Banner

Ward Denys in Stuk

Anneleen Cosemans - 18 november 2002

Soberheid, strakke rechtlijnigheid en doorgedreven abstractie karakteriseren in een notendop de eerste tentoonstelling van dit seizoen in kunstencentrum Stuk. Beeldend kunstenaar Ward Denys (º 1975) stond aan de aftrap. Tot en met 15 december vind je werken van zijn hand in de expozaal van het kunstencentrum.

Een eerste blik op de tentoonstelling kan voor degenen die de expozaal kennen even verwarring scheppen. Ward Denys nam de ruimte stevig onder handen en deelde de zaal met behulp van gladde, antracietgrijze wanden op. Verschillende, kleinere kabinetten liggen aan beide kanten van een smalle gang die op een dwars geplaatste wand botst, eromheen krult en in een grotere ruimte uitmondt. Een doorkijkvierkant in diezelfde wand geeft je, als je binnenkomt, onmiddellijk zicht op de verborgen ruimte en de diepte van de zaal. De expozaal onderging een radicale doch omzichtige transformatie. Zelfs de zilverkleurige pilaren, die het plafond al ondersteunden voordat de kunstenaar passeerde, gaan ongemerkt op in hun nieuwe interieur.

De indeling in kleinere kabinetten en een grotere ruimte is naast vernuftig ook functioneel. Terwijl recent werk de voorste kamers bezet, vormt het achterzaaltje een terugblik op vroegere realisaties. Denys houdt zich al langer dan vandaag bezig met het vormgeven van tentoonstellingen. Sinds 1996 hielp hij tal van exposities mee op poten zetten. Zo is hij verantwoordelijk voor Ik of een ander, de huidige presentatie in Passage 44, en werkte hij mee aan de tentoonstelling van Jan Fabre in het SMAK. Ook voor zijn eigen werken construeert hij de omgeving die hij het meest geschikt acht. En die is in dit geval even sober, geometrisch en afgelijnd als het werk zelf.

Het oeuvre van Denys put vormelijk inspiratie uit de beeldtaal van de Minimal Art, een kunststroming die tijdens de jaren ’60 vanuit Amerika de oceaan overstak. Net als het minimalistische kunstwerk zijn zijn objecten hoekig en rechtlijnig. Ook het repetitieve, het herhalen van vormen en kleuren, kan je moeilijk over het hoofd zien: gipsen tabletten met dezelfde afdruk, monochrome panelen van dezelfde grootte, rond je heen vooral wit- en grijstinten. Het geheel geeft een afgetrainde, ascetische indruk, alsof alle overbodigheden en frivoliteiten onverbiddelijk weggevaagd werden.

Maar hier en daar doen hevige kleuren, het begin van een figuur en expliciete titels een ander discours vermoeden, één dat zich niet tot het louter vormelijke beperkt. Achter een hoek stoot je onverwacht op een kanariegele miniatuurluchtmatras. Op de drie ogenschijnlijk identieke doeken in één van de rechterruimtes komen na wat staren de contouren van wat lijkt op twee eilandengroepen naar boven drijven. De 24 egaal gekleurde vierkanten met als gezamenlijke titel "Portret (Mieke & Ward), zomer 2002" in de ruimte daarachter, onthullen zich als de uitvergrote pixels van een vakantiefoto. De golvende oppervlakken in de dozen achter de dwarse scheidingswand vloeiden voort uit indrukken opgedaan tijdens een reis in de Sahara.

Achter het soms koele uiterlijk van Denys’ objecten schuilen anekdotes en herinneringen: concreet opspoorbaar of intuïtief voelbaar, maar nooit eenduidig. Aan het begin van de tentoonstelling vind je een werk waarin trappen naar een leeg platform opklimmen. "Een opstapje voor de verbeelding", lees je in de korte uitleg. En dit geldt ook voor al het andere dat je ziet.

De werken van Ward Denys kan je nog bezichtigen tot 15 december 2002 in de expozaal van kunstencentrum Stuk. De deuren zijn geopend van 10u00 tot 18u00 op weekdagen, van 14u00 tot 18u00 op zondag en tot 20u30 bij een voorstelling. De toegang is gratis.

E-mailadres Afdrukken