Banner

Shooting Range. Fotografie in de vuurlinie?

FoMu, Antwerpen

6.5
Tamara Beheydt - 11 september 2014

Ook het Fotomuseum in Antwerpen draagt bij aan de herdenking rond ’14-‘18. Het presenteert een documentaire-tentoonstelling over de rol van fotografie tijdens de loopgravenoorlog.

Op vlak van scenografie en interactie is Shooting Range mee met de nieuwste trends. Op de website of bij het binnenkomen van de expo kun je de gratis app met bijkomende informatie downloaden. Ook in de zalen draait alles om interactie en verschillende media. Op een groot scherm worden foto’s tot leven gebracht, terwijl een verklarend tekstje op een ander schermpje op de grond wordt geprojecteerd in vier talen. Het is duidelijke dat deze tentoonstelling een pronkstuk moet worden en dat er echt gebrainstormd is over een vernieuwende manier van tonen. De scenografie is duidelijk doordacht en goed afgewerkt. Zo hangen postkaarten bijvoorbeeld in een doorzichtig structuur die aan het plafond hangt, waardoor de kaarten op ooghoogte en langs beide kanten te bezichtigen zijn.

De gedimde belichting is wellicht bedoeld om een soort passende sfeer te creëren in de expositieruimte. Dat maakt echter dat sommige objecten in de vitrines niet vanuit elk standpunt even goed zichtbaar zijn. Een pars pro toto voor de hele expo, want algemeen oogt alles heel mooi en boeiend, maar aan de details en de diepgang schort wat. Shooting Range vertrekt zeker vanuit interessante vraagstellingen. Op een grote muur achterin de eerste zaal zijn enkele van die vragen gedrukt: “Beeld van de oorlog of oorlog van beelden?”, “Maken foto’s de vijand?”, “Maakt fotografie WO I zichtbaar?” en “Wat blijft buiten beeld?”. Genoeg stof tot nadenken dus, maar het is jammer om vast te stellen dat de expo deze vragen eigenlijk niet grondig onderzoekt. Het gaat meer om een samenbrengen van beelden en objecten met de vragen als leidende thema’s.

Leerzaam is de tentoonstelling zeker wel. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd voor het eerst op grote schaal van fotografische beelden gebruik gemaakt, niet alleen voor propaganda, maar ook als substitutie. Een foto kan een afwezig persoon quasi aanwezig stellen. In gewone gezinnen werden portretten gemaakt van de mannen die naar het front vertrokken, maar daar bleef het niet bij. Via vernieuwende montagetechnieken konden verscheurde families op papier ook herenigd worden. Voor de soldaten zelf bestonden dan weer postkaartjes met mooie dames in nationalistisch-romantische motieven. De vrouw stond daarbij symbool voor troost, tederheid en thuis.

Verschillende trends in de fotografie kenden een doorbraak tijdens de oorlog. De camera was voor het eerst klein en handelbaar genoeg om een commercieel en populair succes te worden. Hoewel er in 1914 een verbod kwam op frontfotografie door onbevoegden, smokkelden veel soldaten een camera mee. Hiermee werd niet alleen ellende vastgelegd, maar ook -- en misschien zelfs vooral -- de kameraadschappelijke rustmomenten in de loopgraven. Amateurfotografie kende in ’14-’18 haar opgang en speelt nog steeds een grote rol in conflicten. Steeds meer amateurbeelden overspoelen de nieuwsberichtgeving, mede geholpen door de sociale media.

Hoewel de objectiviteit steeds bewaard wordt en de documentairewaarde niet ter discussie hoeft te staan, valt Shooting Range wel ten prooi aan clichés. Net als zovele andere films, documentaires en expo’s is het te nostalgisch, verleent het te veel schoonheid aan de oorlog. De bedoeling lijkt louter te informeren, waardoor de objecten als ‘mooi’ worden voorgesteld (dat zijn ze ook), maar een reflectie over hun betekenis toen en nu verloren gaat. Het accent van de expo ligt trouwens veel meer op fotografie dan op oorlog. Dat is ook logisch in het Fotomuseum, maar met de titel en de promotie wordt de bezoeker toch wat misleid. De ‘oorlog van beelden’ komt wel aan bod, maar de oorlog is hier veel meer een achtergrond voor een verhaal over de evolutie van fotografie in deze periode.

In zekere zin hebben fotografie en de Eerste Wereldoorlog elkaars evolutie bespoedigd. Beide zijden van het front kenden een nieuw wapen, het fotografische beeld, waar heel handig gebruik van werd gemaakt. Aan een foto werd immers een zekere realiteitswaarde toegekend, waardoor het een dankbaar propagandamiddel was. De oorlog zorgde echter ook voor een grotere vraag naar foto’s, waardoor (amateur)fotografie zich wellicht veel sneller verspreidde en ook de technische evolutie kon versnellen.

Shooting Range. Fotografie in de vuurlinie? loopt nog tot met 11 november 2014 in FoMu, Antwerpen.

E-mailadres Afdrukken