Banner

Arthur Rimbaud

Een seizoen in de hel, Bozar

Peter Mangelschots - 05 april 2004

De Franse "poète maudit" Arthur Rimbaud werd geboren in 1854. Goed twintig jaar later zat zijn literaire loopbaan er al op. Maar in de jaren daarvoor heeft hij de wereld enkele werken voor de eeuwigheid nagelaten. Naast gedichten als "Le bateau ivre" en een heleboel brieven, is er natuurlijk het opmerkelijke Une saison en enfer. Rimbaud schreef zijn meesterwerk in de periode die volgde op een tumultueus verblijf in Brussel. Geen wonder dus dat Brussel de 150ste verjaardag van Rimbaud aangrijpt voor een bijzondere tentoonstelling.

Wat is er gebeurd, die warme julimaand in het jaar 1873 ? De protagonisten zijn Arthur Rimbaud en de tien jaar oudere, even beroemde dichter Paul Verlaine. Ze kennen elkaar al enige jaren, uit de tijd van de Parijse Commune. Rimbaud, barstend van talent, loopt in zijn jeugdjaren geregeld van huis weg en in 1871 wordt hij door Verlaine uitgenodigd. Tussen Verlaine en zijn vrouw loopt het voortdurend mis, maar de twee dichters "vinden elkaar" op elk mogelijk gebied. Ze leven ongeveer een jaar samen in Parijs en Londen vooraleer Rimbaud weer naar zijn geboortedorp terugkeert. In juli 1873 treft Rimbaud dan Verlaine en diens moeder in Brussel. De labiele en alcoholistische Verlaine raakt stomdronken in een pathetisch conflict verwikkeld met de opvliegende Rimbaud, hetgeen leidt tot een bijna klassieke "crise de mariage". Het eindigt met Verlaine die zijn aanbeden vriend een kogel door de hand schiet. Hoewel de twee zich verzoenen, komt er toch een proces. Verlaine wordt veroordeeld tot twee jaar cel en Rimbaud keert terug naar de boerderij van zijn ouders waar hij Une saison en enfer schrijft.

Une saison en enfer is een kort werk, een reeks overpeinzingen, ontboezemingen en visioenen, afgewisseld met gedichten. Hoe brouw je van zoiets een voldragen tentoonstelling? Het is al niet evident om een expositie op te zetten rond een schrijver of zijn werk, en dan hebben we hier nog te maken met een van de smalste oeuvres uit de wereldliteratuur. Bozar is nochtans wonderwel in dat opzet geslaagd. Het literaire materiaal wordt via alle mogelijke dragers aangebracht: originele geschriften achter glas, uitvergrote teksten op de muren, teksten op geluidsband en teksten op beeldscherm. En naast de literatuur is er een groot aanbod aan briefwisselingen, secundaire geschriften, achtergrondinformatie en video’s.

De klemtoon ligt bijna vanzelfsprekend op de Brusselse episode. De toon wordt gezet met een videoruimte waarin Bernard Bousmanne, de conservator van het Koninklijke Handschriftenkabinet, de feiten van die dagen in Brussel in detail uit de doeken doet. Ter ondersteuning van dat verhaal is er een andere zaal met tientallen documenten uit die periode: brieven van de twee dichters, maar ook uittreksels van officiële teksten en zelfs van doktersverslagen. En dan is er de absintruimte die in een venijnig groen licht baadt. Ter verduidelijking: absint is een anijslikeur die, zeker in kunstenaarskringen, waanzinnig populair was aan het einde van vorige eeuw, maar die door de toevoeging van alsem letterlijk "gif-groen" was. Verlaine goot de drank met emmers naar binnen, en ook op de bewuste dag van het schot was hij onder invloed van "de groene fee". In de absintruimte spelen goed gekozen fragmenten uit de films die over het leven van Rimbaud zijn gemaakt (ondermeer een vrij recente met Leonardo DiCaprio in de hoofdrol). De absintruimte is het voorgeborchte van het seizoen in de hel. In een dubbele kamer staan rijen bedden die aan een ziekenzaal doen denken. Je kan er gestrekt gaan met niet alleen (de vertaling van) Une saison en enfer binnen handbereik, maar ook een hoofdtelefoon ter beschikking waardoor je de tekst kan beluisteren. Naast elk bed hangt een fiche van een scholier van dezelfde leeftijd als Rimbaud destijds, met daarop de persoonlijke gegevens van die scholier en enkele bedenkingen over het leven, de kunst en Rimbaud.

Naast Une saison en enfer zijn twee items zeker nog het vermelden waard. Toen Rimbaud het dichtersleven vaarwel zei, koos hij voor zowat het meest prozaïsche beroep dat men zich kan inbeelden: koopman. Al koos hij er dan wel weer een onherbergzame plek voor uit: Abessinië, het huidige Ethiopië. Onderweg schrijft hij nog Illuminations. In 1891 wordt hij ziek en sterft hij. De evocatie van het desolate in zijn Afrikaans avontuur wordt in kale ruimten bijzonder treffend weergegeven. Een tweede punt is de ruimte die aan Patti Smith is gewijd en waar een film over de hippies draait. De Parijse Commune was een hippietijd avant la lettre en la Smith is een notoire bewonderaarster van Rimbaud.

De afwisseling maakt de grote kracht uit van de tentoonstelling. De handschriften aan het begin brengen de dichter in één klap nabij, maar creëren ook nog een duidelijke temporele afstand. Het verhaal van het drama in Brussel en Rimbauds schamele terugtocht bij zijn ouders laten een inleving toe met het "kind" Arthur Rimbaud. Helemaal aanwezig, haast tastbaar, wordt de dichter in de zaal met de bedden waar het gonst van de puberale Sturm und Drang. Het verschil zit hem bij een tentoonstelling vaak in de details. Zo wordt het bohémienleven van Rimbaud nog eens in de verf gezet door de bezoekersgids die helemaal is uitgewerkt in de vorm van een paspoort. Rimbaud komt plots heel nabij. Bijna zoals Julien Clerc zong in "Avoir quinze ans": "tu voudrais vivre aussi ta saison en enfer".

E-mailadres Afdrukken