Banner

Brussels Biennial

Re-Used Modernity

Bart Rosseels - 05 december 2008

Niet toevallig vindt de eerste biënnale in Brussel precies vijftig jaar na de grote expo plaats. De biënnale vat de vooruitgang en de moderniteit, gecelebreerd door miljoenen mensen op Expo ‘58, op als een vraag, waar de uitgenodigde kunstenaars moeizaam antwoord op proberen te geven. Het motto ‘modernisme hergebruikt’ wijst ook op de tentoonstellingsruimtes, die ooit symbool stonden voor de modernistische architectuur in Brussel maar al jaren leeg staan en nu een nieuwe (tijdelijke) functie krijgen.

{image}Curator Barbara Vanderlinden wil de traditionele grenzen tussen biënnales en hedendaagse kunstinstellingen breken en heeft in samenwerking met zeven gerenommeerde kunstinstellingen zeven verschillende tentoonstellingen opgezet, die slechts met elkaar gemeen hebben dat ze zich op een of andere manier proberen te verhouden tot de moderniteit.
Op de tentoonstelling Once is Nothing wordt het wezen van de biënnale zelf in vraag gesteld. Deze tentoonstelling is gebaseerd op de tentoonstelling Individual Systems op de 50e Biënnale van Venetië in 2003, alleen zijn de kunstwerken hier fysiek afwezig. De bezoeker moet het stellen met titelbordjes en catalogi van de Biënnale van Venetië. Aan de bezoeker om zich de werken zelf in de tentoonstellingsruimte te verbeelden. Op die manier wil de tentoonstelling ons doen nadenken over het verschil tussen biënnales, die vernieuwend horen te zijn, en musea en kunstinstellingen, die oud werk bewaren en tentoonstellen.

Als biënnales trendsettend behoren te zijn, zal de eerste biënnale van Brussel niet in de geschiedenisboeken terechtkomen. Zonder duidelijke thematische structuur is er voor elke toeschouwer wat wils. Fotocollages, sculpturen, schilderijen, video’s, maatschappijkritische kunst of meer gesloten kunst. Soms ligt de betekenis er vingerdik op; soms blijft de betekenis in het ijle zweven. Echt beklijven doet de biënnale echter zelden.
Eén van de betere tentoonstellingen is Fuck Architects: Chapter III van mounir fatmi. Het woord "architect" mag hier niet te eng opgevat worden. Dat wordt duidelijk wanneer we honderden identieke bouwwerfhelmen op de grond zien slingeren met de namen van de grootste denkers van de twintigste eeuw erop geschilderd. Architect is voor mounir fatmi iedereen die aan de hand van (al dan niet fysieke) constructies vat tracht te krijgen op deze wereld. Deze autoritaire figuren dringen hun denken op aan de wereld. Men heeft ontzag voor hen, hun namen worden met een hoofdletter gedacht. Mounir fatmi zet zich af tegen elke vorm van indoctrinatie, die, zoals hij in zijn werk laat zien, slechts tot zwart-wittegenstellingen leiden, en weigert zijn naam met een hoofdletter te schrijven.
Helemaal op het einde van de reeks tentoonstellingen, als je al op weg bent naar de uitgang, kom je in het cabinet Anciaux terecht. De naam van de expositie is geen lofbetuiging aan onze minister van Cultuur, maar aan Marie-Adèle Anciaux, Frans libertijn van de 19e eeuw. Het is het vierde kabinet van Potential Estate, dat haar experimenten steeds naar weinig bekende vrijdenkers noemt. Potential Estate is een project van verschillende kunstenaars, die gezamenlijk experimenteel en kritisch werk maken over het thema ‘residentie’. Op deze biënnale tonen ze hun film The Crying of Potential Estate, waarvan de betekenis misschien niet onmiddellijk glashelder is, maar die wel bijblijft. Het interessante is dat het werk niet gesloten is, want via de website van Potential Estate worden we uitgenodigd dieper door te dringen tot het project van Potential Estate, ja er zelfs aan te participeren.

Tot slot nog wat praktische informatie. De biënnale belooft zeventig kunstenaars en zeven tentoonstellingen te presenteren en dit op vier verschillende locaties. In het Centraal Station en de Nationale Bank van België is er echter maar één werk te zien, en de tentoonstelling Horizon & Underground in het premetrostation Anneessens toont ons utopische stadsmodellen, onder meer van Le Corbusier en Luc Deleu. Interessant om eens te gaan bekijken, maar recent, vernieuwend werk moet u er niet verwachten. Wie de sfeer van een echte biënnale wil opsnuiven, kan zich beperken tot het postsorteercentrum aan Brussel Zuid. Laat u zich daarbij niet te veel afleiden door de soms zwaarwichtige catalogusteksten, die vaak algemeen en vaag blijven. Staat immers niet alle kunst in een moeizame verhouding tot de verwezenlijkingen van haar tijd? Enkele erg sterke werken maken een bezoek echter zeker de moeite waard.

E-mailadres Afdrukken