Banner

Theater Antigone & MartHa!Tentatief

Sjwek

Robin D'hooge - 09 augustus 2004

Ter gelegenheid van de Zomer van Antwerpen slaan Antigone en MartHa! na Waaiendijk weer eens de handen in elkaar voor Sjwék, of zo klinkt het als ik te pletter sla. Franz en Kamiel Kafka trekken samen naar de Groote Oorlog voor het verhaal van een zorgeloze Belgische oersoldaat, die in deze vrolijke hel toch steeds weer op zijn pootjes terecht komt.

Jaroslav Hasek, satirisch journalist en notoir drinkebroer, meldde zich in 1915 als vrijwilliger voor het Oostenrijks-Hongaarse leger. Hij trok naar het Oostfront, maar liep al snel over naar de Russische kant. Terug in Praag kon hij zijn schelmenroman over de lotgevallen van de brave soldaat Svejk neerschrijven, die in de vreemdste situaties terechtkomt omdat hij de absurde bevelen van zijn oversten doodgewoon letterlijk uitvoert. Op vraag van Geert Six plantte Bart Van Nuffelen het verhaal over naar het België van de Eerste Wereldoorlog, een wereld van veldslagen, loopgraven, de belegering van Antwerpen en het glorieuze leiderschap van Koning Albert.

De acteerploeg gaat het stuk te lijf met het onstuimige enthousiasme van een jeugdbeweging op zomerkamp. Een speelstijl op maat van de Zomer van Antwerpen, en temidden van al deze uitbundigheid valt het amper op dat Vitalski, als verteller en gezel van Sjwék, Soldaat Ferket, nu niet bepaald overloopt van acteertalent. Wel integendeel, en op het binnenplein van het Atheneum wordt verder flink wat kruit verschoten, geroepen, geslagen en gehamerd. Het decor bestaat grotendeels uit al dan niet ingenieus verbouwde zeepkisten, paspoppen, vlaggen, landkaarten en rondvliegende lakens, en de ongejaste patatten vliegen met regelmaat door de lucht.

Doorheen de wereld waarin Sjwék belandt blaast een wind die zo lijkt weggelopen uit de verhalen van die andere roemruchte Pragenaar. De soldaat moet zich een weg banen door Kafka’s administratieve doolhoven voor hij kan beginnen vechten en hij wordt voortdurend belaagd door de vreemdste personages, lachwekkend en beangstigend tegelijk omdat iedereen aan hun macht en grillen overgeleverd is. Maar waar Soldaat Ferket letterlijk niet verder komt dan wat potsierlijk dansen naar de pijpen van zijn meerderen blijft Sjwék er in slagen om elke dans te ontspringen. In één ruk door haalt hij alles om zich heen onderuit, een spoor van vernieling en puin achterlatend. Ook de tragische humor waarmee Joseph Heller de krankzinnigheid van oorlogstoestanden beschrijft is nooit ver weg. Zijn Catch 22 wordt zelfs letterlijk als argument gebruikt tegen Ferket wanneer hij ontoerekeningsvatbaarheid aanvoert in een poging om aan de oorlog te ontsnappen.

Grote voorbeelden, die helaas alleen in afgekookte versie hun weg vinden naar het stuk. Ook de vaag kritische verwijzingen naar historische feiten uit de geschiedenis van ’14-’18 gaan grotendeels de mist in. In het wilde weg vallen namen (zoals die van Haig, verantwoordelijk voor de compleet zinloze Slag van Passendale), maar verder hebben de referenties teveel weg van flarden om echt effect te kunnen bereiken. De voorstelling wordt overeind gehouden door het aanhoudend hoge tempo, maar zelfs dat wordt hier en daar ondermijnd door aanslepende herhalingen. Als publiek word je geamuseerd over de streep getrokken voor je de kans krijgt om je echt te gaan ergeren. Nipt onderhoudend voor het bredere publiek waar deze gezelschappen naar op zoek gaan, met achteraf een gezellig terrasje. Zolang de zon schijnt, tenminste. Denk bij slecht weer wel twee keer na voor je besluit om voor deze voorstelling de regen te trotseren.

E-mailadres Afdrukken