Tardi & Manchette

Gek op moorden

Eric d’Hooghe - 25 juni 2012

Toen Manchette nog leefde, was er al een samenwerking tussen hem en Tardi. Dit resulteerde in het succesvolle album Griffu, Een typisch Manchette-verhaal met de al even typische antiheld. Sinds het overlijden van Manchette, is Tardi begonnen met een gedurfde opdracht. De vertaling van drie Manchette-romans in beeld. Nummer drie is nu een feit.

Na Kleine West Coast Blues en de Sluipschutter, waagde hij zich aan een vroegere roman van Manchette: Gek op moorden (ô Dingos, ô Chateaux). We bevinden ons in het Franse noorden, begin jaren ’70. Gewezen architect Michel Hartog is een gevierd en machtig zakenman. Dit heeft hij vooral te danken aan de dood van zijn steenrijke broer en diens vrouw. Naast de erfenis van hun financiële activa, erfde hij ook de zorg over zijn neefje Peter. Voor die zorg doet hij een beroep op een nieuwe nanny, Julie Ballanger. Die vindt hij in een psychiatrische instelling.

Als ze aankomen in het miljonairshuis, worden ze overvallen door een zekere Fuentes, een oude partner van Hartog en notoir alcoholist. Hartog noemt het een, daad van jaloezie op zijn plotse succes en dient geen klacht in. Als Julie dan uiteindelijk neefje Peter ontmoet, is dit niet zo’n aangename kennismaking. Kleine Peter blijkt een ettertje te zijn en dan komt oom Michel nog met de boodschap dat hij voor een tijdje naar het buitenland moet.

Wat volgt is een onwaarschijnlijk achtervolgingsverhaal dat begint met de ontvoering van Julie en kleine Peter door vreemden in een Renault 16. De operatie wordt geleid door de Britse huurmoordenaar Thompson, die van deze laatste opdracht een erezaak wil maken. Zijn grootste zorg is echter zijn terminale maagkanker en daarnaast het geklungel van zijn handlangers, Bibi, Nénesse en Fredo. De redenen voor de ontvoering zijn zeer vaag, maar het is wel duidelijk dat Julie is voorbestemd om de zondebok te worden. Als zij en Peter er in slagen om te ontsnappen, krijgt het verhaal een heel ander ritme. Julie moet er immers in slagen om van haar achtervolgers af te raken en dat in een omgeving waar zij als schuldige wordt beschouwd.

Het verhaal is ook nu weer een kolfje naar de hand van Tardi die intussen grossiert in antihelden en vreemde verhaalwendingen. Dit neemt niet weg dat het einde toch wel een surreële anticlimax is. Het tekenwerk blijft intrigerend. Hoewel de personages van Tardi over de verschillende strips inwisselbaar zijn, blijven ze intrigeren. Ook nu weer is de heldin een doorslag van Isabelle Avondrood. Geen typische schoonheid, maar toch doordeweeks verleidelijk. De ‘goeien” en de “slechteriken” zijn even lelijk, wat dit verhaal met zijn plotwendingen zeker ten goede komt.

Het veranderen van uitgeverij werkt intussen menig verzamelaar een beetje op de zenuwen. Een Tardiverzameling valt intussen op door zijn formaatverschillen. Daarnaast zorgt dit er blijkbaar ook voor dat Tardi vooral in zwart-wit uitgeeft. Gelukkig is hij een meester in zwart-witte sfeerschepping, maar toch missen we de aparte kleurtonen uit zijn jaren ‘70- en ’80-werk. Kortom, wat voor 80% kan doorgaan voor een nieuw meesterwerkje, krijgt door het afkalvende einde het elan van een gemiste kans. Maar die 80% zal zeker volstaan voor de die hard Tardi-fans.

E-mailadres Afdrukken