Banner

Theodore Dalrymple

Door en door verwend

Jurgen Boel - 07 oktober 2011

Hij geldt als een van de belangrijkste inspiratiebronnen voor Bart De Wever, staat bekend als een notoir reactionair denker en wordt zowel de hemel in geprezen als verguisd. Maar de (bittere) waarheid is dat de meeste van zijn critici, fans en criticasters Dalrymple doodeenvoudig niet gelezen hebben of anders wel met een heel gekleurde en subjectieve bril.

{image}Theodore Dalrymple, het pseudoniem van psychiater op rust Anthony M. Daniels, roept vooral controverse op. Niet verwonderlijk gezien de harde standpunten die hij inneemt in zijn boeken, columns en interviews. De belangrijkste kritiek die hij daarbij te verduren krijgt, is dat hij ongenuanceerde, reactionaire praat uitslaat die nergens op gestoeld is. En die kritiek is tot op zekere hoogte ook correct. Wie bijvoorbeeld Dalrymples laatste werk Door en door verwend er op naslaat, zal zich tijdens het lezen van de lange inleiding meermaals ergeren aan de simplistische vergelijkingen en doorgedreven cultuurkritische uitlatingen van de auteur die zich lijkt te willen profileren als een zure, oude man.

Vanaf het hoofdstuk "sentimentaliteit" komt echter een andere schrijver aan het woord en maakt Dalrymple eindelijk de ondertitel van het boek Kritiek op de sentimentele samenleving waar. Weliswaar zoekt de voormalige psychiater nog steeds de gemeenplaatsen en karikaturen op, maar tezelfdertijd wordt het moeilijker te ontkennen dat hij op die manier ook de vinger op de etterende wonde legt. Uiteraard dient hierbij steeds in het achterhoofd gehouden te worden dat Dalrymple zich op de Britse situatie focust waar bepaalde excessen in vergelijking met het vasteland groteske vormen aannemen.

Maar ook met die nuancering voor ogen blijft het aangewezen zijn woorden niet zonder meer aan de kant te schuiven in de wetenschap dat het niet alleen in Parijs dient te regenen opdat het in Brussel druppelen zou. Wie bijvoorbeeld heeft zich nog geen vragen gesteld bij de manier waarop sentimentaliteit de bovenhand neemt wanneer het om maatschappelijke kwesties gaat? Of het nu om debatten over onderwijs gaat, de veroordeling van Els Clottermans of het aantal boeken waarin een (on)bekende Vlaming een tegenslag (zoals een ernstige ziekte) te overwinnen had; steevast lijkt het ’"aanvoelen’" boven feiten en harde data te staan.

Andere mooie voorbeelden vormen de moordraid van Anders Breivig, het proces van Ronald Janssen, het overlijden van Marie-Rose Morel (Dalrymple zou geen begrip hebben voor De Wevers emotionele uithaal op haar begrafenis) of de storm die over Pukkelpop raasde. In alle gevallen dreigt de berichtgeving haast te bezwijken onder de emotioneel geladen woorden zonder dat deze noodzakelijk bijdragen tot een beter begrip van de situatie. Slachtoffers krijgen uitgebreid de kans om hun verhaal te doen of worden wanneer ze helaas overleden zijn op een voetstuk geplaatst en als verloren dierbaren behandeld waar ze tijdens het leven voor velen nobele onbekenden waren. Niet om hun dood op zich wordt gerouwd, de collectieve uiting van verdriet komt voort vanuit een persoonlijk verlangen.

Het is een gedachtegang die Dalrymple verder uitwerkt aan de hand van Britse voorbeelden (onder andere de dood van Diana en de verdwijning van Maddie McCain) maar de achterliggende gedachte blijft gelijk: hier is veeleer sprake van een collectieve verdwazing en op hol geslagen sentimentaliteit dan oprecht verdriet en rationeel analyseren. In het kielzog van de media lijkt het in het publiek opvoeren van een tranerig toneeltje oprechter dan een beheerst publiek optreden. Slachtoffers zijn heilig zolang ze bereid zijn een bepaalde rol op te nemen en deze met verve te spelen, zo niet verliezen ze alle krediet.

Het is een stevige en vaak terechte aanval die Dalrymple op bepaalde tendensen binnen deze maatschappij inzet. Maar net zoals in zijn andere werken valt opnieuw op hoe losjes hij met gegevens omspringt en feiten en data met zijn specifieke bril bekijkt. Bovendien ontbeert ook dit werk alle mededogen en begrip, waardoor het fatalisme en de teleurstelling van de idealist die Dalrymple ooit moet geweest zijn nog harder naar voren komt. Theodore Dalrymple wordt vaak als een rechtse conservatieve denker beschouwd, maar hij is veeleer een cultuurpessimist die wel de grijze tinten in de wolken ziet maar de zon die er achter priemt negeert. Door en door verwend legt de vinger op de zere wonde maar stelt terzelfdertijd een remedie voor die zo verstrekkend is dat de boodschap mee verloren gaat.

E-mailadres Afdrukken