Banner

Deborah Klaassen

Bek dicht en dooreten!

John Cossement - 04 februari 2011

“Het eerste waar Nederlanders aan denken, als ze iets willen verkrijgen dat hun eigen land niet oplevert, is niet het zelf te gaan maken, maar het te zoeken in den vreemde”, het is de beroemde openingszin uit Au pair van W. F. Hermans, de roman over het wedervaren van de 1,92 meter grote Paulina als au pair meisje in Parijs. En laat dat nu precies de opzet zijn van Laura, een Paulina in Facebook-tijden en het hoofdpersonage uit de debuutroman van Deborah Klaassen: Bek dicht en dooreten!.

Het boek kent best een vermakelijke ontstaansgeschiedenis. Klaassen trok naar Engeland om romanschrijfster te worden, volgde een master Creative Writing in Londen en schreef in een pub in Notting Hill als afstudeerscriptie de roman Shup Up And Eat!, die vervolgens door feministenakela Fay Weldon ("wildly imaginative and greatly entertaining - a fresh new voice") werd bewierookt. Ook uitgeverij Prometheus bleek interesse te hebben en Klaassen vertaalde en redigeerde in een mum van tijd haar werk.

Protagoniste Laura is een woman with a plan: ze wil haar Nederlandse roots achter zich laten en accentloos Engels leren spreken en niet het koffiekoekenengels waarvan bijna elke Nederlander zich bedient. Zo belandt ze tijdens haar sabbatical als au pair meisje bij het Joodse gezin Storck in Londen en staat ze in voor de opvoeding van de kleuter Ravi, het zoontje van tandarts en Einstein-lookalike Albert (die steevast de Dad wordt genoemd) en yogalerares Helen.

De roman wordt als een literaire combinatie van chicklit en horror gepromoot en om die reden vatten we met huizenhoge scepsis de lectuur van Bek dicht en dooreten! aan. De term ‘chicklit’ is op zich al spuuglelijk en het oeuvre van gevierde romancières als Helen Fielding of Candace Bushnell lijkt een nieuwe, kleinschalige Bücherverbrennung te rechtvaardigen.

Het chicklit-element is onmiskenbaar in schrijfstijl en thematiek aanwezig: in Londen gaat Laura datend, facebookend en partyend door het leven en ze wordt geplaagd door de gebruikelijke muizenissen in het hoofd van een tienermeisje: lichaamsgewicht en gepaste kledij. Het begin van de roman -- de ontmoeting aan de bagageband van de luchthaven met creepy landgenoot, Horrible Herman, die verder in de roman te pas en te onpas opduikt -- wentelt zich nog in een luchtig Giphart-sfeertje en dito dialogen maar gaandeweg doet Laura een paar naargeestige ontdekkingen in een stemming die enigszins aan De vierde man van Gerard Reve doet denken. Geleidelijk aan sluipt de Unheimlichkeit binnen met macabere scènes die uit Cannibal Corpse-lyrics lijken weggelopen.

Het resultaat is een verrassend goede Zeitgeistroman met een vleugje kafkaiaanse verontrusting en sluipende hermansiaanse beklemming, aangelengd met SM-fantasieën, nachtmerrieachtige visoenen, ongemakkelijke vervreemding en paranoia en -- soms met een jolige ondertoon -- gruwelfantasieën die uit het bizarre universum van Roald Dahl stammen. Bek dicht en dooreten! bevat elementen uit de fantastische literatuur en is ook een groteske: een hoofdrol is weggelegd voor wiebelende tanden die om zoetigheid, sigaretten, alcohol en orale seks jengelen. Een stukje behaviorisme valt niet te ontkennen, maar ook heel wat freudiaanse symboliek passeert de revue: de autoritaire vaderfiguur, het Ich- en Es-gedrag, de psycho-seksuele ontwikkeling van de mens en de psychoanalytische visie op de droom.

De 26-jarige debutante uit Leiden weet goed geoliede zinnen neer te pennen en maakt gebruik van metaforen die hout snijden. De taal (ik had zoiets van, bekken, gozer, …) past uitstekend bij een niet bijster intelligente maar wel beminnelijke 18-jarige meid. Verder zorgen de knappe observaties en beschrijvingen van personages en bruisende fantasie voor levendig proza. Klaassen bouwt gewiekst spanningbogen op en hanteert een netjes afgewogen hoeveelheid (zwarte) humor Op gepaste momenten breekt de schrijfster het tempo om daarna weer vaardig het verhaal in een stroomversnelling te brengen.

Wat brengt emigratie of afscheid van het vaderland en de moedertaal bij een individu te weeg? Wat is dan je identiteit? Hoe word ik iemand anders?, het zijn vragen die onderliggend in het boek voorkomen. Laura blijft zich doorheen de roman een ontheemde buitenstaander voelen. “Een heroïsche levensvisie is niet onnatuurlijk maar het heroïsche element schuilt juist daarin, dat het toch allemaal tot mislukking gedoemd is. Ik geloof dat sommige van mijn romanfiguren een zekere waardigheid in het ongeluk vertonen en dat is het maximum dat een mens kan voortbrengen”, zei de grote W.F. Hermans ooit tijdens een tv-interview over zijn thematiek. “Je kunt gelukkig zijn als het leven niet loopt zoals je zou willen. Iets is niet gelukt, maar er is wel geluk.”, zoals Klaassen het bondiger en nog iets meisjesachtiger in een vraaggesprek stelt.

Ook droom en werkelijkheid lijken soms in het boek te vervagen. Onwillekeurig dachten we aan de uitspraak van Schopenhauer, “Das Leben und die Träume sind Blätter eines und des nämlichen Buches”, ook al het motto van Hermans’ wurgende novellenbundel Moedwil en misverstand. De Duitse misantroop hield ook voor dat het menselijke individu, in een doelloos leven, een rusteloos actief lichaam is met een volstrekt problematische identiteit, een dier dat, gedreven door een onbewuste, natuurlijke wil, streeft en lijdt en dat in hoofdzaak seksueel en egoïstisch is. Wie het boek slechts oppervlakkig leest, zal zich prima vermaken maar gaat voorbij aan een roman die volop in de existentiefilosofie baadt. Bek dicht en dooreten! is een debuut dat er niet om liegt.

E-mailadres Afdrukken