Eisner 3 (Diverse)

Marc Bastijns - 08 maart 2010

Met een onregelmatig verschijningsritme houdt Eisner het nu toch al drie prachtig vormgegeven nummers vol. Ook deze derde aflevering bevat weer heel wat moois.

Bij het verschijnen van nummer een waren we al behoorlijk enthousiast en loofden we de ambitieuze inhoud van dit striptijdschrift dat resoluut koos voor de graphic novel. In een fijnzinnige vorm kwamen deze voorpublicaties en fragmenten nog mooier tot hun recht. Meer dan een jaar later verschijnt nu pas de derde aflevering van Eisner. Daardoor is het blad ten onrechte wat naar de achtergrond verdwenen. Toch is er ook deze keer meer dan genoeg om van te genieten.

Met Pelgrim treden Nico Stolk en Niels Bongers op het nationale voorplan. In het Utrechtse blad De Inktpot publiceerden ze eerder al verschillende verhalen die binnenkort gebundeld zullen worden. Voor Eisner maakten ze een eigen verhaal dat vooral op gebied van tekeningen ruim boven de middelmaat staat. Op Bongers’ website vinden we overigens nog tal van sterke staaltjes stripkunst. Hopelijk kan scenarist Stolk in de toekomst iets meer inhoud geven aan zijn verhalen. Pelgrim blijft te vrijblijvend om te beklijven.

Alex Skim is een andere debutant wiens verhaal echter naar meer geëngageerd werk doet verlangen. Sam Peeters levert een verhaal zonder zijn spitsbroeders van het Lameloscollectief en doet dat dan ook meteen zonder hun typische, relativerende absurdisme. Berend Vonk en Pieter Hogenbirk zijn opnieuw van de partij en tonen zich van hun beste kant. De bijdrage van Nedergod Eric Schreurs (Joop Klepzeiker) blijft ons een raadsel en ook het wat al te literaire Gids door de nacht van Saskia De Coster en Nicolas Provost was het vergeten waard. Barbara Stoks eigen invulling van stripjournalistiek overtuigde evenmin door een grote kloof tussen de beelden en de zware lappen tekst. De voorpublicatie uit Jimmy Corrigan van Chris Ware was dan weer wel een hoogtepunt. Echt verrassen doet deze klassieker natuurlijk niet meer, maar het uiteindelijke arriveren van de vertaling van deze striproman blijft een feest voor elke stripliefhebber.

Eisner brengt ook in het derde nummer atypische bijdragen van beloftevolle en ervaren auteurs en vermengt deze met de inbreng van een romanschrijfster (Saskia De Coster) of een cabaretier (Freek De Jonge). Het blad overtuigt ook door de sterke redactionele lijn en de prachtige vormgeving. Aan een ritme van drie afleveringen per (meer dan een) jaar dreigt Eisner wel telkens weer in de vergeethoek te belanden. Met de unieke bijdragen van vaak onverwachte auteurs(koppels) geeft de redactie wel een meerwaarde aan het blad. Het loont zeker de moeite om dit tijdschrift vol beeldverhalen te blijven volgen. Het stripverhaal toont zich van zijn meest veelzijdige kant.

E-mailadres Afdrukken