Mannaert & De Radiguès

Weegee

Joris Vanden Broeck - 09 oktober 2016

Dat hij niet alleen een van de grootste talenten van zijn generatie is, maar ook een van de hardst werkenden onder hen, en dat is niet niks in tijden die tot eeuwig procrastinatiegedrag aanzetten. Wauter Mannaert heeft, amper anderhalf jaar na de voorganger, een nieuwe klepper uit. Ditmaal dompelt hij zich, met behulp van scenarist Max De Radiguès, onder in de wondere wereld van Weegee.

alt

Een terechte keuze, want Weegee, die overigens gewoon Arthur Fellig heette, is een van die figuren die je, mochten ze niet bestaan hebben, niet zou hebben kunnen verzinnen. Larger than life, over the top, verzin een grotesk adjectief en het is vermoedelijk absoluut gepast voor deze fotograaf, die in de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw zijn kost verdiende met het op de gevoelige plaat vastleggen van dood en ongeluk in de straten van New York, een klus waar de man zeer bedreven in was en die hem roemrucht gemaakt heeft.

Hoewel er natuurlijke stevige bedenkingen gemaakt kunnen worden bij de ethische aspecten van het werk dat Weegee verrichtte -nog los van het feit dat enige vorm van manipulatie tot het dagelijks takenpakket van de man behoorde-, was hij een echte vakman. Niet voor niets liep enkele jaren geleden Murder is my Business, een overzichtstentoonstelling met zijn werk in het FoMu en kan je vandaag in het fotomuseum van Charleroi terecht voor een portie Weegee. Het is eerder uitzonderlijk dat krantenfoto's, zeker wanneer ze over al dan niet bloederige faits divers handelen, ruim een halve eeuw na de feiten in musea als publiekstrekkers fungeren.

Dat komt door de fascinerende visuele wereld die Weegee tot leven wist te wekken in zijn beelden, een wereld die op zijn beurt tot een nieuw fascinerend universum gekneed wordt door Mannaert. Samen met De Radiguès toont hij de mens achter Weegee. Dat het hier niet om een modelexemplaar van de menselijk kunde gaat, mag duidelijk zijn, maar ook dit uitzonderlijk exemplaar is er eentje van vlees en bloed, dat net zoals zijn soortgenoten in stilte worstelt met het leven en de invulling ervan.

In stemmig zwart-wit, met een beeldvoering die zo van het bioscoopscherm geplukt lijkt, brengt Mannaert de wereld van Weegee op prachtige manier in beeld. De lezer wandelt bijna door de foto's en de buurten waarin ze tot stand gekomen zijn, proeft de walm van sigaren en alcohol waarmee de fotograaf omgeven is en voelt de spanning wanneer Weegee weer eens met een van zijn medemensen botst.

Een biografie in stripvorm is dit allerminst, maar dat hoeft geen nadeel te zijn, integendeel. De auteurs geven de kans om even mee te lopen in het leven van Weegee, wat veel leuker is dan zijn leven objectief te ontleden. Het resultaat is dan ook zoveel meeslepender dan het haspelwerk dat Robert Capa eerder dit jaar te beurt viel wanneer Florrant Silloray diens leven op papier probeerde te vatten. Punten voor Mannaert, met andere woorden, wiens oeuvre uitgebreid is met een nieuwe parel.

E-mailadres Afdrukken