Banner

Isabelle Cornaro

Museum M, Leuven

6.0
Tamara Beheydt - 15 mei 2014

In de schaduw van de uitgebreid geadverteerde tentoonstelling Ravage loopt in Museum M in Leuven ook de eerste Belgische solotentoonstelling van Isabelle Cornaro.

Bovenaan de trap, voor je de eerste zaal binnenstapt, wordt een korte video geprojecteerd. Hierin wordt al meteen duidelijk hoe belangrijk materialiteit in het werk van Cornaro is. Toch is de video een beetje misleidend, want het vervolg van de tentoonstelling bestaat uit statisch, sculpturaal werk. De video straalt een zinderend mysterie en een kleurrijke kracht uit, die in de rest van de tentoonstelling ontbreken.

De Franse kunstenares onderzoekt het statuut van objecten en hoe de perceptie van voorwerpen gemanipuleerd kan worden door de context. Ze plaatst dagelijkse objecten, die ze verzamelt op rommelmarkten, op een voetstuk in een museum. Hierdoor worden ze waardevoller, maar krijgen ze ook meteen een sterkere kitscherige uitstraling. De installatie “Landschap met poussin en ooggetuigen (versie VI)” maakte ze “op maat van de zaal in M.” Of toch niet, want een nieuwe tussenwand was nodig om de blik van de toeschouwer te leiden op de manier waarop Cornaro dat wil. In deze installatie ontleedt ze de gestructureerde composities van de zeventiende-eeuwse kunstenaar Nicolas Poussin. Op de voorgrond ligt een boomstronk, als absolute eyecatcher. De rest van de ruimte is gevuld met grote objecten op kleine sokkels en kleine objecten op grote sokkels. Cornaro speelt met perspectief en materialiteit. Dankzij de hoge esthetische waarde van het werk heerst in de zaal een aangenaam rustgevende sfeer.

Cornaro’s kunst doet af en toe vaag denken aan het werk van Valérie Mannaerts, dat ook draait rond materialiteit en vormelijkheid. “Schilderij (Close-ups)” bestaat uit vier even grote rechthoeken. Op het eerste luik zijn met verf bespatte glasscherven geplakt. Een pastelgroene linnen doek neemt het hele tweede deel in beslag. Het derde luik draagt een aantal kleine gipsen beeldjes en het vierde luik bestaat uit vier kleine schilderijtjes op glas, onder elkaar aan de muur bevestigd. Mannaerts’ kunst oogt echter veel complexer en moderner. Bovendien zijn haar stukken creatiever. Cornaro integreert weinig persoonlijke toetsen, waardoor het geheel een onverschillige uitstraling heeft.

De twee triptieken “Orgon Doors I” en “Orgon Doors II” zijn gipsen afgietsels van driedimensionale collages. De gestructureerde hoopjes kettingen, schakels en juwelen doen erg barok aan, een overblijfsel van Cornaro’s opleiding als kunsthistorica, gespecialiseerd in de zestiende en zeventiende eeuw. Het gips is overschilderd in verschillende donkere tinten. Deze grauwe kleuren en de repetitieve factor maken dat deze stukken afstandelijk zijn en geen connectie aangaan met de toeschouwer.

Het decoratieve lijkt in Isabelle Cornaro’s werk te primeren. Wat in deze tentoonstelling ontbreekt, is een duidelijke theoretische context (hoe bondig ook) om de bezoeker van het tegendeel te overtuigen. Het is jammer dat Cornaro’s prioritaire bezigheid, haar sculpturaal werk, zo weinig sprekend is. De inleidende video “Cose” is het boeiendste werk. Het medium laat toe verscheidene vormen en materialen intensief te ontleden. De tentoonstelling bewijst ook dat de jonge Française meer dan genoeg artistiek potentieel heeft, maar vergeleken met de video is haar andere werk helaas statisch, minder interessant en schijnbaar betekenisloos.

Isabelle Cornaro loopt nog tot 3 augustus 2014 in Museum M, Leuven.

E-mailadres Afdrukken