Banner

Modernisme. Belgische abstracte kunst en Europa (1912-1930)

MSK, Gent

Inez Janssen - 09 mei 2013

Het Gentse MSK duikt enthousiast de tumultueuze periode van 1912-1930 in en haalt met Modernisme. Belgische Abstracte Kunst en Europa de meer en minder bekende Belgische modernisten van onder het stof.

Het MSK sluit naar eigen schrijven met hun nieuwe tentoonstelling in eerste instantie aan bij een eerdere expositie onder de naam Vlaams Expressionisme in een Europese Context, 1900-1930. Logisch. Men behandelt twee historisch samenvallende, maar heel andere stromingen. Interessant om de ene naast de andere te plaatsen en de contrasten in theorievorming en uitvoering te bekijken. Ware het niet dat deze eerdere tentoonstelling reeds dateert van 1990, en een groot deel van het huidige publiek drieëntwintig jaar geleden allicht nog niet veel verder geëvolueerd was in hun kunstbegrip dan het fanatiek te lijf gaan van de uitdagend blanke woonkamermuur met een arsenaal aan viltstiften. Vermoedelijk legt de doorsnee bezoeker eerder de voor de hand liggende connectie met de huidige tentoonstelling Kandinsky en Rusland in het Brusselse KMSKB, waar men eindigt met een zaal geheel gewijd aan Belgische abstracte kunstenaars.

In niet minder dan twaalf zalen wordt de bezoeker een selectie aan werken geboden van Belgische bodem, Belgische makers of hun rechtstreekse inspiratiebronnen. Zoals men ondertussen kan verwachten van zulke tentoonstellingen, betekent dit in de eerste plaats schilderijen, in de tweede plaats sculptuur en op de gedeelde derde plaats komt alles gaande van interieurelementen tot documentatiemateriaal. Met het trio Jules Schmalzigaug, Georges Vantongerloo en Marthe Donas koos het MSK meteen voor een sterke opener en een gebalde introductie tot het Belgische modernisme. Schmalzigaug, de enige Belg die reeds in de vooroorlogse periode betrokken was in de internationale ontwikkeling van het futurisme, is voor de kunsthistorisch onderlegde bezoeker een naam van formaat op dezelfde manier waarop zijn werken voor de meer vrijblijvende bezoeker een duidelijk artistiek statement zijn. Doeken als Licht + Volume: de Zon Schijnt op de Santa Maria della Salutekerk in Venetië en Dynamische Uiting van een Motorfiets in Volle Vaart ontnemen de bezoeker meteen alle houvast van de figuratieve schilderkunst. Noch een eenduidig perspectief, noch figuren. Wel kleur en dynamiek, een persoonlijke beeldtaal en bovenal een appèl aan de instinctieve emotionele impulsen van de toeschouwer in de confrontatie met een kunstwerk, in plaats van zijn intellectuele analytische geest. Vantongerloo is dan weer de sculptuurpijler van de drie en Donas’ werk nuanceert het begrip ‘abstracte kunst’ uit de tentoonstellingstitel via werken als Het Prentenboek met geabstraheerde maar duidelijk figuratieve voorstellingen.

De bezoeker wordt vervolgens door zalen gestuurd met ruim te interpreteren thema’s als ‘figuratie, defiguratie’ en ‘rigide abstractie’ waaronder werken van verschillende kunstenaars worden samengebracht. Een duidelijke rode draad – op het thema van de gehele tentoonstelling na – is zelden te vinden, maar met knappe beelden van onder meer Flouquet, Magritte en Servranckx lijkt daarover klagen kleinzerig. Helaas blijft de bezoeker voor een tentoonstelling die propageert “speciale aandacht [te hebben voor] de wisselwerking tussen beeldende kunst enerzijds, en literatuur, muziek en theater anderzijds” sterk op zichzelf aangewezen om wijs te raken uit het kluwen van magazinetitels en verenigingsnamen die zonder bijkomende informatie prijken in de tentoonstellingskasten.

Ook fotografie, architectuur en zelfs interieur werden niet uit het oog verloren bij het uitdenken van de tentoonstelling. Maar liefst twee zalen werden voorbehouden voor de fotografische vormexperimenten en een laatste toont onder andere meubels van de hand van Huib Hoste. Het feit dat deze drie zalen pas achteraan de tentoonstelling een plaats kregen en de ongelukkige keuze voor donkergrijze wanden bij het geëxposeerde fotomateriaal -- terwijl het merendeel van de andere zalen helderwit is -- maakt het echter bijzonder moeilijk niet de indruk te krijgen dat ze minderwaardige appendices zijn. In de grote hal waar de tentoonstelling eindigt, worden uiteindelijk nog een aantal films -- waaronder Man Rays La Retour à la Raison -- geprojecteerd. Ook hier weer hetzelfde probleem. Geïsoleerd zeer interessant, maar te weinig ingebed in het geheel van de tentoonstelling om een grote meerwaarde te kunnen betekenen.

Het MSK brengt met Modernisme. Belgische Abstracte Kunst en Europa geen geweldig indrukwekkende tentoonstelling, maar wel een selectie interessante werken van bij het grote publiek allicht minder bekende makers. Wie zijn zinnen zet op een overzichtstentoonstelling waarbij men stapsgewijs wordt geloodst door de ontwikkeling van het modernisme en de positie van de Belgische kunstscène in dit voornamelijk Europese verhaal, blijft op zijn honger zitten. Niettemin kan wie zelf over voldoende kunsthistorische achtergrond beschikt of simpelweg kwam voor sterke beelden, na afloop voldaan huiswaarts keren.

Modernisme. Belgische Abstracte Kunst en Europa loopt nog tot 28 juni 2013 in MSK, Gent.

E-mailadres Afdrukken