Schpledder

In het begin (Wouter & Jan)

Eric d’Hooghe - 23 mei 2011

De al wat oudere stripliefhebber kent ze misschien nog, de Plant ’n knol-reeks. Deze reeks gaf jonge ambitieuze striptekenaars begin jaren ’80 de kans om een halve of hele pagina in het weekblad Robbedoes te vullen, steevast in hard zwartwit. Diezelfde Plant ’n knol was ook een voorbode voor heel wat carrières, zoals onder andere die van Jan Bosschaert, Frits Jonker en ook Wouter Peeters, kortweg: Wouter.

Van diezelfde Wouter ligt nu ouder werk uit 1985 opnieuw in de winkel. Het eerste en, zo bleek achteraf, enige deel van Schpledder. Voor het scenario zorgde zijn vriend Jan (de Ruysser). Samen zorgden ze nog voor twee delen van de eveneens tweedelige stripreeks De ballonvaarder. We spreken dan van medio jaren ’80. Daarnaast bracht hij begin jaren ’90 nog de Onderkruipers en Pel ’n Ei uit, samen met o.a. Patrick Van Gompel. Voor de rest zien we hem enkel terug als cartoonist voor de Standaardgroep en het tijdschrift Fresco.

Maar waarom Schpledder en waarom nu? Daarvoor moeten we even verwijzen naar uitgever Peter Bonte en zijn brother in arms Ken Broeders. Twee kruisvaarders in Vlaams stripland die, naast de stripwinkel van Bonte, verantwoordelijk zijn voor De StripDatabank die stilaan de proporties van een heuse encyclopedie begint aan te nemen. Daarnaast hebben ze de taak op zich genomen om enkele vergeten Vlaamse stripauteurs en stripklassiekers opnieuw onder de mensen te brengen via de kleine uitgeverij Bonte. Ten slotte brengt deze uitgeverij ook enkele nieuwe strips uit die niet bij de grote uitgeverijen aan de bak komen. Net zoals de recente Bruxman van Yurg en Stan Lauryssens.

Van die vergeten strips vallen vooral Kari Lente van Bob Mau en Kramikske van Jean-Pol, Stallaert en Hec Leemans op. Waarachtig een mooi en achtenswaardig initiatief. Jammer genoeg moeten de uitgaven kwalitatief vaak onderdoen voor heel wat concurrenten. Zo ook Schpledder. Dit is duidelijk het werk van een zoekende striptekenaar en zijn scenarist. Het concept doet heel sterk denken aan Robbedoes in de Franquinversie en Marsupilami, waar graaf Rommelghem vervangen is door de Catweazle-achtige tovenaar Schpledder en de marsupilami door Tsjorp, een kruising tussen een buideldier en een vogel die net als zijn beroemde langstaartige vriend rondhopt, zich bedienend van slechts één woordje: Tsjorp.

Het gedweep met Franquin gaat trouwens verder. Zo heeft hoofdpersonage Stijn een poster van Guust op z’n kamer hangen en krijgen we op de achterflap een heuse illustratie van Franquin: Guust vermomd als Schpledder. Het verhaal is vrij simpel. Schpledder laat een door hem gemanipuleerd ei uitbroeden op de boerderij van Stijn z’n ouders. Daar komt dan Tsjorp uit. Die wordt het huisdier van Stijn maar verdwijnt. De zoektocht levert allerhande situaties op met tovenarij, luchtballonnen en een verzamelaar van opgezette bijzondere dieren. Verzin hier zelf je verhaal mee en het zal vrijwel hetzelfde zijn als het scenario van deze Schpledder.

Schpledder is een verdienstelijke inbreng voor Plant ’n knol, maar net niet sterk genoeg om een reeks van te maken. En dat is, zoals de geschiedenis ons bewijst, ook niet gebeurd.

E-mailadres Afdrukken