Banner

KVS & Ro Theater

Kroum

Brecht Hermans - foto's: Kurt van der Elst - 07 mei 2008

Hoera, er mag weer gelachen worden. Komedies zijn de trend van het jaar dankzij gezelschappen als De Roovers en Skagen. Ruud Gielens doet er met Kroum nog een schepje bovenop.

Bijna tien jaar na zijn dood begint de Israëlische auteur Hanoch Levin eindelijk aan internationale naambekendheid te winnen. In eigen land was de schrijver al langer beroemd en berucht om zijn ophefmakende stukken. De overheid die een scène verbiedt waarin de Bijbelse figuur Job op een paal wordt gespietst via zijn aars, weet de aandacht van het publiek wel te trekken. Maar Levin is op meer uit dan choqueren alleen. Binnen zijn theaterwerk hebben de zwartgallige komedies waarin hij de samenleving op de korrel neemt een even belangrijk aandeel. Kroum is een van zijn stukken waarin een gesloten dorpsgemeenschap vol stereotypen de toeschouwer een wrange spiegel voorhoudt.

De tekst van Levin staat bol van de hilarische karakters. Bij zijn terugkeer van een reis naar het buitenland wordt Kroum opnieuw geconfronteerd met de inwoners van het dorp dat hij zo ver mogelijk achter zich wilde laten. Samen met hem ontmoeten we de ingebeelde zieke Toegati, het lelijke maar immer lachende eendje Doepa, het krenterige koppel Dolce en Felicia en de oude moeder van Kroum die niets liever wil dan dat haar zoon eens zou trouwen. Daar zwermen nog tal van andere dorpsgenoten omheen die allemaal één ding gemeen hebben: ze wekken met hun kortzichtigheid een enorme ergernis op bij de bittere Kroum. Hij hekelt hun kleinburgerlijke bestaan gevuld met tot olifanten gemaakte muggen.

Voor de regie tekent Ruud Gielens, die onlangs het met kerstliederen doorspekte Singhet ende weset vro maakte en als afsluiter van het seizoen bij KVS zijn visie op de actualiteit ten berde zal brengen in zijn Revue. Gielens heeft duidelijk een voorkeur voor het genre van de revue: hij wisselt een sterk gevoel voor humor af met een rake keuze in muzikale intermezzo’s. Van Kroum maakt hij tevens een aaneenschakeling van duidelijk afgeronde scènetjes, soms bijna sketches. Van achter een groot houten rek, een soort doorzichtige gevel, verschijnen de personages op het voortoneel en verlaten dat na hun act weer om plaats te maken voor het volgende tafereel. Gielens kiest voor een expliciete montage: de scène is gedaan, knip en plak, en zo blijft de vaart in de voorstelling.

Het hoge tempo waarin de scènes elkaar opvolgen, vraagt om een hoge dosis energie van de acteurs. De belangrijkste verdienste van Gielens is wellicht dat hij dat voor elkaar heeft gekregen. Hij heeft een groep mensen rond zich geschaard die voluit voor dit stuk wil gaan. Een aantal van hen komt rechtstreeks van de toneelschool en heeft duidelijk zin om te spelen. De meer ervaren acteurs doen echter niet voor hen onder. Vooral Lukas Smolders is op zijn allerenergiekst als Toegati die na een leven vol voorgewende ziektes plots echt kanker blijkt te hebben. De ironie van het noodlot, en van Hanoch Levin.

De zwartgallige humor slaat vooral in de laatste scènes van Kroum echter om in een krampachtig staaltje moralisering. Zo laat Levin de jonge Shkitt Kroum constant op de voet volgen. Hij observeert, maar doet er verder het zwijgen toe. Pas op het moment dat hij het dorp verlaat, doorbreekt hij zijn stilte. Door dit plotse contrast worden zijn woorden over de kop getild, over hun betekenis heen. Hetzelfde gebeurt met het personage van de dokter: zij staat buiten het dorpsleven, maar illustreert wel de hopeloosheid van de mens tegenover de dood. Het lijkt alsof Levin hier té hard zijn best doet om zijn spiegel van de werkelijkheid in het gezicht van de toeschouwers stuk te slaan.

Ondanks het einde dat te letterlijk toont dat Kroum geen haar beter is dan zijn zo bekritiseerde omgeving, heeft Ruud Gielens van deze Kroum een zeer aangename voorstelling gemaakt. De pretoogjes blinken tierig. Niet alleen bij de spelers, maar ook in de zaal.

E-mailadres Afdrukken