iZombie 1

Dead to the World (Chris Roberson & Michael Allred)

Yann De Troyer - 11 april 2011

Sinds enkele jaren worden we vanaf het witte doek, het kleine scherm en de comicbookplaatjes belaagd door vampiers, weerwolven, zombies, demonen en ander gespuis met een variërend dreigingsniveau. Wie wil concurreren met al dat bovennatuurlijk geweld, moet een stevige dosis talent en creativiteit in huis hebben. En een titel als “iZombie” doet op dat vlak niet meteen het beste vermoeden. Maar laat ons u meteen geruststellen: dit is geweldig leesvoer.

iZombie: Dead to the World bundelt de eerste vijf comics uit de nieuwe Vertigoserie. Daarin laat Chris Roberson de lezer kennismaken met een gevarieerde en kleurrijke cast (die, opmerkelijk voor een Amerikaanse strip, niet overwegend blank en mannelijk is). Centraal staat Gwen, een knappe, goed van de tongriem gesneden jonge vrouw, die zich sinds enige tijd tot het rijk der ondoden mag rekenen.

Roberson brengt een originele variatie aan op het zombiegegeven: om te voorkomen dat ze in een strompelende, verstandeloze Romerozombie verandert, moet Gwen ongeveer maandelijks een portie hersenen consumeren. Ze heeft een baantje als grafdelver op een ecokerkhof (“absolutely no embalming fluids used”, zo meldt het uithangbord), zodat ze zich met de schedelinhoud van recentelijk overleden mensen kan voeden. Als ze dat doet, worden hun herinneringen en gedachten tijdelijk de hare. Om de stemmetjes stil te krijgen, moet ze hun onafgehandelde zaken afwerken of, in dit geval, hun moordenaar opsporen.

Daarnaast maken we uitgebreid kennis met Gwens beste vriendin, de lieflijke Ellie (die al sinds de sixties als geest rondwaart en “voor een puur uit gedachten bestaand wezen, nogal snel afgeleid is”), weerterriër Scott (die heimelijk een boontje heeft voor de zombiemeid), een groepje vampiers, een mummie, een paar monsterjagers en een tearoom met mogelijke maffiabanden.

Roberson neemt de tijd om deze wereld en haar mythologie te verkennen en geeft zijn geheimen slechts met mondjesmaat prijs. Alle klassieke monsters blijken verbonden te zijn door een stukje inventieve metafysica. Dit gegeven is bewonderenswaardig: de meeste schrijvers zouden zich er niet eens aan wagen. Die frisse insteek draagt bij tot de interne logica van het boek.

Gwens onderzoek naar de doodsoorzaak van haar recentste voedselbron fungeert vooral als achtergrond; het verhaal bestaat voor een behoorlijk deel uit een wonderlijke slice of life. Daardoor ligt het tempo minder hoog dan in het doorsnee Amerikaanse beeldverhaal. Dat stoort echter niet, omdat Roberson de kunst verstaat om personages te creëren die je graag beter wil leren kennen. Hij is ook niet bang om ze een paar kleine kantjes mee te geven, waardoor ze (excuus) echt tot leven komen. Het gewiekste, spitante scenario komt prachtig uit de verf in de afbeeldingen.

Michael Allreds tekeningen, door Laura Allred voorzien van passende, zachte kleuren, zijn een lust voor het oog. Allred tekent met veel gevoel voor expressieve gezichten en natuurlijke lichaamshoudingen en geeft de personages een dosis flair mee. Het zuivere lijnwerk en het gebruik van halftoonrasters refereren naar de klassieke tekenstijl die in de popart van Lichtenstein vereeuwigd werd, maar met een eigentijdse toets en een prettig gestoorde draai als Gwens innerlijke zombie naar boven komt. Achterin het boek vallen nog enkele schetsen en alternatieve covers te bewonderen.

De leuke, interessante personages en de uitstekende grafische vormgeving zorgen voor puur leesplezier. Er is voldoende actie om niet te gaan vervelen, en Roberson plant een hoop zaadjes voor toekomstige ontwikkelingen. We kijken alvast uit naar het tweede volume in deze serie. iZombie smaakt -- in tegenstelling tot de hersenen die het hoofdpersonage naar binnen moet werken -- naar meer!

E-mailadres Afdrukken