Het leven van Victor Vallei 1

Zwendel in Indochina (Stanislas & Rullier)

Marc Bastijns - 09 augustus 2004

Alhoewel Hergé, Chaland, Saint Ogan en andere meesters van de klare lijn al vele jaren overleden zijn, blijven jonge tekenaars toch werk publiceren dat eenzelfde verknochtheid aan vroegere jaren uitademt. Enkele jaren geleden vertaalde Oog & Blik al De Avonturen van Hergé, één van de grote werken van de jonge Franse auteur Stanislas. Nu is het de beurt aan het eerste deel van Victor Vallei.

Retro kunnen we echt wel als het sleutelwoord kiezen om deze reeks te plaatsen. Zowel wat de tekeningen als het verhaal betreft waan je je in een film van de jaren vijftig. Een stripheld als Theodoor Cleysters lijkt nooit veraf. Kantoorklerk Victor Vallei verzeilt geheel toevallig in een duister complot. Meneer André, een wat vreemde man op het werk van Victor, blijkt immers over heel wat duister geld te beschikken. Wanneer hij Victor vraagt om dat voor hem naar Marseille te brengen, stemt die toe. Het is het begin van een klassiek achtervolgingsverhaal met tal van wendingen.

Dat deze reeks een en al herkenbaarheid en nostalgie uitademt, zal nu wel niemand meer verrassen. Victor Vallei vormt één grote hommage aan de pulpverhalen van vroeger en de klassieke verhalen met klare lijn. Rullier en Stanislas brengen deze strip echter met de nodige tongue-in-cheek humor. Alle clichés van het genre worden overdreven sterk benadrukt, wat best verfrissend werkt.

De naam Theodoor Cleysters is reeds eerder gevallen, en als er één strip is waarmee je Victor Vallei kan vergelijken, dan is het wel de stripheld van Frank Le Gall. Ook al ligt de nadruk in de hier besproken reeks veeleer op de humor en de hommage, toch ademt alles een gelijkaardige sfeer uit.

Eind jaren negentig publiceerde het Sjors&Sjimmie-stripblad dit verhaal reeds in verschillende delen. Toen schopte Smokkel in Indochina het echter niet tot album. Nu trekt alweer Oog & Blik aan de kar om uiteindelijk toch dit album van de getalenteerde Stanislas aan te bieden. Terwijl het Franse publiek van een nieuw vierde deel kan genieten, moet alles bij ons nog beginnen. Maar een mooi begin is het in elk geval.

E-mailadres Afdrukken