volta' niet nog een stap verder weg van het establishment, maar keert ze terug naar het ongebreidelde amusement van weleer. Björk zelf gaf in de voorbereidende fase dan ook al te kennen haar sérieux opnieuw te willen omruilen voor full-bodied fun.

Naar goede gewoonte liet ze zich bij deze nieuwe queeste alweer bijstaan door de huidige cream of the crop. Tim Mosley aka Timbaland was een heel verrassende keuze, maar de single 'Earth Intruders' toonde meteen de sterke aantrekkingskracht. Toch is dit nummer vintage Björk: een tribal beat stuurt haar terug naar de opzwepende experimentele pop van 'Post' en 'Homogenic'. 'Innocence' draagt een duidelijkere Timbaland-stempel en klinkt nog opzwepender dan de single. Ingeleid door een Missy Elliott-groove loopt de track over in een amalgaam van 'Alarm Call' en 'Triumph Of A Heart', met de meest markante hiphopritmiek die we bij de IJslandse nimf al mochten opmerken. Wie met het derde bezoek van de heer Mosley op de plaat de apotheose verwachtte, krijgt echter een teleurstelling te verwerken, want bij 'Hope' gaat hij het verkeerde pad op. De eentonige beat past niet bij de trage melodie, waarover Björk op zagerige wijze het moraliserende vingertje opheft richting zelfmoordterroristen, om te besluiten met de kleffe flower power-conclusie "Well I don't care, love is all".

Timbaland kon serieus op zijn bek gaan met deze opdracht, maar slaagde in zijn missie om 'Volta' te voorzien van een amusante uitstraling. Wanneer hij dieper het Björk-universum tracht binnen te dringen, gaat het echter wringen. Dan horen we dat Mark Bell (medeverantwoordelijk voor het meesterwerk 'Homogenic') een grotere affiniteit heeft met de stem van mevrouw Guðmundsdóttir en catchy op een intrigerendere manier weet te brengen. Voor het pareltje 'Wanderlust' (een samenwerking met die andere oude bekende Sjón) combineert hij beats en brass in het betere laagjeswerk. Zo legt hij een complexe grondlaag waarover Björk haar vocale kracht voluit in verschillende registers mag opensmeren. "Peel off the layers until you get to the core" horen we haar zingen en zachtjes dringt Bell inderdaad door tot het drukke zenuwcentrum van Björks geest, om tegen 'Declare Independance' de furie in haar boven te halen die we sinds 'Pluto' niet meer gehoord hadden. Toch gaat deze song nog verder dan zijn voorganger en laat Bell zijn muze over een aanzwellende smeltkroes van bigbeat en noiserock een onafhankelijkheidsboodschap (volgens insiders gericht tot Groenland en de Faroër-eilanden) sissen, declameren en briesen. Evengoed kan hij ook doordringen tot de meest intieme vertrekken van haar gedachtengang. Die worden prachtig blootgelegd op de sluimerende oriëntaalse klanken van 'I See Who You Are', dat illustreert hoe de intieme band tussen zielsverwanten doorheen de jaren niet degenereert maar enkel sterker wordt.

Met deze overgang van uitzinnigheid naar rust zijn we terechtgekomen bij de keerzijde van 'Volta', want wie dacht dat Björks jongste welp een pure party animal is, heeft het bij het verkeerde eind. Voor elke verhitte explosie is immers afkoeling voorzien en het is in deze adempauzes dat het schoentje soms gaat wringen. Geen slecht woord over de Fyodor Tyutchev-bewerking 'The Dull Flame Of Desire', het liefdesduet tussen Antony en Björk dat met een spanwijdte van meer dan zeven minuten alleen al op kwantitatief vlak het magnum opus van dit album genoemd mag worden. Terwijl de twee stemmen sereen naar elkaar toe schrijden, horen we in de prominenter wordende beat niet alleen de opgedreven hartslag van de minnaars, maar ook de terugkoppeling naar het opgedreven tempo voor het vervolg van de tracklist. De hereniging met Hegarty, 'My Juvenile' wordt zonder dergelijke ingreep achter 'Declare Independance' gelast en kan in deze geïsoleerde positie als kleffe ode ook minder boeien. De sound refereert bovendien naar 'Vespertine', maar de uitkomst is in strijd is met de uitstraling van de build-up. Hoewel het een veel sterkere track betreft, heeft ook 'Pneumonia' op dezelfde manier moeite om zich binnen het geheel te nestelen.

Het doet deugd om Björk nog eens op haar typische eigenzinnige manier de hitlijsten te horen bestormen, na enkele conceptplaten waaruit het moeilijker was tracks te distilleren om buiten de context los te laten. Laat er geen twijfel over bestaan: het materiaal dat hier samengebracht werd, is alweer van dergelijk hoog niveau dat het de tag 'safe buy' verdient. Gezien de aard van het beestje is het onmogelijk om 'Volta' niét naast 'Homogenic' te leggen. In deze vergelijking moet de meest recente worp toch het onderspit delven, omdat hier voor een stuk het organische verloop ontbreekt. Dit legt de kleine kantjes van enkele mindere tracks meteen duidelijker bloot. Een straffe plaat, maar geen nieuw meesterwerk dus.

Björk staat op 28 juni op de main stage van Rock Werchter

E-mailadres Afdrukken