Banner

Tom Waits

Orphans

9.0
Steven Vervaet - 08 december 2006


3 is een bijbels getal dat in middeleeuwse literatuur vaak een symbolische betekenis torste. Dante Alighieri wist dat en ook bij Tom Waits ontvouwt het getal zijn significantie. 'Orphans', zijn nieuwe plaat, is ingedeeld in drie werelden die van elkaar verschillen en toch enkele overkoepelende gelijkenissen vertonen. Deze drievuldigheid mag gerust als heilig beschouwd worden, want het is de meest volledige illustratie van de gekreukte pracht en grauwe schoonheid van deze grombeer in het diepst van zijn gedachten. 'Orphans' bevat 56 songs, waarvan er 24 eerder verschenen zijn en de rest recent geschreven is in de auto, een wegrestaurant of een hotelkamer: Waits en zijn vrouw Kathleen Brennan hebben kosten noch moeite gespaard om u een mini-Waits-bibliotheek te presenteren vol geheimen, verborgen gebleven schatten en uit het oog verloren voetnoten. "Don't go into that barn", zong Waits nog op Real Gone, maar stap vooral de schuur van 'Orphans' binnen, ga met de vingers door het hooi en ontdek de roestige raids van Waits, onderverdeeld in 'Brawlers', 'Bawlers' en 'Bastards'. "What's he playing in there", zullen voorbijgangers zich afvragen, maar trek u daar niets van aan en geniet van de knikkers die deze genregeworden legende u voor de voeten gooit.

Voor de ingewijden zal 'Orphans' niet voor grote verrassingen zorgen. De vocale magiër klinkt nog steeds als een gepensioneerde locomotief die zich al puffend op gang trekt en op 'Brawlers' vertaalt zich dat in hortende en stotende rock, gekartelde blues met meer dan een hoek af en americana waarin clang, boom and steam de topoi van dienst zijn. In 'Road To Peace' schuurt Waits zich echter tegen de actualiteit aan en brandt hij ons het perverse perpetuum mobile van angst, geweld en onbegrip tussen Israël en Palestina meesterlijk in de irissen. "Maybe God himself needs/All of our help/And he's lost upon/The road to peace", kreunt Waits terwijl hij de blinde haat weergeeft door de zelfmoordactie van een Palestijnse student en het logische gevolg ervan. De zwarte wolken van het doemdenken worden echter snel weggeblazen door de punkwindstoten van 'The Return Of Jackie And Judy', een Ramones-cover in een Waitsiaans jasje. 'Lie To Me' is dan weer een hijgende bluesstomp met Waits als sjamaan van dienst.

Op 'Bawlers' krijgen we de trage kant van Tom Waits te horen met pianoballads, zigeunerfolk en countryliedjes die hij zingt voor de diehards die de rokerige kroeg pas verlaten bij het ochtendgloren. Hij profileert zich als een grommende seismograaf die de poëzie van zijn eigenzinnige universaliteit bezingt en aardschokjes van diverse emoties tot songs bewerkt. De ruwe melancholische toon wordt onmiddellijk gezet met 'Bend Down The Branches', een kort maar aandoenlijk concerto voor treurwilg. De beste nummers op 'Bawlers' zijn afkomstig uit soundtracks. 'Little Drop Of Poison' (uit 'The End Of Violence') bijvoorbeeld, waarin een spookachtige nachtegaal het treurwilgbos van Waits van de gepaste soundtrack voorziet. In 'World Keeps Turning' (uit Pollock) wordt de bitterheid echter geruild voor verdrietige berusting. Op 'Bawlers' kijkt Tom Waits door het raam van zijn liedjes naar de wereld en hij ziet dat het niet goed is. Hij verklankt de pijn van het zijn aan de tooghangers en tijdens een lucide moment in hun waas van alcohol geven ze hem gelijk.

Met 'Bastards' dalen we verder de catacomben van Waits' universum af. De weeskinderen op deze plaat zijn het meest aan hun lot overgelaten en ze dolen eenzaam door de grauwe straten. 'Bastards' bevat het meest donkere en experimentele werk van de man en de griezelige, met spinnenwebben bedekte verhalen laten zich pas goed beluisteren nadat je de eerste twee platen doorworsteld hebt. Zo is 'Children's Story' een ziekelijke lullaby die kinderen nog een paar keer onder het bed zal doen kijken voor ze inslapen en zien we in 'Heigh Ho' creepy dwergen lopen die hun pikhouwelen niet alleen gebruiken om in de mijn te werken. 'Dog Door' kende u al van 'It's A Wonderful Life' van Sparklehorse en 'King Kong', een Daniel Johnston-cover, klinkt als een roestig raderwerk dat in gang wordt gezet: Waits schreeuwt, gromt, kreunt en beatboxt zich een weg door de song van dit gestoorde genie en het resultaat is verbijsterend. De bewerkingen van beatpoets als Charles Bukowski en Jack Kerouac laten we u tenslotte zelf ontdekken.

De geblutste schoonheid van 'Orphans' grijpt je vast en lost zijn greep nergens. Het zijn songs voor de verschillende stemmingen die melancholische zielen overvallen na zonsondergang. Tom Waits is nog een van die zeldzame artiesten die je onmiddellijk meesleuren naar hun eigen wereld en 'Orphans' bestrijkt elke uithoek van de man zijn universum met een grote precisie. Waits trekt met deze plaat de kast van zijn grote kunnen open en verwaarloosbare mottenballen hebben we niet aangetroffen. Grote klasse!

E-mailadres Afdrukken