Banner

Toneelgroep Amsterdam

Mind The Gap

Wim Borremans - 15 december 2001

De meningen over deze Mind the Gap bleken verdeeld. Sommigen vonden er niets aan, anderen gewaagden van een mislukt experiment. Zelf vonden wij dat Toneelgroep Amsterdam en het Kaaitheater met Mind the Gap een prachtige voorstelling brachten.

Stefan Hertmans vond voor zijn toneelstuk Mind the Gap inspiratie in de grote, Griekse tragedies. Drie vrouwen stonden op tegen de maatschappij, tegen de mannelijke onderdrukking — elk vanuit hun eigen, heel verschillende achtergrond — en dienden het te bekopen met hun leven. De gruwel van de onrechtvaardigheid. De terreur van oorlogen die de jouwe niet zijn, maar wel het leven van je dochter eisen. Het lijden dat mannen vrouwen aandoen. Fraai is het allemaal niet.

Elk om de beurt brengen Antigone, Klytaimnestra en Medea hun aanklacht naar voren. Ze roepen het lijden in herinnering, ook al is Mnemosyne, de godin van de herinnering, haar geheugen kwijt. Want het is beter dat we vergeten. Beter voor de man, opdat niemand zijn wandaden zou aanklagen. Beter ook voor de vrouw, opdat ze niet volledig ten onder gaat aan deze nachtmerrie. Antigone wou zich niet neerleggen bij het verbod haar gesneuvelde broer te begraven. Klytaimnestra kon niet aanvaarden dat haar man hun oudste dochter offerde om ten oorlog te kunnen trekken. Medea weigerde het overspel van haar echtgenoot te vergeten. De drie vrouwen gehoorzamen dus niet aan het ongeschreven spreekverbod. De gruwel moet vastgelegd worden, moet blijvend doorverteld worden.

Dit alles plaatst Hertmans in de duisternis van de ondergrondse, die eigenaardige buizenconstructie die als een worm door de stad vreet. Donkere plaatsen, waar mensen samentroepen om vervoerd te worden, zonder dat ook maar iets hen in vervoering brengt. Communicatie verdwijnt en waar mensen niet meer (kunnen? willen?) spreken met elkaar, heerst de leegte, die hard maakt, afstompt, doodt.

Enfin, u snapt het al, niet direct een doorzakkertje voor na een drukke werkdag en een copieuze maaltijd bij In den vetten os, dit toneelstuk. Ook al omdat de voorstelling een dikke twee uur duurt en je haast geen moment recuperatie krijgt. Zeker de laatste monoloog (een ronduit schitterende Marieke Heebink) duwt je de poëticale wreedheid van de tekst meedogenloos in de strot. Het publiek als een vet te mesten eend.

Daar ligt — helaas — ook de moeilijkheid van dit soort theater. Het tempo ligt zeer hoog (soms ook letterlijk, op het ratelen af), er moet enorm veel informatie verwerkt worden en die komt slechts mondjesmaat tot ons. Met als spijtig resultaat dat nogal wat mensen afhaken. Wie dat niet doet, vindt zich plots helemaal alleen midden in een zandstorm en geniet er nog van ook.

Regisseur Gerardjan Rijnders verdient alle lof voor de manier waarop hij deze tekst op het podium bracht. Ondanks de grote emoties en de zinderende ellende, slaagt hij erin om de speelstijl heel gestileerd te houden, een mooi tegengewicht voor het overweldigende. Door de actrices haast niet te laten bewegen, krijg je een sterke spanning tussen het statische beeld en de verwarring in de tekst.

Een eervolle vermelding ook voor Imeen Rijsdijk, die het lichtontwerp maakte. Zelden met zo weinig licht zo’n harde sfeer beleefd. Hier is eens te meer het bewijs geleverd dat theaterbelichting niet enkel dient om de acteurs te kunnen zien, maar dat het een volwaardig onderdeel is van het theatergebeuren. En dat realiseren is een grote kunst. Zeg maar, Kunst!

E-mailadres Afdrukken