Het geheim van de wurger (Jacques Tardi & Pierre Siniac)

Joris Vanden Broeck - 26 februari 2007

Zal er ooit een negatieve recensie geschreven worden over Jacques Tardi? Als de klare lijn- en zwart-witgrootmeester doorgaat zoals hij de laatste jaren bezig is, zien we dat niet snel gebeuren. Het geheim van de wurger is in ieder geval een nieuwe parel in ’s mans oeuvre.

Stellen dat Tardi een voorliefde voor Parijs heeft, is als een open deur intrappen met een kaliber van Leterme die aast op de post van eerste minister. ’s Mans voorliefde voor de lichtstad resulteerde in het verleden al in prachtig tekenwerk. Zo dwaalt Isabelle Avondrood door een bevreemdend Parijs en slaat Nestor Burma het mysterie knock-out tegen de sfeervolle achtergrond van natgeregende kasseien. Het is in deze hard boiled policiers dat Tardi het meeste schik lijkt te hebben, en het is dan ook elke keer weer een plezier om een nieuw album van de man te vinden waarin moord en doodslag een belangrijke rol spelen. Voor Het geheim van de wurger baseerde Tardi zich op Monsieur Cauchemar van de in 2002 overleden auteur Pierre Siniac.

Met Het geheim van de wurger is Tardi opnieuw in de fifties beland; het lijkt wel een sprong richting oudheid wanneer je de vergelijking maakt met het vorig jaar verschenen, en zich in jaren zeventig afspelende Kleine west coast blues. Net zoals in Dodelijke spelletjes valt in dit album op hoe armoedig dat decennium —dat met Dodelijke spelletjes een aanvang neemt en hier ten einde komt — was, ondanks het nu overheersende beeld van een tijdperk vol weelde. De moderne tijd moest duidelijk nog aanbreken en de zwart-wittekeningen versterken alleen maar het gevoel van beklemming dat het verhaal uitdraagt. De scènes in het gezin van Alphonse baden in een sfeer van kleinburgerlijkheid die ronduit verstikkend is en het heel begrijpelijk maakt dat de jongen ’s nachts de benen neemt.

Het is echter door bij nacht en ontij op avontuur te trekken dat Alphonse zichzelf in een echt avontuur stort en zaken meemaakt die de doorsnee snotneus alleen kent uit spannende jongensboeken. Het begint nochtans allemaal behoorlijk onschuldig. Gedreven door verveling en een prille passie voor literatuur begaat de knaap enkele winkeldiefstallen die hem uiteindelijk meeslepen in een ingenieus opgezette serie moorden. De clou uit de doeken doen zou uiteraard de pret bederven en dat is nergens voor nodig, maar ook ditmaal heeft Tardi weer een goede keuze gemaakt en een verhaal verstript dat je tot de laatste pagina in de ban houdt, zelfs als je een aangeboren aversie hebt voor detective- en andere speurdersverhalen.

Hou tijdens het lezen overigens een mes bij de hand: net zoals in de good old fifties moeten (enkele) pagina’s van Het geheim van de wurger opengesneden worden. Of hier nostalgische motieven achter schuil gaan, is niet helemaal duidelijk, in ieder geval hoort het bij het spel dat Tardi speelt: de man heeft zichzelf vermaakt met het verzinnen van enkele alternatieve ontknopingen en deze zorgvuldig afgeschermd van nieuwsgierige ogen.

Komt er geen sleet op Tradi en zijn whodunits? Wonderwel niet, al moeten we er eerlijkheidshalve bij vermelden dat nog meer strips rond Nestor Burma wellicht te veel van het goede zou zijn. Misschien beseft Tradi dat zichzelf ook en is dat de reden dat hij de laatste jaren zelf geen nieuwe Burma’s meer getekend heeft en zijn lezers verrast met nieuwigheden zoals Kleine west coast blues en Het geheim van de wurger. Als dat een manier is om de kwaliteit van zijn werk gewaarborgd te houden, zijn wij de laatsten die bezwaar zullen uiten.

E-mailadres Afdrukken