Banner

Geert De Kockere

Helena

Hildegart Maertens - 07 oktober 2011

Helena is het eerste boek voor volwassen van Geert De Kockere. Die werd bekend als schrijver van geroemde jeugdboeken, waarin hij grote thema’s voor het jonge publiek aanschouwelijk maakte. Zijn Helena behandelt het volwassen publiek echter te schools en dat laat helaas geen fijn gevoel na.

Met Helena heeft Geert De Kockere het zichzelf niet bepaald makkelijk gemaakt. Hij wou de roman construeren als een filosofisch gedachtenproces over de kwaliteiten die de mens onderscheidt van de dieren. Een zwaarwichtig thema, dat gezien De Kockeres ervaring met dit soort beladen thematiek in zijn jeugdromans geen grote belemmering zou mogen vormen voor een interessante uitwerking. Helaas acht de schrijver het deze keer nodig om zijn ideeën meer concreet gestalte te geven: de kracht van de suggestie, die in de jeugdboeken van De Kockere welig tiert, is dus afwezig.

Nochtans is Helena niet slecht opgezet. Als beginsel nam De Kockere de vraag hoe de mens nu eigenlijk in elkaar zit. Het onderzoek dat de schrijver daaraan vasthangt, leidt naar de fundamenten van de mens. Meer concreet doet De Kockere het scheppingsverhaal nog eens over, omdat er — niet zonder ironie — "tijdens de originele schepping fouten werden gemaakt". Helena en Victor, de centrale figuren in dit hernieuwde scheppingsverhaal, worden niet voorgesteld als het ideale paar Adam en Eva, maar als gewone stervelingen, als mensen van nu. De schepper is bovendien tevreden met de kwaliteiten die hij zijn mensen gegeven heeft. Gaandeweg laat de centrale God-figuur zijn creatie steeds meer kwaliteiten krijgen, waardoor Helena en Victor zich steeds meer kunnen ontwikkelen tot het prototype van de nadenkende mens. Ze worden mensen van vlees en bloed met echte emoties en ze zijn in die mate gedifferentieerd dat De Kockere erin slaagt om zijn lezer in termen van ’"menselijkheid’" te doen denken. Ze hebben een eigen wil, ze gaan de confrontatie aan met hun geloof, ze krijgen een besef van het gegeven tijd, ze spreiden een drang tentoon om te blijven leven en hun tragische besef van de dood wakkert dat instinct aan. Verder behandelt De Kockere in Helena ook de menselijke wilskracht, de ziel als code voor het unieke van elke mens, het gevoel van spijt, het verlangen naar de ander, de hoop naar iets wat voorbij de mogelijkheden ligt, alsook de concepten vergeving, geduld, trots en veroudering.

Ambitieuzer kan een boek moeilijk zijn, maar daar lijkt De Kockere zich amper van bewust. Wel intrigerend is het vertelstandpunt van de schepper. Die wordt bij De Kockere zelf een personage: menselijk, maar tegelijk verheven boven de mens. Dat De Kockere hier tevens doordringt tot de kern van het schrijverschap, waarbij elke auteur ook als schepper geldt van zijn eigen universum, is een interessante kanttekening. De Kockere wisselt dit bovendien af met beschrijvingen van het leven van Helena en Victor, waardoor de roman toch als een gevarieerde vertelling blijft lezen.

Als conclusie moet men dus stellen dat Geert De Kockere zijn goede uitgangspunt te weinig heeft uitgewerkt en dat evenmin op een vernieuwende manier heeft gedaan. Qua niveau lijkt het boek eerder op de adolescent gericht dan op de volwassen lezer, hetgeen de korte zinnen en hoofdstukken stilistisch ook beklemtonen. Een ontgoochelende De Kockere kortom.

E-mailadres Afdrukken