Séjourné & Callède

De lokroep van de roots: 1. Harlem

6.0
Thomas Bartosik - 02 december 2012

Anna, een New Yorkse mulat, zweert op de eerste pagina van Harlem nooit haar vertrouwde omgeving te zullen verlaten. Op de laatste bladzijde scheept ze in, op weg naar een ander continent. Ze beantwoordt daarmee niet alleen de plotse lokroep van haar roots, maar vlucht ook weg voor de gevaren die aan het einde van dit eerste van drie delen de kop opsteken.

De strip speelt zich af tegen het decor van de roaring twenties. Blank en zwart leven er nog steeds gescheiden, in de speakeasies wordt alcohol illegaal aan de man gebracht en hot jazz verovert de donkere clubs van New York. Het moet gezegd: Callède weet historische gebeurtenissen naadloos in te passen in zijn script. Hij laat daarbij twee verhaallijnen met elkaar versmelten. Anna ontdekt dat haar blanke vader nog leeft en in gevaar is in het verre Afrika. Ze wil hem koste wat kost te hulp schieten, niet in het minst omdat ze hem nooit heeft ontmoet. Daarnaast komt Anna terecht in een Romeo en Julia-scenario. Ze wordt verliefd op de blanke Simon, iets wat hun respectieve omgevingen niet kunnen appreciëren. Echt origineel is het allemaal niet, maar Callède weet de intriges wel mooi te vervlechten zodat je honger krijgt naar meer.

De vorm -- dialogen, timing, sfeer... -- laat echter te wensen over. Het eerste deel van een reeks wil wel vaker traag evolueren omdat personages geduid en plots aangekondigd moeten worden -- iets waarmee wij niet het minste probleem hebben -- maar hier is de aanzet wel heel bevreemdend. In een poging om aanloop en actie te laten contrasteren, komt Anna's leefwereld eerst als buitensporig feeëriek over, waarna alles grondig misloopt op de laatste 10 pagina's. Het grootste deel van deze pilootaflevering heeft daardoor iets van een Disney-verhaaltje. In Anna's ogen zijn slechte karaktertrekken slechts façade van een goede inborst, iedereen houdt zielsveel van iedereen (bijna elke dialoog wordt tot vervelens toe afgesloten met een variant op een liefdevol "mijn kleine Anna!"), er worden dingen geroepen als "verlies de hoop niet!"... Alles moet te allen tijde op de juiste plaats vallen; zoniet wil iedereen zich reppen om de onfortuinlijke als eerste te kunnen troosten. Troost die binnen de kortste keren een glimlach op ieders gezicht tovert. Het ligt er zo dik op dat iedereen het goed meent, dat alle intermenselijke relaties verworden tot nietszeggende clichés. Voor een strip die het net daar van moet hebben, is dat geen goede zaak.

Het helpt niet bepaald wanneer ook de tekenaar er niet in slaagt om de personages enig reliëf te geven. Séjourné bezigt slechts een klein arsenaal aan gezichtsuitdrukkingen (die hij vaak ook kopieert van elders; Marcus, de slechterik, bijvoorbeeld, lijkt wel heel hard op Laurence Fishburne), waardoor hij zich in het vlakke tekenwerk telkens moet herhalen. Situaties zijn van geen tel; de reactie is steeds identiek. Wanneer er gebruik gemaakt wordt van close-ups zitten kadrage en compositie heel goed, maar bij wijdsere beelden is Séjourné allesbehalve consequent. Soms wordt het detail in de achtergrond overbenadrukt terwijl de vaak houterige lichamen op de voorgrond nauwelijks meer zijn dan enkele losse lijnen; dan weer lijkt een volledig plaatje met weinig aandacht schetsmatig opgezet te zijn.

Harlem moet het vooralsnog hebben van het potentieel: de cliffhanger doet ons hopen dat het verhaal in de volgende delen van de nodige wendingen zal worden voorzien. Pas dan kan het echt meeslepend worden. Hopelijk met een zorgvuldigere redactie van de uitgeverij, zodat er geen typfouten meer te bespeuren zijn.

E-mailadres Afdrukken