Storm 26

De muiters van Anker (Jorg de Vos & Romano Molenaar)

Yann de Troyer - 04 april 2011

Storm, Roodhaar en Nomad, de stoerste science-fantasyhelden van de Lage Landen zijn terug voor een nieuw avontuur, het zesentwintigste alweer. Jorg de Vos, die sinds De Navel van de Dubbele God instaat voor de inkleuring van Storm, zorgt dit keer ook voor het scenario.

Laten we beginnen met het goede nieuws: de tandem Molenaar-de Vos levert teken- en schilderwerk af dat zonder schroom naast dat van Don Lawrence kan staan, al is het dan een trapje lager op het ereschavot. Het blijft de sterkste troef van deze reeks.

Wat het verhaal betreft, is er minder goed nieuws… Tijdens hun omzwervingen op het onherbergzame oppervlak van Pandarve komt ons onversaagde trio terecht in een geïsoleerde stad die bewoond wordt door de afstammelingen van een teloorgegane ridderorde. Ze zijn daar nog maar net bekomen van een vermoeiende reis of Roodhaar valt in handen van de slechteriken van dienst: de muiters van Anker en hun leider Shart. Roodhaar wordt in de boeien geslagen en blijft zo voor het grootste deel van het verhaal hangen. Haar borsten komen prominent in beeld, dus voor wie het daarom te doen is, zal wel tevreden zijn, maar geïnspireerd kun je dit niet noemen. Bovendien hebben we Roodhaar al vaak genoeg als damsel in distress gezien (De sluimerende dood, De piraten van Pandarve). Storm gaat solo achter Roodhaar aan al rijdend op een Dragohn (heeft u ‘m?). Nomad leidt een charge per luchtschip op het bolwerk van de vijand. Al zou er ook eens uit een ander vaatje getapt mogen worden, het levert wel een aantal fraaie actietaferelen op.

Verder lijkt de Vos duchtig te samplen uit een notitieboekje van Martin Lodewijk, die het met het vorige album (Het rode spoor) zelf ook wat liet afweten. Zoals gewoonlijk zijn er een hoop buitenaardse fauna en flora, onwaarschijnlijke klimatologische fenomenen, gigantische constructies en vreemde culturele geplogenheden aanwezig, maar er is niets dat echt verrast. Daarbij heeft de Vos eveneens Lodewijks neiging om wat te veel in tekst uiteen te willen zetten overgenomen. Naar Amerikaanse gewoonte worden er ook geen gedachtewolkjes gebruikt. In plaats daarvan zijn de bedenkingen van de personages echter gewoon in tekstballonnen geplaatst, waardoor het lijkt alsof ze wel erg breedvoerig tegen zichzelf praten -- en dat op de gekste momenten.

De Muiters van Anker is een stripboek dat je kan beoordelen op basis van de kaft: het bevat fantastische beesten en een geketende schoonheid in nood. En daar blijft het dan zo’n beetje bij. Jorg de Vos doet met zijn eerste scenario een verdienstelijke poging om in de voetsporen van zijn voorganger te treden, en bezorg ons samen met Romano Molenaar nog steeds heel wat leuke plaatjes. Het levert een album op dat vooral bestemd is voor wie zijn of haar collectie compleet wil hebben. Zijn we Storm na al die jaren misschien gewoonweg ontgroeid?

E-mailadres Afdrukken