Serpieri & Dufaux

Saria: 1. De Drie Sleutels

6.0
Marc Bastijns - 07 april 2013

Eén van de meesters van de erotische strip gaat mainstream. In het eerste deel werkte Paolo Serpieri samen met Jean Dufaux. Jammer genoeg blijft de bijdrage van Serpieri beperkt tot dit eerste deel.

Voluit heet de tekenaar van dit album Paolo Eleuteri Serpieri. Sinds de jaren ’70 tekent de Italiaan stripverhalen voor tal van Italiaanse pulpmagazines. Met zijn strip Morbus Gravis kiest hij in 1985 voor een serieuze ommekeer. In een science fiction omgeving laat hij zijn fraai gevormde heldin Druuna erotische avonturen beleven. Grafisch is Morbus Gravis bijzonder expliciet en tegelijk zoekt Serpieri naar realistische (zij het zwaar geïdealiseerde) lichamen. Sinds Morbus Gravis verschenen er nog zeven delen in de reeks. Druuna is in al die jaren uitgegroeid tot een icoon van het erotische stripverhaal. De voluptueuze vrouwen van Serpieri werden zijn handelsmerk. Morbus Gravis gaf ook blijk van zijn voorliefde voor onderdanige vrouwen en de strips belandden dan ook snel in de hoek van de echte pornografie. Dat etiket hebben ze nooit echt meer kunnen kwijtspelen. Met Saria maakte Serpieri in 2007 een opgemerkte overstap aan de zijde van Jean Dufaux, één van meest aanwezige scenaristen van de laatste twintig jaar. Door zijn verslechterende gezondheid is het bij één deel gebleven voor Serpieri, maar toch is het genieten van zijn indrukwekkende werk in De Drie Sleutels.

Saria is de dochter van Prins Assanti. Op diens sterfbed geeft hij zijn dochter drie sleutels, die toegang geven tot de hel, het paradijs en het niets. Aan Saria om op het juiste moment de correcte sleutel te gebruiken. De sleutels vertegenwoordigen een grote macht in Venetië, waardoor heel wat aasgieren opduiken die de sleutels maar al te graag voor zichzelf willen opeisen. Jaren later duikt Saria opnieuw op onder de naam van La Luna, die opkomt voor zwakkeren en verdrukten. In Venetië gaat het verhaal van La Luna rond en eens te meer blijken malafide types rond haar te krioelen.

Het verhaal van Saria blinkt niet meteen uit in complexiteit. Het is een typisch Dufaux-concept, aangevuld met uitbundig gearceerd werk van Serpieri. Diens voorliefde voor (vrouwen)lichamen wordt in Saria heel duidelijk. In dit album krijgt Serpieri echt de kans om uit te blinken in waar hij echt goed is. In die zin heeft Dufaux het scenario op maat van zijn kompaan geschreven, met voldoende scènes waarin de hoofdpersonages ten volle te bewonderen vallen. De opbouw van het verhaal heeft Dufaux heel rechtlijnig en vlot leesbaar gehouden. Het tweede deel van de reeks verscheen eind 2012 in het Frans. Een andere Italiaan, Riccardo Federici, heeft daarin de pen van Serpieri overgenomen. De uittreksels die online te bekijken vallen, doen alleszins het beste verhopen voor een naadloze grafische overgang tussen beide tekenaars. Laat ons nu nog maar even genieten van het werk van Paolo Serpieri, die het middelmatige verhaal van Jean Dufaux naar een hoger niveau tilt.

E-mailadres Afdrukken