Banner

Roger Ballen. Reiziger in de psyche

Museum Dr. Guislain, Gent

7.5
Guy Peters - 24 april 2014

Dat een selectie uit Roger Ballens oeuvre net op deze locatie (een afdeling van een psychiatrisch centrum) gepresenteerd wordt, is geen verrassing. Weinig kunstenaars duiken immers zo onbevreesd in de menselijke psyche, met resultaten die even bevreemdend als fascinerend zijn.

De naam Roger Ballen doet misschien nog geen belletje rinkelen bij een breder publiek, maar toch zijn velen onbewust vertrouwd met ‘s mans werk. Niet enkel door de opvallende videoclip die hij maakte voor Die Antwoords “I Fink U Freeky” (bijna 45 miljoen keer bekeken!), maar ook door een paar foto’s die intussen een iconische status bereikt hebben. De foto van de neven Dresie en Casie (rechts) die Ballen in 1993 maakte in Zuid-Afrika, waar hij intussen drie decennia woont en werkt, is een van de meest iconische en veelbesproken beelden van de moderne (documentaire) fotografie.

Het is een onderdeel van de fotoreeks ”Platteland”, die behoorlijk wat ophef veroorzaakte in volle apartheidsperiode. Ballen verzamelde aanvankelijk vooral portretten van arme, blanke Afrikaner, die vaak in onthutsende omstandigheden leefden in geïsoleerde gemeenschappen. Armoede, extreme verwaarlozing en incest waren geen uitzondering. Het leek wel alsof hij het sociaal geëngageerde werk van Walker Evans en Dorothea Lange wilde combineren met dat van Diane Arbus, nog zo’n oeuvre waarin altijd al aandacht besteed werd aan maatschappelijke outcasts.

De objecten van Ballens foto’s zijn vaak figuren die wantrouwig in de lens kijken, niet goed lijken te begrijpen wat er gaande is, of net op het puntje lijken te staan op te stappen. Als ze zich al binnenshuis bevinden, dan hebben de foto’s steevast een sterk claustrofobische sfeer. De kamers zijn leeg en witgekalkt, veel meer dan wat kabels en een kapstok vind je er niet. Het lijken haast cellen in een gesticht. Het mooiste aan de expositie is echter de evolutie die je kan zien van dat vroege werk, met de vrij “objectieve” portretten, naar het resultaat van zijn recentste project Asylum Of The Birds.

Vind je bij de oude foto’s nog een paar exemplaren die buiten gemaakt zijn, dan verschuift de nadruk later naar binnen, niet enkel fysiek maar ook mentaal. De portretten van “Platteland” krijgen in het erop volgende “Outland” en “Shadow Chamber” al een meer theatrale benadering. Ballen registreert niet meer zomaar, maar begint sterker te ensceneren: figuren worden voorgesteld in onnatuurlijke poses, gaan niet langer de confrontatie aan met de lens. Het is een stijl die hijzelf “documentaire fictie” noemt en die steeds theatraler wordt.

alt

Ballen blijft zweren bij zwart-wit en vierkante formaten, maar hij onderneemt gaandeweg een mentale reis naar een universum dat meer gelijkenissen begint te vertonen met de ontzette droomlogica van David Lynch of de surrealisten. De mensen zijn soms helemaal verdwenen in de portretten, volgetekende muren staan centraal, of je ziet lichaamsdelen in maffe opeenstapelingen van beelden. De ruimtes zijn vuiler dan ooit tevoren, de gezichten besmeurd met korstig vuil, de ogen afwijkend. De foto’s worden psychologische puzzels waarin de psyche van de kunstenaar minstens even centraal staat.

Dat krijgt zijn culminatiepunt in Asylum Of The Birds. In een filmpje dat in het museum bekeken kan worden (maar ook online staat), wordt duidelijk hoe sterk alles geënsceneerd is. Mensen, dieren en objecten worden bij elkaar gebracht in strak geregisseerde composities die inspiratie halen uit de schilderkunst, theater en film, en dichter staan bij de bombastische lijken- en mutilatietableaus van een Joel-Peter Witkin dan bij zijn eigen minidocumentaires van twintig jaar geleden.

Het zijn soms onthutsende beelden. Vogels (veelal opgesloten of op de een of andere manier gevangen genomen) zijn een constante, maar het zijn de maskers, de opengesperde, maar stille monden en de vleesgeworden nachtmerries die centraal staan. Die foto’s zijn pompeus en lijken hier en daar te mikken op makkelijke schokeffecten, maar op hun best -- zoals in de afbeelding die gebruikt werd voor de omslag van het nieuwe boek (zie foto) -- zijn het wel beelden die niet van je netvlies te krijgen zijn. Het woord “fotograaf” schiet intussen tekort. Het is echter de evolutie die je door deze zeventig foto’s kan zien die het meest beklijft en duidelijk maakt dat Ballens oeuvre wel degelijk een kroniek is van een aangekondigde waanzin. En een zoektocht naar, en reis door, zijn eigen psyche.

De tentoonstelling loopt nog tot 3 augustus 2014 en kan gecombineerd worden met “Oorlog & trauma. Soldaten en psychiaters” op dezelfde locatie. Ballens nieuwe boek wordt terplekke verkocht.

E-mailadres Afdrukken